Inleiding
1. Beschrijf de bedrijfskolommen van een taart bakken
Melk: boer → melkfabriek (behandelen en bottlen) → detailhandel → consument
2. Welke stappen komen in de goederenstroom doorgaans voor?
a) Inkoop materiaal en grondstof
b) Aanvoer
c) Opslag
d) Interne distributie
e) Productie
f) Opslag product (of halffabricaat)
g) Intern transport product
h) Opslag eindproduct
i) Verkoop eindproduct
j) Distributie
k) Transport eindproduct nar afnemer
3. Welke plaats heeft de logistiek van de informatiestroom ten opzichte van die van de
goederenstroom?
De informatiestroom zet de goederenstroom in gang en houdt hem in beweging.
4. Welke zijn de belangrijkste functies van informatiestromen?
Besturing van inkoop-, productie- en verkoop orderstroom
▫ Inkoop: orderbonnen
▫ Productie: werkopdrachten en planning
▫ Verkoop: transportbonnen
,5. Teken de belangrijkste functies voor het beheer en de informatiestromen in relatie tot
de goederenstroom
Besturing
inkoop productie verkoop
orderstroo orderstroo orderstroo
m m m
invoer afvoer
Leverancier productie Klant
(inkoop) (verkoop)
6. Noem de belangrijkste ontwikkelingen waarvoor logistiek relevant is.
▫ De wensen en eisen van individuele klanten/afnemers
▫ Ontwikkelingen in telecommunicatie en automatisering
▫ Kostenverlaging in de goederenstroom wordt steeds belangrijker
▫ De eis naar een grotere leverbetrouwbaarheid
7. Op welke wijze leidt een goede logistiek tot lagere kosten?
▫ Reductie voorraden
▫ Hogere omloopsnelheid
▫ Betere beheersing goederenstroom
8. De wijze waarop logistiek in een organisatie moet worden ingericht, hangt af van het
type bedrijf en de logistieke karakteristieken van dat bedrijf. Naar welke elementen
moet daarbij worden gekeken?
▫ Soort organisatie
▫ Aard product
▫ Productiemethode
▫ Omvang assortiment
▫ Complexiteit product
▫ Complexiteit organisatie
▫ Voorraadpositie
▫ Afnemersgedrag
9. Hoe groot is het aandeel logistieke kosten in de totale kosten?
Bij productiebedrijven is het aandeel van logistieke kosten 20-40% van de totale kosten
, 10. Tot welke baten zal inzicht in voorraden, in goederen- en informatiestromen, in
capaciteit en mogelijkheid van de onderneming en in de kosten leiden?
▫ Doorlooptijd verkorten
▫ Leverbetrouwbaarheid verbeteren
▫ Levertijd verkorten
▫ Voorraden verlagen
▫ Capaciteit mens/machine goed benutten
11. Tot welke voordelen leiden deze verbeteringen?
▫ Verlaging voorraad- en vervoerkosten
▫ Verlaging van overige logistieke kosten (materials handling, planning, beheersing)
▫ Verlaging van kapitaalbeslag (voorraden, gereed product)
12. Geef een definitie van sub optimalisatie
Het gevolg dat ontstaat als de verschillende schakels in een keten ieder hun eigen doelstelling hebben
en niet geconcentreerd zijn op het grote geheel. Zo kunnen hun genomen beslissingen nadelig zijn
voor de gehele keten. Voorbeeld: inkoper die korting krijgt bij aankoop van een grote serie
grondstoffen.. Goed voor hem maar het magazijn is bv te klein om dit allemaal te stockeren en nu
moet er een extra deel bijgezet/gehuurd worden → de winst van de inkoper weegt niet meer op tegen
de onkosten die het met zich mee bracht.
13. Wat betekent invoering van integrale goederenstroombeheersing?
▫ Een verandering in de samenhang tussen de diverse bedrijfsfuncties
▫ Een nieuwe benadering van bv sociale bedrijfsvoering
▫ Een wijziging in de traditionele structuur van taken
▫ Een verandering in het kennispakket van huidige en toekomstige werknemers
▫ Een verandering van functies binnen het bedrijf (of een creatie van nieuwe)