VV IN HET GEZIN – VOEDING
VOEDING
Eerste 1000 dagen : belangrijkste dagen voor een gezonde ontwikkeling.
- Van conceptie tot 2 jaar
- Basis voor gezonde en goede eetgewoonten
Voeding voor en tijdens de zwangerschap, tot 2 jaar hebben invloed op:
- Groei
- Hersenontwikkeling
- Opbouw immuunsysteem
1. STOFWISSELING EN ENERGIE
STOFWISSELING
• Anabolisme - opbouw van stoffen (vormen van eiwitten uit aminozuren)
• Katabolisme - afbraak van stoffen (afbraak van suikers om energie te genereren)
• ATP = adenosine trifosfaat = energierijke verbinding, nodig voor anabolisme en komt vrij bij katabolisme =
energie
! Energie kan niet gemaakt worden en niet afgebroken worden (wet van de thermodynamica) – kan enkel vrijgemaakt
(opgeslagen, verloren, omgezet) worden !
• Nutriëntenpool uit voeding (organische moleculen)
• Functie:
– Onderhoud en herstel van lichaamsmoleculen
– Groei
– Reserves opbouwen (bv. vetweefsel, glycogeen)
– Secretie van bijvoorbeeld hormonen
1
,VV IN HET GEZIN – VOEDING
ENERGIE
Energie IN ( calorieën innemen) vs UIT (bewegen)
Nutriënten – macro vs micro
Calorieën verbranden
- Rust of basaal metabolisme
Persoonlijk, stabiel
- Vertering
- Beweging Varieert
Energie is nodig voor:
1. Stofwisseling in rust – basaal metabolisme bij normale lichaamstemperatuur
Nodig voor:
- In stand houden lichaamsfuncties zoals temperatuur, hartslag, ademhaling…
Afhankelijk van:
- Leeftijd
- Geslacht (Man heeft meer energie nodig dan vrouw)
- Lichaamsgrootte (lengte en gewicht)
Als je koud hebt ga je meer verbranden omdat je meer verbruikt (door te rillen) je hebt energie nodig om je warm te
krijgen
2. Vertering
Verteren vraagt energie
Voeding wordt omgezet in energie
3. Beweging
Uitwendige arbeid
Afhankelijk van itensiteit
Totale energiebehoefte = basaal metabolisme (ongeveer 2/3) + energie voor arbeid
Gemiddeld:
– Vrouwen 2000 kcal/dag
– Mannen 2500 kcal/dag
2
, VV IN HET GEZIN – VOEDING
MACRONUTRIËNTEN
Ideale verhouding volwassene (van totale energiebehoefte)
– Ongeveer 10 Energie % eiwitten
– Maximaal 30 - 35 Energie % vetten
– Minstens 50 - 55 Energie % koolhydraten
KOOLHYDRATEN
• Energie: 4 kcal/gram
• = suikers, zetmeel en voedingsvezels
• Van nature aanwezig vs. toegevoegd (‘vrije’ suikers*)
– Vrije suikers max. 5 energie%
• Enkelvoudig vs. Meervoudig naar gelang het aantal glucosemoleculen of ketens
• Ongeveer 250 à 300g koolhydraten per dag
*vrije suikers = Alle mono- en disachariden toegevoegd aan voedingsmiddelen door de producent, kok of consument,
alsmede de suikers van nature aanwezig in honing, siropen, fruitsappen en fruitconcentraten.
enkelvoudige koolhydraten
Monosachariden
- Glucose
- Fructose
- Galactose
Disachariden
- Sacharose
- Lactose
- Maltose
Toegevoegde suikers zijn steeds enkelvoudige koolhydraten
3
VOEDING
Eerste 1000 dagen : belangrijkste dagen voor een gezonde ontwikkeling.
- Van conceptie tot 2 jaar
- Basis voor gezonde en goede eetgewoonten
Voeding voor en tijdens de zwangerschap, tot 2 jaar hebben invloed op:
- Groei
- Hersenontwikkeling
- Opbouw immuunsysteem
1. STOFWISSELING EN ENERGIE
STOFWISSELING
• Anabolisme - opbouw van stoffen (vormen van eiwitten uit aminozuren)
• Katabolisme - afbraak van stoffen (afbraak van suikers om energie te genereren)
• ATP = adenosine trifosfaat = energierijke verbinding, nodig voor anabolisme en komt vrij bij katabolisme =
energie
! Energie kan niet gemaakt worden en niet afgebroken worden (wet van de thermodynamica) – kan enkel vrijgemaakt
(opgeslagen, verloren, omgezet) worden !
• Nutriëntenpool uit voeding (organische moleculen)
• Functie:
– Onderhoud en herstel van lichaamsmoleculen
– Groei
– Reserves opbouwen (bv. vetweefsel, glycogeen)
– Secretie van bijvoorbeeld hormonen
1
,VV IN HET GEZIN – VOEDING
ENERGIE
Energie IN ( calorieën innemen) vs UIT (bewegen)
Nutriënten – macro vs micro
Calorieën verbranden
- Rust of basaal metabolisme
Persoonlijk, stabiel
- Vertering
- Beweging Varieert
Energie is nodig voor:
1. Stofwisseling in rust – basaal metabolisme bij normale lichaamstemperatuur
Nodig voor:
- In stand houden lichaamsfuncties zoals temperatuur, hartslag, ademhaling…
Afhankelijk van:
- Leeftijd
- Geslacht (Man heeft meer energie nodig dan vrouw)
- Lichaamsgrootte (lengte en gewicht)
Als je koud hebt ga je meer verbranden omdat je meer verbruikt (door te rillen) je hebt energie nodig om je warm te
krijgen
2. Vertering
Verteren vraagt energie
Voeding wordt omgezet in energie
3. Beweging
Uitwendige arbeid
Afhankelijk van itensiteit
Totale energiebehoefte = basaal metabolisme (ongeveer 2/3) + energie voor arbeid
Gemiddeld:
– Vrouwen 2000 kcal/dag
– Mannen 2500 kcal/dag
2
, VV IN HET GEZIN – VOEDING
MACRONUTRIËNTEN
Ideale verhouding volwassene (van totale energiebehoefte)
– Ongeveer 10 Energie % eiwitten
– Maximaal 30 - 35 Energie % vetten
– Minstens 50 - 55 Energie % koolhydraten
KOOLHYDRATEN
• Energie: 4 kcal/gram
• = suikers, zetmeel en voedingsvezels
• Van nature aanwezig vs. toegevoegd (‘vrije’ suikers*)
– Vrije suikers max. 5 energie%
• Enkelvoudig vs. Meervoudig naar gelang het aantal glucosemoleculen of ketens
• Ongeveer 250 à 300g koolhydraten per dag
*vrije suikers = Alle mono- en disachariden toegevoegd aan voedingsmiddelen door de producent, kok of consument,
alsmede de suikers van nature aanwezig in honing, siropen, fruitsappen en fruitconcentraten.
enkelvoudige koolhydraten
Monosachariden
- Glucose
- Fructose
- Galactose
Disachariden
- Sacharose
- Lactose
- Maltose
Toegevoegde suikers zijn steeds enkelvoudige koolhydraten
3