, 1. Handelsverrichtingen
Handelsverrichtingen
= verrichtingen ve onderneming die buitenlandse handel voert
1.1 Waarom handel?
Wie?
- handel tussen personen/bedrijven
- handel tussen landen
1.1.1 Handel tussen personen/bedrijven
oneindigheid vd behoeften & beperkte middelen
" behoeften: voedsel, kleding, woningen, auto’s, wasmachines,…
= onbeperkt
" middelen: arbeidskrachten, kapitaal, grondstoffen
= beperkt
Þ men moet kiezen
" doel: zoveel mogelijk goederen produceren?
Hoe maximale hoeveelheid goederen produceren?
- meer productiemiddelen: meer Belgen, immigratie
- technologische vooruitgang: beter machines
- arbeidsorganisatie verbeteren: arbeidsverdeling & specialisatie
Arbeidsverdeling & specialisatie
= iedereen houdt zich bezig met 1 taak (bv; bakker bakt, fietsenmaker maakt fietsen)
1 autarkie = gemeenschap waarbij iedereen in eigen behoeften voorziet
Þ taken verdelen op basis van talenten
koen heeft enkel stoelen en karen heeft enkel brood Þ handel voeren
,1.1.2 Handel tussen landen
Wet van Ricardo
" welvaart van landen gaat erop vooruit wanneer ze specialiseren in producten waarin ze
comparatieve/relatieve kosten voordelen hebben
Absolute kosten voordeel
" een land heeft een absoluut kostenvoordeel wanneer het ene land het beste is in het ene
product en het andere land in het andere product
Portugal = rood " 80u:10 = 8 eenheden wijn // 80u:10 = 8 eenheden wol
Engeland = blauw " 80u: 20 = 4 eenheden wijn // 80u: 8 = 10 eenheden wol
Þ samen hebben ze meer goederen door ruilhandel
" internationale handel loont
, Comparatieve/relatieve kostenvoordelen
Portugal is de beste in beide
" wet van Ricardo: beide landen hebben toch voordeel bij internationale handel
Relatieve kosten voor wijn zijn het laagste in Engeland
Relatieve kosten voor wol zijn laagste in Portugal
" Engeland specialiseert in wijn & Portugal in wol
Grafiek:
nodig:
- productie-eenheid / arbeidsuren per eenheid
- aantal productie-uren per dag/jaar