Personen met visuele beperking
1. Geschiedenis
Verlichting (18de eeuw), ontstaan van bewustzijn dat blinde personen tot wat instaan zijn
Mits juiste opvang
Valentin Haüy
Richtte Institution des Jeunes Aveugles
Bestaat nog steeds in Parijs
Gaf les aan 12 blinde jongeren
Louis Braille (1809)
Kwetste zich aan zijn ogen
Werd onherroepelijk blind
Kwam terecht in Institution des Jeunes Aveugles
Werd na studie ook zelf leraar
In 1825 eerste ontwerp van geschrift met zes puntjes
Eerste versie brailleschrift geen succes
Meerdere geprobeerd te verbeteren
In 1878 oorspronkelijk brailleschrift veralgemeend gebruik ervan goedgekeurd
Dankzij logische opbouw brailleschrift bruikbaar
Voor alle talen en schriftelijke codes
Brailleliga en licht en liefde
Begin 20ste eeuw ontstaan van twee vrijwilligersorganisaties
Algemene doelstelling, ondersteuning aanbieden aan volwassenen met een visuele
beperking
laatste decennia merkbare evolutie naar meer integratie en inclusie in samenleving
2. Begrippenkader
Begrip visuele beperking is continuüm van normaal ziend tot niets ziend met allerlei gradaties
tussenin
Af. van locatie van letsel kan er aandoening zijn ter hoogte van oog, oogzenuw of hersenen
1
, 2.1. Medische definities
2.1.1. Traditionele opvattingen
Verschillende categorieën visuele beperking wordt bepaald a.d.h.v. twee criteria voor visuele
waarneming
1. Gezichtsscherpte
2. Gezichtsveld
2.1.1.1. Gezichtsscherpte of visus
Maat voor kleinste detail die iemand nog kan onderscheiden
Vermogen om twee dicht gelegen punten nog gescheiden kunnen waarnemen
2.1.1.2. Gezichtsveld
Totale gebied dat overzien kan worden als de persoon het hoofd en de ogen volkomen stil
houdt
Enkel met centrale deel van netvlies (gele vlek) zien mensen scherp
Centrale gezichtsveld
Rest van het netvlies wordt onscherp gezien
Perifeer gezichtsveld
Gezichtsveld wordt voor elk oog afzonderlijk bepaald
VAPH onderscheidt twee criteria met drie categorieën van visuele verstoring
Gezichtsscherpte met optimale Gezichtsveld
bril correctie
Matig slechtziend 3/10 - 1/10 20° rond het centrale fixatiepunt
Ernstig slechtziend 1/10 – 1/20 20° rond het centrale fixatiepunt
Blind 1/20 of minder 10° of minder rond het centrale fixatiepunt
Slechtziendheid
- Veel vormen en gradaties
- Type oogafwijking af. van mate waarin zich het voordoet en specifieke beperking
Blindheid
- Wettelijke blindheid wanneer er geen bruikbare praktische restvisus meer aanwezig is
- Wanneer medische diagnose valt onderscheid te maken tussen wel of geen lichtperceptie,
vroeg- of laatblindheid
2
1. Geschiedenis
Verlichting (18de eeuw), ontstaan van bewustzijn dat blinde personen tot wat instaan zijn
Mits juiste opvang
Valentin Haüy
Richtte Institution des Jeunes Aveugles
Bestaat nog steeds in Parijs
Gaf les aan 12 blinde jongeren
Louis Braille (1809)
Kwetste zich aan zijn ogen
Werd onherroepelijk blind
Kwam terecht in Institution des Jeunes Aveugles
Werd na studie ook zelf leraar
In 1825 eerste ontwerp van geschrift met zes puntjes
Eerste versie brailleschrift geen succes
Meerdere geprobeerd te verbeteren
In 1878 oorspronkelijk brailleschrift veralgemeend gebruik ervan goedgekeurd
Dankzij logische opbouw brailleschrift bruikbaar
Voor alle talen en schriftelijke codes
Brailleliga en licht en liefde
Begin 20ste eeuw ontstaan van twee vrijwilligersorganisaties
Algemene doelstelling, ondersteuning aanbieden aan volwassenen met een visuele
beperking
laatste decennia merkbare evolutie naar meer integratie en inclusie in samenleving
2. Begrippenkader
Begrip visuele beperking is continuüm van normaal ziend tot niets ziend met allerlei gradaties
tussenin
Af. van locatie van letsel kan er aandoening zijn ter hoogte van oog, oogzenuw of hersenen
1
, 2.1. Medische definities
2.1.1. Traditionele opvattingen
Verschillende categorieën visuele beperking wordt bepaald a.d.h.v. twee criteria voor visuele
waarneming
1. Gezichtsscherpte
2. Gezichtsveld
2.1.1.1. Gezichtsscherpte of visus
Maat voor kleinste detail die iemand nog kan onderscheiden
Vermogen om twee dicht gelegen punten nog gescheiden kunnen waarnemen
2.1.1.2. Gezichtsveld
Totale gebied dat overzien kan worden als de persoon het hoofd en de ogen volkomen stil
houdt
Enkel met centrale deel van netvlies (gele vlek) zien mensen scherp
Centrale gezichtsveld
Rest van het netvlies wordt onscherp gezien
Perifeer gezichtsveld
Gezichtsveld wordt voor elk oog afzonderlijk bepaald
VAPH onderscheidt twee criteria met drie categorieën van visuele verstoring
Gezichtsscherpte met optimale Gezichtsveld
bril correctie
Matig slechtziend 3/10 - 1/10 20° rond het centrale fixatiepunt
Ernstig slechtziend 1/10 – 1/20 20° rond het centrale fixatiepunt
Blind 1/20 of minder 10° of minder rond het centrale fixatiepunt
Slechtziendheid
- Veel vormen en gradaties
- Type oogafwijking af. van mate waarin zich het voordoet en specifieke beperking
Blindheid
- Wettelijke blindheid wanneer er geen bruikbare praktische restvisus meer aanwezig is
- Wanneer medische diagnose valt onderscheid te maken tussen wel of geen lichtperceptie,
vroeg- of laatblindheid
2