De overheid en de sociale kwestie (sociale kwestie: systeem dat zorgt voor minder goed leven van de arbeider)
De industrieel - de bourgeoisie:
De situatie van de arme arbeidersklasse wordt gezien als normaal, want de situatie is Gods wil.
De arbeider moet zijn leven verbeteren door hard werk, terwijl de wetgever en de industrieel weinig geven om het
lot van de arbeider.
Bijvoorbeeld: bij een loonconflict wordt de industrieel altijd gelooft
De arbeider wordt niet beschermd en de industrieën worden rijker.
Nieuwe klasse die gekenmerkt wordt door haar extreme rijkdom: bourgeoisie
Frustraties bij de arbeider:
Lonen worden uitgedrukt in spierkracht, maar eigenlijk doen de machines al het werk. Deze mechanisering leidt
tot ontslagen en de arbeider wordt op alle vlakken uitgebuit.
Gevolg: lage lonen zorgen voor extreme armoede en kinderarbeid en de frustraties nemen toe
Nieuwe klasse die gekenmerkt wordt door extreme armoede: proletariërs
De arbeider tegenover de wetgever:
De invoering van het coalitieverbod op arbeiders door Napoleon (1803) zorgt er voor dat arbeiders niet kunnen
samenkomen om hun arbeidsproblemen te bespreken en ze dus ook geen inspraak hebben in de
werkomstandigheden. In België ging dit verbod ook van kracht na de belgische onafhankelijkheid.
Het eerste verzet werd zeer gewelddadig afgehandeld. Er staan zware gevolgen op een verzet. In Groot-Brittanië
kan een verzet leiden tot de doodstraf.
In België: zware gevangenisstraf en boetes
De staat zorgt er mede voor dat arbeiders niet uit het systeem geraken.
De sociale hervormers (de oorsprong van het socialisme)
Het kapitalisme:
Het kapitalisme is een economisch systeem waarbij het doel is om zo veel mogelijk winst te maken.
Basis van het kapitalisme: grondstoffen inkopen, verwerken en doorverkopen met winst
Om je goederen of grondstoffen om te zetten in een afgewerkt product heb je productiemiddelen nodig. Deze
productiemiddelen, zoals land en machines, zijn vaak in privé-eigendom.
Door middel van mechanisering probeer je zo efficiënt mogelijk te werken om je winst te kunnen maximaliseren.
De markt bepaalt alles en reguleert zelf, dit noemt men de wet van vraag en aanbod.
Het kapitalisme neemt zich in de 19de eeuw in zijn extreemste vorm aan, dit zorgt voor de problemen op de
arbeidsmarkt. Het kapitalisme van de 19de eeuw is de basis van het hedendaagse economische systeem.