1. Neurologie
Neurologie = aantal termen die we moeten kennen en ziektebeelden.
1.1 Het cerebrovasculair accident
Begrip
Frequente aandoening: jaarlijkse incidentie 1/460. CVA = vaak in de mond
een hersenbloeding en herseninfarct genoemd (onterecht want zijn twee
verschillende termen).
Vormen
o Ischemisch = zelfde als bij hartinfarct, kan geen zuurstof gegeven
worden aan delen van bepaalde hersenen. Zuurstoftekort door probleem
in bloedvat.
Embool (voorkamerfibrillatie) = bloedklonter die afgeschoten is,
meest frequente oorzaak = als de voorkamers van het hart niet
goed samentrekken maar fladderen. In het bloed dat blijft
staan/blijft circuleren waardoor er een bloedklonter gevormd kan
worden die dan verdergaat richting hersenen/afgeschoten kan
worden.
Thrombose (arteriosclerose). Ter plaatse klonter gevormd.
Vaatverkalking, door verkalking = vernauwd bloedvat = bloed gaat
moeilijker doorstromen & turbulenties = werkt bloedklonter in de
hand. Weten dat beiden op verschillende plaatsen ontstaan. Embool
op andere plaats gevormd + afgeschoten. Thromose heeft te
maken met vernauwing in bloedvat.
o Hemorragisch. Bloeding in de hersenen. Bloedvat scheurt/barst en
daardoor bloeding in de hersenen.
Ontstaan van celdood van neuronen door gebrek aan bloedvoorziening. Zelfde
gevolg. Celdood van de neuronen (onderdeel van de hersenen), door te kort
aan bloed.
Hier hebben we een CVA, op de foto
zien we een groot aanvoerend
bloedvat met een klonter in. Groot
deel van hersenen afgesloten. Aorta
takt af naar boven, klonter kan
bloedvat in hals of hoger afsluiten.
Klonter maakt toe, bloed geraakt niet
door en gaat terugkeren.
Het hangt er ook van af waar de
klonter zich vormt, eindtakje/laatste
bloedvaatje = klein deel dat geen
bloed en zuurstof krijgt = klein stuk
kan dood gaan.
1
, Groot bloedvat = groot deel hersenen zonder bloed en zuurstof = dat stuk kan
dood gaan. Zelfde principe met de aders rond het hart die geen bloed/zuurstof
meer kunnen krijgen.
2