1 Medische - vs gezondheidspsychologie
Gezondheidspsychologie: studie van bidirectionele interactie tussen psychologische processen en
gezondheid/ziekte
3 deeldomeinen
o Leefstijl en gezondheid
o Biopsychologische interacties
o Klinische gezondheidspsychologie
Medische psychologie:
o Psychologische aspecten van medische hulpverlening
o Grote overlap met deeldomeinen 2 en 3
De 3 G’s van psychologie: gedrag (doen) – gedachten (denken) – gevoelens (voelen)
o Psychofysiologie, neuropsychologie, zingeving, motivatie, mind-body interacties
2 Inleiding
2.1 Van biomedisch naar biopsychosociaal model
Biopsychosociaal model = multifactorieel en balansmodel
Complex: dynamisch, feedback loops, circulariteit
o Model nodig om te begrijpen maar komt niet altijd overeen met realiteit
o Wetenschap = dynamisch: verandert voortdurend
Empirische cyclus van deductie en inductie
observatie leidt tot inductie (= ontwikkeling v een model) en deductie leidt tot een
model dat ontstaan is door observatie
1
, 2.2 Multifactorieel model en balansmodel
Multifactorieel
o Samenspel van vele verschillende oorzaken
o voorbeschikkende, uitlokkende (brengen iets in gaan) en onderhoudende (zorgt dat iets kan
voortbestaan) factoren
Balansmodel
Barker-hypothese = wat er gebeurt voor de geboorte (in de baarmoeder) heeft een invloed = foetal programming
o Vb: hongerwinterkinderen in NL
Vroegkinderlijke ervaringen: gehechtheid, aandacht, …
o Vb: experiment met rat jongeren
2.3 Evoluties in de geneeskunde
Van paternalisme naar autonomie en gemeenschappelijke besluitvorming
o Paternalisme: focus enkel op genezing (het biomedische) en niet op gevoelens/waarden/normen
patiënt
Doel evoluties:
o ‘genezing’: ziektevrij
o Symptoomvrij/ -verbetering
o QoL = quality of life
Ligt veel focus op, patiënten niet meer tevreden met enkel vermindering symptomen +
chronische ziektes
o Functioneren
2