cliëntgericht communiceren met
mensen die psychisch lijden – D.
De Clercq
1. Cliëntgericht communiceren met
mensen die psychisch lijden
1.1 Wat is een gesprekstechniek?
= communicatieve vaardigheden die ons kunnen helpen om op een goede
manier een gesprek te voeren
- Als er een techniek gebruikt wordt dan wordt dit bewust gekozen
1.2 Waarom is het van belang de juiste techniek
toe te passen?
- Een doel bereiken
o Bv. de motivatie verhogen
- Bij een verkeerde techniek kan de situatie erger worden, vertrouwensbreuk
of men krijgt geen info
1.3 Welke techniek?
Het toepassen ervan hangt van enkele factoren af:
- Doel van het gesprek
- Pathologie
- Ernst van het ziektebeeld
- De visie van de afdeling
- Structuur en inhoud van het gesprek
1.4 Aandachtspunten en valkuilen tijdens
gesprekken
Aandachtspunten voor de start van een gesprek (aanvang)
- Zorg voor een veilige omgeving
- Kom zelf in de juiste stemming
- Ontvang je de gesprekspartner moet je ook merken dat je met hem bezig
bent
- Kijk voor de start naar de lichaamstaal
, Valkuilen
- Niet gaan adviseren, dit kan weerstand oproepen en een vermindert
gevoel geven val veiligheid
o Laat mensen zelf de oplossing zoeken
- Bagatelliseren
o = problemen niet kleiner maken dan ze zijn
- Interpreteren
- Moraliseren
o = eigen waarden en normen opleggen
- Vraag tijdens het gesprek waar nodig is door
o Voorkom dat je tijdens het verhaal van je gesprekspartner de vragen
niet aan het bedenken bent
1.5 Basisgespreksvaardigheden: reflectief
luisteren?
Vragen stellen
1. Open en gesloten vragen
- Tijdens een gesprek stel je afwisselend open en gesloten vragen
- Om een compleet beeld te krijgen stem je best open vragen
o Daarna kan men overgaan op gesloten vragen
- Open vragen zijn meer patiëntgericht
Open vragen
- ‘Hoe’, ‘Wat vindt u van…’, ‘Verteld eens over…’ etc.
Gesloten vragen
- Geven een eenduidig kort antwoord met ‘ja’ of ‘neen’
2. Explorerend vragen – doorvragen
- Dit is gericht op het vragen naar meer informatie
- Kan nodig zijn als je denkt dat je onvoldoende info hebt of als je aanvoelt
dat de patiënt nog niet alles over een onderwerp heeft kunnen vertellen
o Bv. ‘Wat bedoelt u?’, ‘Hoezo?’ etc.
3. Copingvragen
- Dit is de manier waarop iemand met zijn problemen omgaat
- Je informeert naar de oplossingsstrategieën van de patiënt
- Het is niet de bedoeling de verantwoordelijkheid af te schuiven of klachten
te bagateliseren
- Het is belangrijk dat je zicht krijgt op wat de patiënt zelf al van acties heeft
ondernomen
4. Schaalvragen
- Wordt gebruikt om een klacht/probleem voor de patiënt concreet en
toegankelijk te maken
- Het geeft voor de zorgverlener en voor de patiënt duidelijkheid hoe erg
een probleem aanwezig is en ervaren wordt
- Laat zien wanneer een klacht sterker of net minder ster of niet aanwezig is