1. INLEIDING
wat zijn zaden?
- structuren waarmee planten een nieuwe generatie van hun eigen soort scheppen
- rond het zaad ontwikkelt zich een vrucht vanuit een deel van de bloem (het vruchtbeginsel)
- alle planten die bloemen dragen, hebben vruchten
vrucht dient om het zaad zich te helpen verplaatsen
- noten zijn niet-openspringende vruchten!
- vruchtwand is hard en houtig
in de volksmond worden sommige vruchten die op noten lijken verkeerdelijk noten
genoemd
pinda = peulvrucht
amandelpit = zaad van een steenvrucht
kokosnoot = steenvrucht
wat zijn pitten?
- geen wetenschappelijke term!
- vrucht bestaat uit 3 delen: exocarp, mesocarp en endocarp
- bedoeld wordt een deel van de vrucht (endocarp) met het zaad in
voorbeeld de pit van een kers of een nectarine; het eigenlijke
zaad zit in de pit
2. SOORTEN
Amandelen
- zaden van de amandelboom
- 2 variëteiten
bittere amandel bevat blauwzuur (zie verder)
- niet rauw eten
- gebruikt voor amandelolieproductie
zoete amandel
- geschikt voor consumptie
- puur of verwerkt (vb marsepein) `
Cashewnoten
- niervormig zaad groeit als aanhangsel aan de cashew- appel
(een schijnvrucht)
- schil bevat gifstof dus worden altijd gepeld en geroosterd
verkocht
Hazelnoten
- bolster behoort niet tot de vrucht
- groeit aan de hazelaar
- in de dop en gepeld verhandeld
- verwerkt in de banketbakkerij en
chocolade-industrie
, Kastanje
- tamme kastanje is een noot
- kan rauw maar meestal gepoft of gekonfijt
- paardenkastanje is niet eetbaar!
- bolster is de vrucht
- paardenkastanje is het zaad
- andere familie dan die van
tamme kastanje
kokosnoot
- afkomstig van de kokospalm
- 30 tot 50 noten per jaar
- palm kan 60 jaar oud worden
- minder goede vetzuursamenstelling
- vruchtvlees w geraspt
- kokosmelk/room w gemaakt uit het vruchtvlees
Waar zit de pit van een kokosnoot?
steenvrucht
- groen-bruine gladde buitenste vruchtlaag = exocarp
- dikke bruine vezelige laag = mesocarp
- harde houten laag = endocarp
- één groot zaad (witte vlees is endosperm)
Macadamianoot
- afkomstig uit Australië
- basisvoedsel Aboriginals
- ronde, witte, vette noot met boterachtige smaak
- moeilijkst te kraken van alles noten
- rauw of geroosterd
- in gebak of salades
Paranoot
- zaad van de paraboom
- 1 van de grootste bomen van het regenwoud
- ook brasielnoot genoemd
- bevatten vrij veel vet maar ook veel selenium
Pecannoot
- vertoont overeenkomsten met de walnoot gladde, roodachtige schil
- afkomstig van de VS of Canada
- zaden groeien aan de pecannotenboom of de
hickoryboom