wat is voortplanting
voortplanting → reproductie → re-productie → ≠ vermenigvuldiging
- reproductie: productie van nakomelingen
- re-productie: vervanging v/d huidige generatie door een nieuwe
doel van seksuele voortplanting
❖ uitwisseling van genetisch materiaal
1) meiotische celdeling, 1 deling van DNA (cel bevat 23 chromosomen: haploïde cellen)
2) zaadcel en eicel smelten samen bij bevruchting: unieke set van genetisch materiaal
→ genetische diversiteit
interindividuele variabiliteit + omgevingsfactoren → natuurlijke selectie
haploïde cellen (n)
❖ eicel
➢ spaarzaam met aantal voortplantingscellen: 1 cel per maand tot rijping
➢ grootste cel in menselijk lichaam (100-200µm)
❖ zaadcel
➢ 1500 zaadcellen per seconde ter productie (50-60µm)
gametogenese
❖ ‘dure’ eicellen en ‘goedkope’ zaadcellen: competitie verklaart waarom ze in grootte
verschillen
voortplanting: endocrinologie
❖ singalen uitgewisseld tussen verschillende organen via zenuwstelsel
❖ door actiepotentialen: communicatie tussen verschillende organen, elektrische
signalen doorheen zenuwbanen: gebeurt heel snel
❖ voortplantingsstelsel: endocrien systeem
➢ signalen worden uitgewisseld doorheen bloedbaan: hormoonsecreties
➢ gebruik van hormonen: traag (uren)
, Niet-zwangere vrouw
1. Gonadotropinen
❖ wat: hormonen die gonaden stimuleren
➢ 2 hormonen maken vrouw vruchtbaar, kleine glycoproteïnen
❖ welke: LH en FSH
❖ waar: adenohypofyse (aP)
❖ stimulus: GnRH = gonadotropine releasing hormoon
❖ groen: GnTH neuron
➢ regio: nucleus preaopticus - vandaar uitlopers
➢ synaps vormen met poortader in eminentia mediana
■ belangrijk want daar poortader die van hypothalamus naar aP gaat:
voorzien van bloed
➢ stimulatie van GnRH neuron zal GnRH vrijzetten aan poortader
■ door bloedbaan zal GnRH terechtkomen in adenohypofyse
❖ adenohypofyse opgebouwd uit 2 soorten cellen
➢ gonadotrope cellen - hormonen vrijzetten in bloedbaan
■ follikel stimulerend hormoon (FSH)
■ luteïniserend hormoon (LH)
➢ lactotrope cellen
■ prolactine
❖ Follikel Stimulerend Hormoon (FSH)
➢ stimuleert groei primaire follikels
➢ ontwikkeling finale follikels
❖ Luteïniserend hormoon (LH)
➢ ontwikkeling finale follikels
➢ ovulatie
❖ oestrogenen
❖ progesterone
, ❖ LH en FSH komen terecht in bloedbaan - naar ovaria: effect op groei + ontwikkeling
van eicel
➢ follikelcellen zullen oestrogenen en progesteron aanmaken
regulatie GnRH secretie door KNDy-neuronen
❖ GnRH-neuron
➢ gonadotropine release hormone
❖ KNDy-neuron
➢ kisspeptine
➢ dynorphine
➢ neurokinine B (NKB)
❖ GnRH neuronen sterk gereguleerd door KDNy-neuronen
❖ KDNy-neuronen zetten kisspeptines vrij
➢ GnRH neuronen hebben hiervoor receptor: kiss 1-receptor
➢ vrijzetting GnRH → binden aan GnRH receptor op gonadotrope cellen →
vrijzetting LH en FSH
❖ kisspeptine
➢ stimuleert GnRH secretie
❖ dynorphine
➢ endogeen opioid peptide
➢ bindt aan opioid receptor op KDNy neuron
➢ negatief effect op frequentie kiss secretie: inhiberend effect op KDNy neuron
❖ neurokinine B (NKB)
➢ tachykinin peptide
➢ bindt aan NK3 receptor op KDNy neuron
➢ positief effect op frequentie kiss secretie: stimulerend effect op vrijzetting van
kisspeptine
resultaat: vrijzetting van GnRH verloopt in pulsen, niet continu
, regulatie GnRH secretie door KNDy-neuronen is pulsatief
❖ gonadotrope cellen in adenohypofyse
➢ GnRH gesecreteerd uit GnRH neuronen is pulsatiel → LH en FSH pulsatiel
❖ LH
➢ hoge frequentie GnRH: LH-𝛽 expressie: 1 pulse/uur
❖ FSH
➢ lage frequentie GnRH: FSH-𝛽 expressie: 1 pulse/ 4 uur
regulatie GnRH secretie door ovaria
❖ oestrogeen en progesteron
❖ oestrogeen
➢ inhiberend effect op KNDy-neuron
■ gedurende vruchtbare periode van vrouw: concentratie oestrogeen
min of meer constant → constante inhibitie, verandert niet tijdens
ovariële cyclus
➢ + inhibine: inhibitie vrijzetting FSH vanuit gonadotrope cel
➢ positieve feedback op vrijzetting GnRH: meer vrijzetting + meer receptoren
voor GnRH → gonadotrope cellen zetten meer FSH en LH vrij; bij 2
voorwaarden
1) concentratie van oestrogeen moet voldoende groot zijn
2) verhoogde oestrogeen concentraties moet ten minste 50u aanwezig
zijn
→ enkel in midden v/d cyclus
❖ progesteron
➢ positieve feedback op vrijzetting Dny → meer inhibitie op KNDy-neuronen
regulatie GnRH secretie door externe factoren
❖ stress: rechtstreekse inhibitie op GnRH neuronen + KNDy-neuronen
❖ kan voordoen onder 2 condities
1) oiv negatieve energiebalans: topsporters
2) anorexia: te weinig voedselopname → lichaam in stress
❖ stress kan ook psychisch zijn → verkrijgen van onregelmatige ovulatie (of zelfs geen)
➢ bv bij IVF, pas zwanger worden als stoppen want minder stress
❖ borstvoeding: directe inhibitie GnRH neuronen + KNDy-neuronen
❖ geven van borstvoeding geeft geen 100% marge van zwangerschap, toch nog geven
van kleine hormonale pil om niet direct terug zwanger te worden