Principe:
Opstellen van belangrijke theorieën met het oog op het verklaren van
waarnemingen.
‘Bewijzen’ v/e theorie → in absolute zin niet mogelijk, theorie wordt getoetst.
Model v/e natuurkundig verschijnsel = Een soort beeld of analogie ter
ondersteuning v/h beschrijven v/d verschijnselen in termen van iets wat we al
kennen.
Theorie = Complexer en gedetailleerder dan een model (wel vaak ontwikkeld
vanuit een model) en kan testbare voorspellingen geven.
Wetenschappelijke wet = Een beknopte uitspraak (vaak in de vorm v/e
vergelijking) die kwantitatief een breed scala aan verschijnselen beschrijft.
Metingen:
- Nooit exact! → Opgeven van onnauwkeurigheid met ±-notatie en/of juiste
aantal significante cijfers.
- Altijd vermelden v/d eenheid als specificatie v/d grootheid
o Algemeen geaccepteerde verzameling Système International (meter,
seconde, kilogram).
o Controleren van conversiefactoren voor het correct wegvallen van
eenheden.
- Nuttige techniek: maken van ruwe orde-van-grootteschattingen.
Dimensie v/e grootheid = De combinatie van basisgrootheden waaruit deze is
opgebouwd ter controle of een relatie de juiste vorm heeft.
1