Les 20
Schat, ik heb hoofdpijn
Deiktische woorden: krijgen pas via de taalkundige context hun betekenis. Ze verwijzen
meestal naar een gegeven dat in de tekst voorafgaat, maar kunnen ook verwijzen naar
een gegeven dat in de tekst volgt.
- Persoonlijke deixis (ik, jij, hem, haar, ...)
- Plaatsdeixis (daar, hier, ...)
- Tijdsdeixis (gisteren, vandaag, ...)
• Linguïstische context (de tekst voor en soms ook na een bepaalde tekstpassage)
• Situationele context (wie, waar, wanneer, ...)
presupposities (vooronderstellingen)
Implicatuur: wanner je communiceert, impliceer je meestal ook iets, maak je iets duidelijk
zonder het letterlijk te zeggen.
I. Maxime van kwantiteit
- Maak je bijdrage zo informatief mogelijk, gezien het doel of de richting van het
gesprek
- Zeg niet meer dan nodig is, gezien het doel of de richting van het gesprek.
II. Maxime van kwaliteit
- Zeg niet iets waarvan je denkt dat het niet waar is.
- Zeg niet iets waarvoor je niet voldoende bewijs hebt.
III. Maxime van stijl
- Vermijd onduidelijkheden
- Vermijd ambiguïteit (dubbelzinnigheid of meerduidigheid).
- Wees kort.
- Wees ordelijk.
IV. Maxime van relevantie
- Zorg dat je bijdrage ter zake doet
Schat, ik heb hoofdpijn
Deiktische woorden: krijgen pas via de taalkundige context hun betekenis. Ze verwijzen
meestal naar een gegeven dat in de tekst voorafgaat, maar kunnen ook verwijzen naar
een gegeven dat in de tekst volgt.
- Persoonlijke deixis (ik, jij, hem, haar, ...)
- Plaatsdeixis (daar, hier, ...)
- Tijdsdeixis (gisteren, vandaag, ...)
• Linguïstische context (de tekst voor en soms ook na een bepaalde tekstpassage)
• Situationele context (wie, waar, wanneer, ...)
presupposities (vooronderstellingen)
Implicatuur: wanner je communiceert, impliceer je meestal ook iets, maak je iets duidelijk
zonder het letterlijk te zeggen.
I. Maxime van kwantiteit
- Maak je bijdrage zo informatief mogelijk, gezien het doel of de richting van het
gesprek
- Zeg niet meer dan nodig is, gezien het doel of de richting van het gesprek.
II. Maxime van kwaliteit
- Zeg niet iets waarvan je denkt dat het niet waar is.
- Zeg niet iets waarvoor je niet voldoende bewijs hebt.
III. Maxime van stijl
- Vermijd onduidelijkheden
- Vermijd ambiguïteit (dubbelzinnigheid of meerduidigheid).
- Wees kort.
- Wees ordelijk.
IV. Maxime van relevantie
- Zorg dat je bijdrage ter zake doet