De kenmerken van de Belgische staatshervorming:
België geleidelijk aan een federaal land geworden: eenheidsstaat federale staat:
- Structuur met gemeenschappen en gewesten. = de gedefereerde entteiten.
o Dit deel wijzigt al bij al weinig.
- Niet ontstaan door samengaan verschillende delen, maar door omvormen eenheidsstaat tot
federale staat.
Afdeling 1: België is samengesteld uit drie gemeenschappen en drie
gewesten maar is in wezen een bipolaire federatie:
Over algemeen: federale landen hebben meerlagenstructuur vb. Zwitserland heef 2 kantons: dus
ook 2 parlementen en regeringen.
- Daar wel duidelijk
- Dus gegeven van # deelstaten is niet onduidelijk, het gegeven dat een federale staat veel
deelstaten heef is niet het grote probleem.
o Bij BE is het grote probleem dat er geen rechtlijnigheid is en geen asymmetrie vb.
persoon in Brussel kan onder 4 regeringen vallen.
In andere staten niet, daar heb je een federale staat en een deelstaat waaronder
je kan vallen. Vb. VS, Australië,….
- 1962: was in West-Europa een periode van hefige contestate, vooral in Parijs en VS
flowerpower, puasi-revolute in Frrankrijk.
o In BE is er democratsche beweging en partcipate
Vooral in Vlaanderen gesitueerd in universiteit Leuven en Gent met
partcipatebewegingen. De universiteit in Leuven bestond toen uit Frranstaligen
en Nederlandstaligen:
Dit was voor wat mensen nogal een doorn in het oog
Gentse pas na WOII Nederlandstalig geworden, ook na veel protest,
Gent was toen dus al vernederlandst.
In Leuven was nog de -taligheid in de universiteit en de kerk hield heel
erg vast aan die centrale universiteit. Zoals het altjd geweest was in BE:
Frranstalige elite die met de klassieke partjen over de taalgrenzen heen
wel iets regelden.
Toegang tot universiteit was gedemocratseerd, na WOII toegankelijker
geworden en zij vroegen grotere autonomie in Leuven Leuven-
Vlaams: Frranse studenten moesten buiten die Frranse studenten zijn
ook geconfronteerd geweest met slogans ‘Walen buiten’. Heel groot
trauma teweeggebracht bij politci die daaruit volgden. De kerk en
partjen konden deze opstanden niet onder controle houden, er werd
dan ook een mote ingediend van de CDV die enkel nog een Vlaamse
, universiteit wou. Frranse moeten maar een nieuwe invoeren (kwam ook:
Louvain la neuve: Waals Brabant heef van deze mogelijkheden
geprofteerd). Dit was voor de Frranstaligen afgrijselijk.
o 1962: regering valt daarover, bisschoppen zeggen eerst mag niet
maar moeten daarna toch toestaan. Verkiezingen werden
getrokken door mensen die autonomie willen.
Eerste minister Gaston Eykens (werd altjd eerste
minister wanneer het moeilijk werd).
Dit was 1970: daar heef men gezegd we kunnen BE niet
meer houden zoals het was, de eerste stappen moesten
toen van Eyskens komen. Dit gebeurde ook, beroemde
zinnetje.
Frilmpje: Gaston Eyskens betreedt
spreekgestoelte: hij zei “het unitaire BE zoals we
in de weten en GW kennen is door de feiten
achterhaald”.
Hij zegt het is gedaan, we kunnen niet meer een
land zijn met eenheid, een unitaire staat.
Daarmee start het heel rustg, met de
gemeenschappen.
o Men maakt cultuurgemeenschappen:
NL, FrR en Duitstalige
cultuurgemeenschap.
Want men zegt we hebben 1 land met 3 talen en culturen dus we gaan die 3 culturen erkennen. Dat
is de eerste stap en dit is dus zeer rustg. Opdat elke cultuur haar eigenheid zou behouden werden de
gemeenschappen opgericht. Aanvankelijk hadden deze enkel culturele aangelegenheden als
bevoegdheid. (later uitgebreid). De oprichtng van gemeenschappen kwam er vooral door Vlaamse
beweging.
- Gemeenschappen mogen decreten maken: o.a. Vlaamse taaldecreet over hoe bedrijven met taal
moeten omgaan werd toen gestemd.
België kent ook economische verschillen en daarom zullen uiteindelijk ook gewesten opgericht
worden.
- Men had eigenlijk toen reeds het plan om ook gewesten maken want dit staat in de GW maar
men komt niet tot een akkoord.
o Tussen 70-20: contnu andere regeringen, sommigen houden soms pas half jaar stand
men komt niet tot een akkoord.
Veel tegenstanders altjd
Men gaat dan binnen de regering ministers aanstellen die bezig zijn met
bepaalde actviteiten en die opsplitsen: minister voor Vlaams onderwijs, en een
minister Waals onderwijs,…. Maar het blijf wel 1 regering.
Dus ministers voor zelfde materie.
, Ons land is 192 -’23 failliet: men moet geld gaan lenen van Frrankrijk om de
ambtenaren te betalen en men krijgt die lening vlak voor men die moet betalen.
Dit komt omdat men de 10 jaar ervoor het land niet kon besturen. Ook door
oliecrisis, werd op 1 jaar tjd het leven in BE 0 procent duurder, lonen gaan ook
mee omhoog. Er komt grote werkloosheid en het land komt in extreme
problemen.
Na zoveel jaar komt Wilfried Martens: 1920-1991 waarbij er een de
staatshervorming komt.
1929: Cultuurgemeenschap gemeenschap: extra cultuur, taal, beetje
welzijn.
Ook 3 gewesten: VL, WA en BR, maar aan Brussel wordt nog geen vorm
gegeven. Dit weten ze nog niet, maar door de andere te beslissen heb
je het de facto toch al vorm gegeven.
In ’21 hebben ze gezegd: nu 5 jaar geen communautaire problemen, 5
jaar gaan we ons bezighouden met de economie zoals men dat nu bij de
vorming van de regering Michel ook gezegd heef. Gewesten en
gemeenschappen zijn opgericht.
’22 regering valt over Voeren en valt vooral over feit dat ze het
sociaaleconomisch niet meer eens is. En dit leidt er toe dat de
Frranstalige socialisten een zeer grote overwinning boeken en de
regering wordt verandert. Die gaan in ’22 verder vorm geven aan de
cultuurgemeenschappen, gewesten en BHG.
o Gemeenschappen onderwijs = extra bevoegdheid.
DUI enkel over lager onderwijs
o Ook extra bevoegdheden gewesten
o En men heef bedoeling, men wil naar een systeem waarbij er
een eigen parlement en een eigen regering is voor de gewesten
en gemeenschappen. Geen dubbelmandaat van federale leden
meer. Want die zetelden vroeger voor de .
Liep wat moeilijker
Problemen: ’91 nieuwe verkiezingen: Dehaene eerste
minister:
voorwaarden:
o Binnen jaar moet je begrotngsplan
hebben om tekort te verminderen.
o Je moet volledig akkoord over
staatshervorming hebben.
Quasi-onmogelijk: maar
Dehaene aanvaardt en vormt
regering.
Beiden lopen zeer erg moeilijk
tot september ’93 en men
bereidt zich voor op congres
CDV (deadline) en dus op de val
van de regering. Want ze
hadden Sint-Michielsakkoord,
, maar in juni/juli mislukt dit dus
ze hebben deadline niet
gehaald.
Partj Dehaene bereidt zich
voor, maar Dehaene werkt
voort en heef 3 september zijn
Michielsakkoord klaar en dient
het in. Het heef de structuur
fundamenteel vastgelegd en
had betrekking op begrotng.
Hij werd goed ontvangen op dit
congres, het is hem gelukt.
Sint-Michielsakkoord:
- Leg structuur vast en zegt alle entteiten hebben eigen regering en eigen parlement. We krijgen
dus rechtstreekse verkiezingen voor het Vlaams parlement.
o Geen dubbel mandaat van de federale leden meer.
o Maar Dehaene vermindert # parlementsleden op federaal niveau waardoor totaal #
leden ongeveer zelfde blijf in België.
- Wordt door velen goed ontvangen maar op fnancieel vlak, voor de fnanciering hebben WA en
BR het moeilijk.
o Ze hebben tekorten die ze niet kunnen oplossen.
- 001: Guy Verhofstadt: Lambermontakkoord: wijzigt fnanciering, extra bevoegdheden
gemeenten, gewesten: landbouw, visserij,…
o In de jaren die hierop volgen zien we dat dit aanvaardt worden.
o Toch nog veel vragen en in 011 na langste regeringsvorming ooit 6de
staatshervorming:
Extra bevoegdheden gemeenschappen en gewesten
Veel meer fnanciële verantwoordelijkheid
Vroeger: gewesten en gemeenschappen kregen geld door dotates
Nu: zelf beslissen hoeveel willen krijgen via personenbelastng. Als ze
dus nu willen zeggen we gaan dit verminderen, kan dit. Terwijl vroeger
volledig federaal was.
o Maar dit heef men nog nooit gedaan.
De bevoegdheid is er maar men heef het niet gebruikt.
Centripetaal vs. Centrifugaal: heel veel federates zijn geleidelijk gegroeid tot geheel:
- Vb. Canada Quebec en anderen en zo zijn men gaan samenwerken en groeit dit tot geheel. Maar
oorspronkelijke provincies hebben nog deel autonomie. Men groeit uit verschillende delen naar
federate. In Zwitserland is dit ook zo gebeurt.
- Landen die men gaat verdelen. In wereld weinig landen die zich gaan opsplitsen in verschillende
delen vb. Duitsland was eenheidsstaat maar andere landen hebben n.a.v. oorlogen gezegd we