Samenvatting: Levenscyclus van GM
I. Inleiding
GM?
Substantie met therapeutische of profylactische eigenschappen t.o.v.
ziekten
- Verbeteren van de gezondheid
- Verhogen van de levensverwachting
WERKING:
Stimulatie of inhibitie van een specifiek mechanisme op een
bepaalde plaats in het biologisch proces.
Verstoord evenwicht herstellen
Therapeutische respons
DOEL VAN HET VAK:
Molecule in proefbuis => commercieel preparaat.
Wat zijn de stadia?
De verschillende stadia:
I. Ontdekking van het GM
Kan uitgroeien tot een GM
Een component met therapeutische of profylactische
activiteit t.o.v. een bepaalde aandoening identificeren
A. Toeval
- Nevenwerkingen van bepaalde moleculen.
(Vb.: Viagra, acetylsalicylzuur)
B. Planten
- Kunnen synthetisch gemaakt worden
- Isolatie en identificatie actieve component
(Vb.: morfine, cocaïne)
C. Verbeteren bestaande moleculen
- Eigen patent versterken
- Patent van concurrent omzeilen
D. Trial & error
= gebeurt simpel, niet in een muis wel in cel- of weefselcultuur,
modelorganisme.
- Target identification = biologische target identificeren
Kennis ‘biological pathway’ = NOODZAKELIJK
- Screening moleculen = interactie tussen molecule en
target?
Verkrijgen van bibliotheek van moleculen.
, - Lead identification = moleculen met voldoende
potentieel identificeren.
- Lead optimization = structuur aanpassen om kandidaat-
GM te optimaliseren.
Hoogst potentiële moleculen selecteren bij het
ontwikkelingsproces.
E. Rationele geneesmiddelontwikkeling
- 3D-stuctuur van het target =>
o Specifieke synthese
o Binding is duidelijk
II. Synthese/ isolatie van het GM
Voldoende hoeveelheden
Economisch rendabel
2 SOORTEN:
Chemische synthese
Natuurlijke oorsprong
= werkzame componenten kunnen al geïsoleerd worden
III. Toxiciteit
Evaluatie voor toediening aan de mens sinds
15de eeuw
- Ideaal GM = hoge affiniteit (lage dosis)
+ hoge selectiviteit (enkel effect op het
target)
Lage dosis + minimaal risico op nevenwerkingen
- Toxiciteit na éénmalige toediening en
langdurig chronisch gebruik
Acute toxiciteit, subacute toxiciteit, chronische
toxiciteit
SOORTEN TOXICITEIT:
Carcinogeniciteit = worden er tumoren gevormd?
(Muizen en ratten)
Mutageniciteit = genetische schade?
(In-vitro en in-vivo)
Teratogeniciteit = schade aan ongeboren kind?
(In-vitro en in-vivo (embryonale
ontwikkeling))
IV. Formulatie
Omzetten naar een bruikbare vorm
- Toevoegen hulpstoffen
- Welke doseringsvorm:
o Vlotte inname
, o Oplosbaarheid (aan te passen met hulpstoffen)
o Patiënt compliance
Geschikt
Geur en smaak
o Stabiliteit
Bewaaromstandigheden
V. Farmacodynamiek/farmacokinetiek
Wat gebeurt er met het GM in het lichaam?
Toediening proefdieren
o Biologische beschikbaarheid
o Effecten evalueren
ADME:
Absorptie:
- Hoe
- In welke mate
- Vb.: prodrug, penetreert vlotter in de huid.
Distributie:
- Hoe wordt het verdeeld in het lichaam
Metabolisatie:
- Hoe wordt het afgebroken
Excretie:
- Hoe wordt het verwijderd
VI. Klinische studies
Therapeutische activiteit na toediening aan
proefpersonen
Pas wanneer in-vitro- en dierenproeven tonen
activiteit en is voldoende veilig
FASEN MET TOENEMENDE COMPLEXITEIT (risico’s beperken)
- FASE 1 = mensen
o 20 – 100 gezonde vrijwilligers (niet therapeutisch)
o Doel?
Veilig om verder te testen?
Ernstige nevenwerkingen?
Limiet klinische dosisrange
ADME
- FASE 2 = patiënten
o 100 – 300 patiënten
o Doel?
Therapeutisch efficiënt?
Korte termijn veilig?
ADME doelgroep
Dosis
- FASE 3 = patiënten
o 1000 – 3000 patiënten
o Doel?
Efficiëntie en veiligheid in grote populatie
I. Inleiding
GM?
Substantie met therapeutische of profylactische eigenschappen t.o.v.
ziekten
- Verbeteren van de gezondheid
- Verhogen van de levensverwachting
WERKING:
Stimulatie of inhibitie van een specifiek mechanisme op een
bepaalde plaats in het biologisch proces.
Verstoord evenwicht herstellen
Therapeutische respons
DOEL VAN HET VAK:
Molecule in proefbuis => commercieel preparaat.
Wat zijn de stadia?
De verschillende stadia:
I. Ontdekking van het GM
Kan uitgroeien tot een GM
Een component met therapeutische of profylactische
activiteit t.o.v. een bepaalde aandoening identificeren
A. Toeval
- Nevenwerkingen van bepaalde moleculen.
(Vb.: Viagra, acetylsalicylzuur)
B. Planten
- Kunnen synthetisch gemaakt worden
- Isolatie en identificatie actieve component
(Vb.: morfine, cocaïne)
C. Verbeteren bestaande moleculen
- Eigen patent versterken
- Patent van concurrent omzeilen
D. Trial & error
= gebeurt simpel, niet in een muis wel in cel- of weefselcultuur,
modelorganisme.
- Target identification = biologische target identificeren
Kennis ‘biological pathway’ = NOODZAKELIJK
- Screening moleculen = interactie tussen molecule en
target?
Verkrijgen van bibliotheek van moleculen.
, - Lead identification = moleculen met voldoende
potentieel identificeren.
- Lead optimization = structuur aanpassen om kandidaat-
GM te optimaliseren.
Hoogst potentiële moleculen selecteren bij het
ontwikkelingsproces.
E. Rationele geneesmiddelontwikkeling
- 3D-stuctuur van het target =>
o Specifieke synthese
o Binding is duidelijk
II. Synthese/ isolatie van het GM
Voldoende hoeveelheden
Economisch rendabel
2 SOORTEN:
Chemische synthese
Natuurlijke oorsprong
= werkzame componenten kunnen al geïsoleerd worden
III. Toxiciteit
Evaluatie voor toediening aan de mens sinds
15de eeuw
- Ideaal GM = hoge affiniteit (lage dosis)
+ hoge selectiviteit (enkel effect op het
target)
Lage dosis + minimaal risico op nevenwerkingen
- Toxiciteit na éénmalige toediening en
langdurig chronisch gebruik
Acute toxiciteit, subacute toxiciteit, chronische
toxiciteit
SOORTEN TOXICITEIT:
Carcinogeniciteit = worden er tumoren gevormd?
(Muizen en ratten)
Mutageniciteit = genetische schade?
(In-vitro en in-vivo)
Teratogeniciteit = schade aan ongeboren kind?
(In-vitro en in-vivo (embryonale
ontwikkeling))
IV. Formulatie
Omzetten naar een bruikbare vorm
- Toevoegen hulpstoffen
- Welke doseringsvorm:
o Vlotte inname
, o Oplosbaarheid (aan te passen met hulpstoffen)
o Patiënt compliance
Geschikt
Geur en smaak
o Stabiliteit
Bewaaromstandigheden
V. Farmacodynamiek/farmacokinetiek
Wat gebeurt er met het GM in het lichaam?
Toediening proefdieren
o Biologische beschikbaarheid
o Effecten evalueren
ADME:
Absorptie:
- Hoe
- In welke mate
- Vb.: prodrug, penetreert vlotter in de huid.
Distributie:
- Hoe wordt het verdeeld in het lichaam
Metabolisatie:
- Hoe wordt het afgebroken
Excretie:
- Hoe wordt het verwijderd
VI. Klinische studies
Therapeutische activiteit na toediening aan
proefpersonen
Pas wanneer in-vitro- en dierenproeven tonen
activiteit en is voldoende veilig
FASEN MET TOENEMENDE COMPLEXITEIT (risico’s beperken)
- FASE 1 = mensen
o 20 – 100 gezonde vrijwilligers (niet therapeutisch)
o Doel?
Veilig om verder te testen?
Ernstige nevenwerkingen?
Limiet klinische dosisrange
ADME
- FASE 2 = patiënten
o 100 – 300 patiënten
o Doel?
Therapeutisch efficiënt?
Korte termijn veilig?
ADME doelgroep
Dosis
- FASE 3 = patiënten
o 1000 – 3000 patiënten
o Doel?
Efficiëntie en veiligheid in grote populatie