Inhoudsopgave
College fysiologie neurologische hoofdlijnen...................................................................................... 1
Fysiologie neurologie hersencirculatie ................................................................................................ 9
Fysiologie neurologiefysiologie in actie ............................................................................................ 14
Neurologie fysiologie baansystemen en ruggenmerg....................................................................... 20
Neurologie anatomie/fysiologie symptomen verklaren ................................................................... 25
College fysiologie neurologische hoofdlijnen
Leerdoelen
• de in hoofdstuk 6 beschreven indelingen (anatomische en functionele termen) en modellen van het
zenuwstelsel beschrijven. (inclusief witte stof/ grijze stof)
• de structuur en functies van de onderdelen van het centrale zenuwstelsel beschrijven en de verbindingen
(projectie, associatie en commissuurvezels) tussen deze onderdelen beschrijven zoals in hoofdstuk 6.
• De hogere hersenfuncties op de hersensschors lokaliseren, de lateralisatie van de hersenen beschrijven.
• Neuroanatomie en neurofysiologie van het centraal zenuwstelsel
• Beschrijving van neuroanatomische topografie en functionele samenhang
• Indeling opbouw animale en vegetatieve (autonome) zenuwstelsel.
• Modellen van het zenuwstelsel
Motorisch
- Vanuit hersenen signaal naar spier
- Hoe hoger de A.P. frequentie hoe sterker de spiercontractie
Sensorisch
- Tast van de huid geeft een signaal naar de hersenen
- Hoe sterker de stimulus, hoe hoger de A.P. frequentie , des te sterker de waarneming
Beschadiging zenuw: je hersenen zeggen met veel kracht, maar de zenuwvezels geven maar een lage
frequentie door bij de zenuwvezels = krachtsvermindering
Vermindering kracht/verlamming = parese
Vermindering gevoel = hyposthesie
Helemaal geen gevoel = parasthesie
Geen contractie = paralyse
Linker lichaamshelft aangedaan: rechter hemisfeer
Rechter lichaamshelft aangedaan: linker hemisfeer
,Allebei de benen zijn aangedaan: er is wat gebeurd in het ruggenmerg
Neuron: zenuwcel
Zenuwvezel: neuron + omringende schede (myelineschede)
Axon: lange uitloper van zenuwcel
Zenuw: bundel neuronen in het perifere zenuwstelsel
Tractus: bundel neuronen in het centrale zenuwstelsel
Centrale zenuwstelsel: hersenen en ruggenmerg
Perifere zenuwstelsel: perifere zenuwen
- Hersenzenuwen (12 paren)
- Spinale zenuwen (31 paren)
Tractus: bundel met allemaal neuronen erin.
Afferenten: sensorische neuronen van verschillende modaliteiten
Efferenten: motorneuronen.
Afferent: aanvoerend
Efferent: wegvoerend
Ascenderend: zenuwvezel die omhoog loopt
Descenderend: zenuwvezel die omlaag loopt
, Achterhoofdskwab: occipitaal kwab. Betrokken bij het zien
Pariëtaal kwab: betrokken bij zintuigelijke en cognitieve functies. Zoals
aandacht, ruimtelijk inzicht, rekenen en lezen.
Frontaal kwab: betrokken bij cognitieve, emotionele processen zoals plannen en
doelgericht handelen.
Gyrus cinguli: tot stand komen van emoties en motivatie. Is onderdeel van
limbisch systeem
Kleine hersenen: ook wel cerebellum. Evenwicht en motoriek
Gebied van Broca: spraakcentrum. Motorische afasie kan voorkomen. Moeite met begrijpen en het
spontaan iets nazeggen.
Gebied van Wernicke: belangrijk om de taal te begrijpen. Sensorische afasie kan voorkomen
Hersenstam: vormt verbinding tussen ruggenmerg, kleinen hersenen en
grote hersenen.
Hypofyse: vormt de schakel tussen het centrale zenuwstelsel en het
hormoonstelsel.
Hypothalamus: handhaven van interne milieu (homeostase)
Thalamus: ligt aan de bovenkant van de hypothalamus. Belangrijke rol van
selectie van prikkels die doorgegeven moeten worden aan de verschillende
delen van de hersenschors.
Linker hemisfeer:
- Rechter lichaamshelft
- Taalvaardigheden en handelen
- Afasie (taalstoornis)/apraxie (handelen)
Rechter hemisfeer:
- Linker lichaamshelft
- Voelen, uitdrukken, waarnemen emotie
- Visueel ruimtelijke waarneming
- Agnosie (herkennen), neglect (geen aandacht voor de stimuli afkomstig van een lichaamshelft)