Inhoud
schema aristoteles .............................................................................................................................................................................................2
schema augustinus ............................................................................................................................................................................................3
schema thomas van aquino ...............................................................................................................................................................................4
, SCHEMA ARISTOTELES
Reactie: tegen de problematische uitspraak van Parmenides + de twee wereldentheorie van Plato
Uitgangspunt: de beweging denken
Het denken Substantie Kennis Act & potentie
Ideeën: “in ons hoofd”, in onze Categorieën hebben een drager Kennis: abstraheren van de Hoe is de verandering in de realiteit
manier van denken. nodig waarmee ze zich als essentie (+ materie) uit de mogelijk?
eigenschap kunnen verbinden: substantie
Ware kennis: op de logos, op het Verandering: act tegenover
inzicht in wat altijd overal zichzelf Substantie = hypokeimenon Ware kennis: de overeenkomst potentie. Elke substantie is een
blijft. van wat ik denk met de actuele toestand. Deze kan enkel
Individueel + scheidbaar: ze kan werkelijkheid overgaan in een andere toestand
Werkelijkheid zich ontdoen van eigenschappen doordat de act in zich de mogelijk
Werkelijkheid: het zijn & zal blijven bestaan. draagt om een verandering te
doel ondergaan.
Iets dat werkt: het zijn van de Wat is een substantie? Hoe moet de essentie worden
dingen is een kern in de dingen begrepen? Beweging: actualisering van wat
Tastbare, zintuigelijke dingen. potentieel aanwezig is: de
die deze in het zijn houdt. Alle dingen die je voor je ziet & • Doel: functie statische toestand van de dingen
kan vastpakken. Altijd een “dit”. o Dankzij de vorm is hier & nu draagt in zich reeds
Het wezen van de dingen: een ding
dynamis. Zorgt ervoor dat het zijn een andere toestand als
afgestemd op de mogelijkheid. Verandering:
op een actieve manier zichzelf Materie & vorm functie die het
blijft. doelgericht.
moet vervullen
• Doel: ziel
o De vorm: de ziel phusis
o Doel van het Het zijn: phusis
De vorm komt overeen met de
4 elementen levende wezen:
platoonse idee: de vorm is het volmaakt mens
Aristoteles gelooft in het systeem universele, enkelvoudige begrip. • Levensloze materie
zijn
dat alles denkt als een • Planten
samenstelling van de 4 DUS • Dieren
elementen: • Mensen
• Water De vorm is het resultaat van een • Goden
• Aarde veralgemening die wijzelf in ons
• Vuur denken maken.
• Lucht
schema aristoteles .............................................................................................................................................................................................2
schema augustinus ............................................................................................................................................................................................3
schema thomas van aquino ...............................................................................................................................................................................4
, SCHEMA ARISTOTELES
Reactie: tegen de problematische uitspraak van Parmenides + de twee wereldentheorie van Plato
Uitgangspunt: de beweging denken
Het denken Substantie Kennis Act & potentie
Ideeën: “in ons hoofd”, in onze Categorieën hebben een drager Kennis: abstraheren van de Hoe is de verandering in de realiteit
manier van denken. nodig waarmee ze zich als essentie (+ materie) uit de mogelijk?
eigenschap kunnen verbinden: substantie
Ware kennis: op de logos, op het Verandering: act tegenover
inzicht in wat altijd overal zichzelf Substantie = hypokeimenon Ware kennis: de overeenkomst potentie. Elke substantie is een
blijft. van wat ik denk met de actuele toestand. Deze kan enkel
Individueel + scheidbaar: ze kan werkelijkheid overgaan in een andere toestand
Werkelijkheid zich ontdoen van eigenschappen doordat de act in zich de mogelijk
Werkelijkheid: het zijn & zal blijven bestaan. draagt om een verandering te
doel ondergaan.
Iets dat werkt: het zijn van de Wat is een substantie? Hoe moet de essentie worden
dingen is een kern in de dingen begrepen? Beweging: actualisering van wat
Tastbare, zintuigelijke dingen. potentieel aanwezig is: de
die deze in het zijn houdt. Alle dingen die je voor je ziet & • Doel: functie statische toestand van de dingen
kan vastpakken. Altijd een “dit”. o Dankzij de vorm is hier & nu draagt in zich reeds
Het wezen van de dingen: een ding
dynamis. Zorgt ervoor dat het zijn een andere toestand als
afgestemd op de mogelijkheid. Verandering:
op een actieve manier zichzelf Materie & vorm functie die het
blijft. doelgericht.
moet vervullen
• Doel: ziel
o De vorm: de ziel phusis
o Doel van het Het zijn: phusis
De vorm komt overeen met de
4 elementen levende wezen:
platoonse idee: de vorm is het volmaakt mens
Aristoteles gelooft in het systeem universele, enkelvoudige begrip. • Levensloze materie
zijn
dat alles denkt als een • Planten
samenstelling van de 4 DUS • Dieren
elementen: • Mensen
• Water De vorm is het resultaat van een • Goden
• Aarde veralgemening die wijzelf in ons
• Vuur denken maken.
• Lucht