Hoofdstuk 1
1. Welke is een geschikte maatstaf voor het meten van de leverbetrouwbaarheid?
Aandeel orders met verzoek om orderstatusinformatie
Gemiddelde levertijd
Aandeel orders met afwijking van afgesproken levertijd en hoeveelheid
Voorraadbeschikbaarheid
2. Wanneer wij beweren dat logistiek een integrale benadering vereist, dan bedoelen wij daarmee:
dat er sprake is van suboptimalisatie
dat de verschillende afdelingen waar de logistiek raakvlakken mee heeft hun zelfstandigheid
verliezen
dat het geheel meer is dan de som der delen
dat logistiek niets anders is dan bevoorrading.
3. Waardoor zal in sommige bedrijven op een bepaald moment ‘suboptimalisatie' van de
goederenstroom ontstaan:
doordat verschillende afdelingen hun eigen belang nastreven
door de kosten van de afdeling logistiek
door de aanstelling van een goederenstroomcoördinator
door automatisering van de processen
4. Welke van de volgende is een algemeen logistiek symptoom?
Een lage servicegraad
Veel vraagtelefoontjes van klanten
Lange omsteltijden
Een lange ligtijd bij de goederenontvangst
,Hoofdstuk 2
1. In het geval van een co-makershiprelatie:
beperken de leveranciers zich tot levering aan één of slechts enkele afnemers van hun goederen
besteedt een onderneming delen van de productie uit aan een klein aantal geselecteerde
(concurrerende) bedrijven
gaat de afnemer een lange-termijnrelatie aan met één of slechts enkele leveranciers voor een
bepaald product
behoren alle hier genoemde beweringen tot de mogelijkheden
2. Welke methode van goederenstroombeheersing legt de nadruk op het opheffen van knelpunten in
het productieproces:
TOC
JIT
ERP
MRP-I
3. Lees onderstaande beweringen:
I. MRP-I staat voor manufacturing resource planning.
II. TOC staat voor theory of constraints.
alleen I is juist
I en II zijn beide onjuist
I en II zijn beide juist
alleen II is juist
, 4. Lees onderstaande beweringen:
I. Logistiek management in ziekenhuizen houdt zich alleen bezig met het beheersen van stromen
verbandmiddelen, geneesmiddelen en dergelijke.
II. Bij een verzekeringsmaatschappij kunnen logistieke concepten worden toegepast.
I en II zijn juist
I is juist, II is onjuist
I is onjuist, II is juist
I en II zijn onjuist
1. Welke is een geschikte maatstaf voor het meten van de leverbetrouwbaarheid?
Aandeel orders met verzoek om orderstatusinformatie
Gemiddelde levertijd
Aandeel orders met afwijking van afgesproken levertijd en hoeveelheid
Voorraadbeschikbaarheid
2. Wanneer wij beweren dat logistiek een integrale benadering vereist, dan bedoelen wij daarmee:
dat er sprake is van suboptimalisatie
dat de verschillende afdelingen waar de logistiek raakvlakken mee heeft hun zelfstandigheid
verliezen
dat het geheel meer is dan de som der delen
dat logistiek niets anders is dan bevoorrading.
3. Waardoor zal in sommige bedrijven op een bepaald moment ‘suboptimalisatie' van de
goederenstroom ontstaan:
doordat verschillende afdelingen hun eigen belang nastreven
door de kosten van de afdeling logistiek
door de aanstelling van een goederenstroomcoördinator
door automatisering van de processen
4. Welke van de volgende is een algemeen logistiek symptoom?
Een lage servicegraad
Veel vraagtelefoontjes van klanten
Lange omsteltijden
Een lange ligtijd bij de goederenontvangst
,Hoofdstuk 2
1. In het geval van een co-makershiprelatie:
beperken de leveranciers zich tot levering aan één of slechts enkele afnemers van hun goederen
besteedt een onderneming delen van de productie uit aan een klein aantal geselecteerde
(concurrerende) bedrijven
gaat de afnemer een lange-termijnrelatie aan met één of slechts enkele leveranciers voor een
bepaald product
behoren alle hier genoemde beweringen tot de mogelijkheden
2. Welke methode van goederenstroombeheersing legt de nadruk op het opheffen van knelpunten in
het productieproces:
TOC
JIT
ERP
MRP-I
3. Lees onderstaande beweringen:
I. MRP-I staat voor manufacturing resource planning.
II. TOC staat voor theory of constraints.
alleen I is juist
I en II zijn beide onjuist
I en II zijn beide juist
alleen II is juist
, 4. Lees onderstaande beweringen:
I. Logistiek management in ziekenhuizen houdt zich alleen bezig met het beheersen van stromen
verbandmiddelen, geneesmiddelen en dergelijke.
II. Bij een verzekeringsmaatschappij kunnen logistieke concepten worden toegepast.
I en II zijn juist
I is juist, II is onjuist
I is onjuist, II is juist
I en II zijn onjuist