Deel 1: Evenwicht
Marktevenwicht komt tot stand bij: vraag=aanbod.
Marktwerving= de vrije werking van vraag en aanbod, waarbij een
evenwichtsprijs tot stand komt.
Evenwichtsprijs: Qa=Qv.
Evenwichtshoeveelheid: p invullen in Qa of Qv.
Omzet: TO=p*q
Deel 2: Consumenten- en producentensurplus
Betalingsbereidheid= het bedrag dat de vrager (koper)
maximaal wil betalen voor een product.
De vraaglijn geeft de betalingsbereidheid weer.
Verkoopbereidheid= het bedrag dat een aanbieder (verkoper)
minimaal wil hebben voor een product.
De aanbodlijn geeft de verkoopbereidheid weer.
De surplus tekenen:
1) Teken de vraag- en aanbodlijn. Houdt hier rekening met de
assen.
2) Vindt het snijpunt Qa=Qv, en trek vanaf dit punt een
stippellijntje richting de p-as.
3) Benoem de twee surplus: de bovenste driehoek is het
consumentensurplus, en de onderste driehoek is het
producentensurplus.
, Het consumentensurplus berekenen:
1) Teken de surplus volgens het teken-stappenplan. (Soms is dit al
voor je gedaan in een bron).
2) Lengte p=Pboven-Pstippellijn.
3) Lengte q=Qqa=Qv-Qp-as. (Een tip: q is ALTIJD 0 bij de p-as!)
4) Oppervlakte consumentensurplus=0,5*Lengte p*Lengte q.
Het producentensurplus berekenen:
1) Teken de surplus volgens het teken-stappenplan. (Soms is dit al
voor je gedaan in een bron).
2) Lengte p=Pstippellijn-Ponder.
3) Lengte q=Qqaqv-p-as. (Een tip: q is ALTIJD 0 bij de p-as!)
4) Oppervlakte producentensurplus=0,5*Lengte p*Lengte q.
Surplus en welvaart: hoger surplus=hogere welvaart.
Het consumentensurplus + het producentensurplus samen is
maximaal bij marktevenwicht.
Deel 3: ingrijpen van de overheid op de markt
Dat kan op 5 manieren:
- Minimumprijs (garantieprijs) vaststellen.
- Minimumprijs (garantieprijs) met quotum vaststellen.
- Maximumprijs vaststellen.
- Prijsverhogende (indirecte) belastingen vaststellen.
- Prijsverlagende subsidies geven.