Bram Vlaeminck
PACEMAKERTHERAPIE
1. HARTRITME- EN GELEIDINGSSTOORNISSEN
1.3 RITMESTOORNISSEN
VENTRICULAIRE PAROXYSMALE TACHYCARDIE
= een haard in een ventrikel neemt de taak van gangmaker over, de frequentie ligt meestal tussen de
100 à 180 / min
ECG:
- QRS-complexen zijn abnormaal van uitzichten steeds verbreed, maar volgen elkaar op, op een
regelmatige wijze
- Aangezien de prikkelgolf in de ventrikels zelf ontstaat zijn er geen P-toppen
Voorkomen: meestal bij pt met een organisch hartlijden, vooral van coronaire oorsprong, vaak in de
acute periode na een infarct
Symptomen:
- ‘HAND’ doch in ernstigere mate dan bij supraventriculaire tachycardie
Behandeling:
- Xylocaïne IV
- Indien niet succesvol à synchrone defibrillatie
VENTRICULAIRE FLUTTER EN FIBRILLATIE
= de spiervezels van de ventrikels gaan dusdanig snel en/of ongecoördineerd samentrekken dat van
een effectieve hartcontractie geen sprake meer is
ECG:
- Golvende lijn die bij flutter nog een gelijkmatig patroon vertoont
- Bij fibrillatie verloopt het patroon chaotisch
Voorkomen: vnl in de acute fase na een hartinfarct of bij gevorderde myocarddegeneratie
à is verantwoordelijk voor de meeste gevallen van plotse hartdood
Symptomen:
- Circulatiestilstand (coma, ademhalingsstilstand, geen pols meer)
Het onderscheid tussen fibrillatie en asystolie is klinisch niet te maken
, Bram Vlaeminck
Behandeling:
- Cardiorespiratoire reanimatie en elektrische defibrillatie
- Gedurende zeker tijd preventie van recidief door Xylocaïne IV
4. PACEMAKERTHERAPIE
à ondersteunt de elektrische activiteit van het hart
2 functies:
I. Het waarnemen van de eigen elektrische hartactiviteit
II. Het overbrengen van elektrische impulsen van de PM naar de hartspier
4.1 DE PACEMAKER
4.1.1 MANIER VAN PACEN
3 mogelijkheden:
- Volledig extern, transthoracaal: in urgentie in pré-hospitaal setting, met behulp van
defibrillator en specifieke pacing-pads à te traag hartritme kan zo gecorrigeerd worden tot pt.
het ziekenhuis bereikt
- Tijdelijk transveneuze PM: lead wordt veneus ingebracht via punctie van een centrale vene à
katheter wordt opgeschoven via vena cava naar RA en zo naar RV om dan in de apex van het hart
terecht te komen
Indicaties:
o Om tijd te overbruggen tot een definitieve PM
o Tijdelijk te pacen tot het probleem dat het afwijkend hartritme veroorzaak opgelost is
- Volledig implanteerbare PM: 1 of meerdere leads worden opgeschoven via een centrale vene
naar het RA en/of het RV à gebeurt niet via punctie maar wel na het maken van een insnede à
leads worden dan verbonden met PM die onderhuids ingeplant is
Op het ECG zullen de typerende spikes te zien zijn!
4.1.2 DE LEADS VAN DE PACEMAKER
à deze worden gefixeerd omdat ze voor de werking een goed contact moeten hebben met de hartspier
- Passieve fixatie: uiteinde van lead is voorzien van weerhaakjes
- Actieve fixatie: lead is voorzien van een schroef à eens lead ter plaatse is wordt schroef
uitgeschroefd à zo boort deze zich in de hartspier
PACEMAKERTHERAPIE
1. HARTRITME- EN GELEIDINGSSTOORNISSEN
1.3 RITMESTOORNISSEN
VENTRICULAIRE PAROXYSMALE TACHYCARDIE
= een haard in een ventrikel neemt de taak van gangmaker over, de frequentie ligt meestal tussen de
100 à 180 / min
ECG:
- QRS-complexen zijn abnormaal van uitzichten steeds verbreed, maar volgen elkaar op, op een
regelmatige wijze
- Aangezien de prikkelgolf in de ventrikels zelf ontstaat zijn er geen P-toppen
Voorkomen: meestal bij pt met een organisch hartlijden, vooral van coronaire oorsprong, vaak in de
acute periode na een infarct
Symptomen:
- ‘HAND’ doch in ernstigere mate dan bij supraventriculaire tachycardie
Behandeling:
- Xylocaïne IV
- Indien niet succesvol à synchrone defibrillatie
VENTRICULAIRE FLUTTER EN FIBRILLATIE
= de spiervezels van de ventrikels gaan dusdanig snel en/of ongecoördineerd samentrekken dat van
een effectieve hartcontractie geen sprake meer is
ECG:
- Golvende lijn die bij flutter nog een gelijkmatig patroon vertoont
- Bij fibrillatie verloopt het patroon chaotisch
Voorkomen: vnl in de acute fase na een hartinfarct of bij gevorderde myocarddegeneratie
à is verantwoordelijk voor de meeste gevallen van plotse hartdood
Symptomen:
- Circulatiestilstand (coma, ademhalingsstilstand, geen pols meer)
Het onderscheid tussen fibrillatie en asystolie is klinisch niet te maken
, Bram Vlaeminck
Behandeling:
- Cardiorespiratoire reanimatie en elektrische defibrillatie
- Gedurende zeker tijd preventie van recidief door Xylocaïne IV
4. PACEMAKERTHERAPIE
à ondersteunt de elektrische activiteit van het hart
2 functies:
I. Het waarnemen van de eigen elektrische hartactiviteit
II. Het overbrengen van elektrische impulsen van de PM naar de hartspier
4.1 DE PACEMAKER
4.1.1 MANIER VAN PACEN
3 mogelijkheden:
- Volledig extern, transthoracaal: in urgentie in pré-hospitaal setting, met behulp van
defibrillator en specifieke pacing-pads à te traag hartritme kan zo gecorrigeerd worden tot pt.
het ziekenhuis bereikt
- Tijdelijk transveneuze PM: lead wordt veneus ingebracht via punctie van een centrale vene à
katheter wordt opgeschoven via vena cava naar RA en zo naar RV om dan in de apex van het hart
terecht te komen
Indicaties:
o Om tijd te overbruggen tot een definitieve PM
o Tijdelijk te pacen tot het probleem dat het afwijkend hartritme veroorzaak opgelost is
- Volledig implanteerbare PM: 1 of meerdere leads worden opgeschoven via een centrale vene
naar het RA en/of het RV à gebeurt niet via punctie maar wel na het maken van een insnede à
leads worden dan verbonden met PM die onderhuids ingeplant is
Op het ECG zullen de typerende spikes te zien zijn!
4.1.2 DE LEADS VAN DE PACEMAKER
à deze worden gefixeerd omdat ze voor de werking een goed contact moeten hebben met de hartspier
- Passieve fixatie: uiteinde van lead is voorzien van weerhaakjes
- Actieve fixatie: lead is voorzien van een schroef à eens lead ter plaatse is wordt schroef
uitgeschroefd à zo boort deze zich in de hartspier