Psychomotoriek (psychomotorische ontwikkeling)
Inleiding
Psychomotoriek: samengaan van de geest (psyche) en bewegen (motoriek), van denken en doen of handelen.
• Normale ontwikkeling van baby, peuter, kleuter, schoolkind en adolescent bespreken en onderscheiden van
een vertraagde of gestoorde ontwikkeling
• De motorische en psychomotorische ontwikkeling bespreken, uitleggen en integreren binnen een holistisch
kader in de logopedie/audiologie- opleiding
1. Begripsomschrijving ‘psychomotoriek’
Psychomotoriek = het persoonlijk intentioneel bewegen
Drietal uitgangspunten (Simons, 2004):
• Holistische visie van de mens, een visie die de motorische, cognitieve en affectieve competenties integreert
‘body and mind’
Holisme is afgeleid van het Griekse woord ‘holos’ wat letterlijk ‘geheel’ betekent. Een holistische visie betekent
dus de mens als één geheel zien door alle componenten (lichaam, geest, emotie, gedrag, gevoelens,
verlangens) samen te brengen. Affectie is het samenbrengen van sociaal-emotionele elementen.
• De leer van het menselijk zich bewegen
• De onderlinge relatie tussen het lichaam, de psyche en de omgeving
Overlap tussen verschillende elementen
Cognitie Vertaald Denken
➔
Motoriek Sociaal- Doen Voelen
emotioneel
Psychomotorische ontwikkkeling = De ontwikkeling van de motoriek in relatie tot de cognitieve, sociaal-affectieve en
zuiver motorische elementen:
- (Neuro-)motorische ontwikkeling
- Motorisch-cognitieve ontwikkeling
- Motorisch-sociaal-affectieve ontwikkeling
2. Psychomotorische ontwikkeling
Neuromotorische ontwikkeling (‘de hardware’)
Normaal geboortegewicht: 3 kg (voor jongens meestal iets meer)
Normale lengte bij geboorte: 50 cm
Normaal gewicht hersenen: 300-400 g
Gewicht menselijk brein bij geboorte = 25% van volwassen brein
Verdere toename van het breingewicht: factoren
o Meer dan 100 miljard neuronen bij geboorte
o Een deel gaat verloren tijdens migratie
o Continue toename van het aantal synapsen (connecties tussen neuronen)
o Ontwikkeling van de myelineschede rond axonen van neuronen
o Toename van het aantal neuroglia, ondersteunende cellen
o Op twee jaar: 1200 g
• De hardware van ons psychomotorisch systeem
- De neurologie/neurofysiologie van ons lichaam
- De anatomie van ons lichaam
1
, • De motoriek = de interne organisatie van de bewegingen
• De neuromotoriek = de interne neurologische organisatie van de beweging (niveau dieper)
• De motoriek en neuromotoriek zijn niet voltooid bij de geboorte (wel in aanleg aanwezig)
Van reflex naar intentioneel bewegen
De basismotorische mijlpalen
Prenataal = intra-uterine (in-utero: in de baarmoeder), tijdens het
verblijf in de baarmoeder.
Pyramide model of development is gericht op SEB-learning: social-
emotional-behavioural.
Motorische ontwikkeling
Vaak gebruikte ruwe onderverdeling:
• De grofmotorische ontwikkeling:
o Algemeen motorische mijlpalen
o Grote spiergroepen actief -> grote bewegingen
o Rollen, kruipen, zitten, stappen, tijgeren…
• De fijnmotorische ontwikkeling:
o De arm-handfunctie
o Preciezere bewegingen, specifieke delen van het lichaam
o Reiken, grijpen, loslaten, manipuleren…
Basismijlpalen:
• 4 maand: hoofd optillen
• 5 maand: armen optillen
• 8 maand: rechtop zitten
• 10 maand: rechtstaan
De 4 bewegingsrichtingen van ons lichaam:
1. De voor-achterwaartse organisatie
- Belangrijk in interactie met anderen, richten van de aandacht, overlevingsreactie/stress
2. De boven-onder organisatie
- Belangrijk voor de oprichting en de stabiliteit in het staan en het zitten
- Samenwerking tussen je gevoel en je verstand
3. De links-rechts organisatie
- Bewegingen van links naar rechts en het voelen van het onderscheid tussen beide zijden
- Belangrijk in evenwicht en in de evenwichtssturing
- Leren aanvoelen van de twee lichaamshelften, ontdekken van richtingen in de ruimte
- Onderdeel van het lichaamsschema & lateralisatie
Taal: links in hersenen
Expressief centrum (Broca)
Receptief centrum (Wernicke)
2
, 4. De rotatie
- Draaibewegingen vanuit de ruggengraat
- Zorgt voor groter bewegingsbereik rondom ons
Motorisch-cognitief (‘de software’)
• De software van ons psychomotorisch systeem:
- De sensomotorische ontwikkeling
- De perceptuomotorische ontwikkeling
Bewegen en waarnemen zijn onlosmakelijk met elkaar en met het leerproces (weten wat je waarneemt) verbonden
= het senso-perceptuo-cognitief-motorisch integratiesysteem
Van prikkel tot waarneming
Cognitief motorisch leren
• Van prikkel tot waarneming tot betekenisverlening
• Van sensatie tot perceptie
- Visuele perceptie: van kijken naar ‘zien’
- Auditieve perceptie: van geluid opvangen naar ‘horen’
- Tactiele systeem: tast
- Olfactorisch systeem: reuk
- Gustatorische systeem: smaak
- Proprioceptieve systeem: houdingsgevoel, bewegingsgevoel
- Het vestibulaire systeem: evenwicht
Sensorische integratie
• Cognitief- motorisch leren
Leren is ervaren en ontdekken al de rest is slechts informatie (Albert Einstein)
- Ontdekkende ervaringsgerichte bewegingsactiviteiten
o Buiten spelen, ravotten, springen, knutselen, duwen, knoeien met water…
- Aanbieden van ontwikkelingskansen
o Soms: ontwikkelingsstimulatie
- Valkuil: aanleren zonder het te doen
o Kennen (puur cognitief) versus kunnen (ervaren hebben)
o Kennen ≠ kunnen
• Zeer veel verschillende combinaties van waarnemen, bewegen en leren in elke ontwikkelingsfase
• Psychomotoriek = boeiend!
• Zonder goed ontwikkelde spraakmotoriek kan je niet duidelijk vertellen wat je weet
• Zonder goede oog-handmotoriek kan je niet snel genoeg een antwoord aanduiden in een tekst
• Zonder schrijfmotoriek kan je niet opschrijven wat het juiste antwoord is
Motorisch – sociaal – affectief
• 6 basisemoties
- Woede, blijdschap, verdriet, afkeer, verbazing, angst/stress
- Onbewust vaak getraind om deze gevoelens te onderdrukken
• Je beweegt zoals je bent
- Het veilige van sport- en spelsituaties
• Handig observatie- en therapiemiddel
3
, 3. Besluit
• Psychomotoriek: hogere vorm van integratie tussen ons denken en ons handelen
- Niet zomaar bewegen
- De mens die al bewegend in interactie komt met de leefwereld rondom hem
• De leer van het menselijk zich bewegen: de normale motorische ontwikkeling, de afwijkende motorische
ontwikkeling met specifieke interventies en het gebied ertussen: de diagnostiek
• De onderlinge relatie tussen kind en omgeving: je kan het kind niet alleen bekijken, maar je ziet de
voortdurende interactie tussen het individu en de omgeving waarin hij zich bevindt of waarmee hij interageert
4
Inleiding
Psychomotoriek: samengaan van de geest (psyche) en bewegen (motoriek), van denken en doen of handelen.
• Normale ontwikkeling van baby, peuter, kleuter, schoolkind en adolescent bespreken en onderscheiden van
een vertraagde of gestoorde ontwikkeling
• De motorische en psychomotorische ontwikkeling bespreken, uitleggen en integreren binnen een holistisch
kader in de logopedie/audiologie- opleiding
1. Begripsomschrijving ‘psychomotoriek’
Psychomotoriek = het persoonlijk intentioneel bewegen
Drietal uitgangspunten (Simons, 2004):
• Holistische visie van de mens, een visie die de motorische, cognitieve en affectieve competenties integreert
‘body and mind’
Holisme is afgeleid van het Griekse woord ‘holos’ wat letterlijk ‘geheel’ betekent. Een holistische visie betekent
dus de mens als één geheel zien door alle componenten (lichaam, geest, emotie, gedrag, gevoelens,
verlangens) samen te brengen. Affectie is het samenbrengen van sociaal-emotionele elementen.
• De leer van het menselijk zich bewegen
• De onderlinge relatie tussen het lichaam, de psyche en de omgeving
Overlap tussen verschillende elementen
Cognitie Vertaald Denken
➔
Motoriek Sociaal- Doen Voelen
emotioneel
Psychomotorische ontwikkkeling = De ontwikkeling van de motoriek in relatie tot de cognitieve, sociaal-affectieve en
zuiver motorische elementen:
- (Neuro-)motorische ontwikkeling
- Motorisch-cognitieve ontwikkeling
- Motorisch-sociaal-affectieve ontwikkeling
2. Psychomotorische ontwikkeling
Neuromotorische ontwikkeling (‘de hardware’)
Normaal geboortegewicht: 3 kg (voor jongens meestal iets meer)
Normale lengte bij geboorte: 50 cm
Normaal gewicht hersenen: 300-400 g
Gewicht menselijk brein bij geboorte = 25% van volwassen brein
Verdere toename van het breingewicht: factoren
o Meer dan 100 miljard neuronen bij geboorte
o Een deel gaat verloren tijdens migratie
o Continue toename van het aantal synapsen (connecties tussen neuronen)
o Ontwikkeling van de myelineschede rond axonen van neuronen
o Toename van het aantal neuroglia, ondersteunende cellen
o Op twee jaar: 1200 g
• De hardware van ons psychomotorisch systeem
- De neurologie/neurofysiologie van ons lichaam
- De anatomie van ons lichaam
1
, • De motoriek = de interne organisatie van de bewegingen
• De neuromotoriek = de interne neurologische organisatie van de beweging (niveau dieper)
• De motoriek en neuromotoriek zijn niet voltooid bij de geboorte (wel in aanleg aanwezig)
Van reflex naar intentioneel bewegen
De basismotorische mijlpalen
Prenataal = intra-uterine (in-utero: in de baarmoeder), tijdens het
verblijf in de baarmoeder.
Pyramide model of development is gericht op SEB-learning: social-
emotional-behavioural.
Motorische ontwikkeling
Vaak gebruikte ruwe onderverdeling:
• De grofmotorische ontwikkeling:
o Algemeen motorische mijlpalen
o Grote spiergroepen actief -> grote bewegingen
o Rollen, kruipen, zitten, stappen, tijgeren…
• De fijnmotorische ontwikkeling:
o De arm-handfunctie
o Preciezere bewegingen, specifieke delen van het lichaam
o Reiken, grijpen, loslaten, manipuleren…
Basismijlpalen:
• 4 maand: hoofd optillen
• 5 maand: armen optillen
• 8 maand: rechtop zitten
• 10 maand: rechtstaan
De 4 bewegingsrichtingen van ons lichaam:
1. De voor-achterwaartse organisatie
- Belangrijk in interactie met anderen, richten van de aandacht, overlevingsreactie/stress
2. De boven-onder organisatie
- Belangrijk voor de oprichting en de stabiliteit in het staan en het zitten
- Samenwerking tussen je gevoel en je verstand
3. De links-rechts organisatie
- Bewegingen van links naar rechts en het voelen van het onderscheid tussen beide zijden
- Belangrijk in evenwicht en in de evenwichtssturing
- Leren aanvoelen van de twee lichaamshelften, ontdekken van richtingen in de ruimte
- Onderdeel van het lichaamsschema & lateralisatie
Taal: links in hersenen
Expressief centrum (Broca)
Receptief centrum (Wernicke)
2
, 4. De rotatie
- Draaibewegingen vanuit de ruggengraat
- Zorgt voor groter bewegingsbereik rondom ons
Motorisch-cognitief (‘de software’)
• De software van ons psychomotorisch systeem:
- De sensomotorische ontwikkeling
- De perceptuomotorische ontwikkeling
Bewegen en waarnemen zijn onlosmakelijk met elkaar en met het leerproces (weten wat je waarneemt) verbonden
= het senso-perceptuo-cognitief-motorisch integratiesysteem
Van prikkel tot waarneming
Cognitief motorisch leren
• Van prikkel tot waarneming tot betekenisverlening
• Van sensatie tot perceptie
- Visuele perceptie: van kijken naar ‘zien’
- Auditieve perceptie: van geluid opvangen naar ‘horen’
- Tactiele systeem: tast
- Olfactorisch systeem: reuk
- Gustatorische systeem: smaak
- Proprioceptieve systeem: houdingsgevoel, bewegingsgevoel
- Het vestibulaire systeem: evenwicht
Sensorische integratie
• Cognitief- motorisch leren
Leren is ervaren en ontdekken al de rest is slechts informatie (Albert Einstein)
- Ontdekkende ervaringsgerichte bewegingsactiviteiten
o Buiten spelen, ravotten, springen, knutselen, duwen, knoeien met water…
- Aanbieden van ontwikkelingskansen
o Soms: ontwikkelingsstimulatie
- Valkuil: aanleren zonder het te doen
o Kennen (puur cognitief) versus kunnen (ervaren hebben)
o Kennen ≠ kunnen
• Zeer veel verschillende combinaties van waarnemen, bewegen en leren in elke ontwikkelingsfase
• Psychomotoriek = boeiend!
• Zonder goed ontwikkelde spraakmotoriek kan je niet duidelijk vertellen wat je weet
• Zonder goede oog-handmotoriek kan je niet snel genoeg een antwoord aanduiden in een tekst
• Zonder schrijfmotoriek kan je niet opschrijven wat het juiste antwoord is
Motorisch – sociaal – affectief
• 6 basisemoties
- Woede, blijdschap, verdriet, afkeer, verbazing, angst/stress
- Onbewust vaak getraind om deze gevoelens te onderdrukken
• Je beweegt zoals je bent
- Het veilige van sport- en spelsituaties
• Handig observatie- en therapiemiddel
3
, 3. Besluit
• Psychomotoriek: hogere vorm van integratie tussen ons denken en ons handelen
- Niet zomaar bewegen
- De mens die al bewegend in interactie komt met de leefwereld rondom hem
• De leer van het menselijk zich bewegen: de normale motorische ontwikkeling, de afwijkende motorische
ontwikkeling met specifieke interventies en het gebied ertussen: de diagnostiek
• De onderlinge relatie tussen kind en omgeving: je kan het kind niet alleen bekijken, maar je ziet de
voortdurende interactie tussen het individu en de omgeving waarin hij zich bevindt of waarmee hij interageert
4