Les 1
Eiwitten
- hebben veel verschillende hoge specifieke functie
- 20 aminozuren
Aminozuren (bestaat uit?)
zijn de bouwstenen van eiwitten
- bestaat uit een zuurgroep, restgroep en aminegroep
Structuur van aminozuren
- De C is gebonden aan een aminegroep, een zuurgroep en
een rest groep
- restgroep van glycine is een waterstof
- De restgroep verschilt per aminozuur → draagt bij aan de
eigenschappen van het eiwit (driedimensionale structuur)
Atoom benaming
- Start vanaf α-koolstof en ga langs naar de R-groep
Lading bij aminozuren
aminogroepen en carboxyl groepen kunnen protonen opnemen en afstaan
→ functioneren als zwakke basen en zuren
- Bij een lage pH zijn alle groepen geprotoneerd
- Bij een hoge pH hebben alle groepen hun protonen gedoneerd
• Zwitterion → molecuul met netto lading 0 maar hebben geladen groepen
pH afhankelijke lading van aminozuren
in een zure omgeving zijn alle groepen in de "zure vorm", dus R-NH3+ en R-COOH.
In een basische omgeving zijn alle groepen in de ‘’basische vorm’’, R-NH2 en R-COO-.
→ ongeladen vorm komt bijna niet voor in oplossing
, pKa= -log Ka
Ka= [H+] [A-] / [HA]
Aminozuren kunnen als buffers gedragen → Rond hun iso-elektrische punt werken aminozuren
als buffers omdat ze protonen kunnen doneren / opnemen
De rol van pKa waardes
Zuur dissociatie constante: pKa
Het berekenen van het isoelektrisch punt:
- netto lading is 0
- minst oplosbaar in water → kan geen bindingen maken met water
- migreert niet in het elektrisch veld
pK1 + pK 2
pI =
2
pH 2 pH 6 pH 10