3e Bachelor Biomedische Wetenschappen
Academiejaar 2016-2017
Naam en Voornaam: .....................................................................................................................................
Rolnummer:...................................................................................................................................................
DEEL 1 – MULTIPLE CHOICE
LET OP:
OPEN BOEK
Eén juist antwoord per vraag
Vul uw antwoord in op het antwoordblad
Er wordt géén giscorrectie toegepast
Veel succes!
Vraag 1. Met welke uitspraak in verband met de geschiedenis van de epidemiologie bent u het eens?
1. De eerste epidemiologische studies dateren van het midden van de vorige eeuw (de studies van Doll en
Hill naar het verband tussen roken en longkanker).
2. James Lind voerde in de helft van de 18de eeuw als eerste een gerandomiseerd gecontroleerde trial uit bij
scheurbuikpatiënten op het schip ‘HMS Salisbury’.
3. Janet Lane-Claypon was pionier in de ontwikkeling van de case-control studie. Zij publiceerde in 1926 een
case-control studie rond de invloed van karakteristieken gerelateerd aan de zwangerschap op het ontstaan
van borstkanker bij de vrouw.
4. De carcinogene effecten van tabaksrook werden voor het eerst aangetoond in de cohortstudie van Doll en
Hill bij Britse artsen in de tweede helft van de 20ste eeuw.
5. John Snow toonde aan dat de myasma theorie de beste verklaring was voor de cholera epidemie in 1854
in London. Als gevolg van zijn onderzoek werd de ‘Lambeth Company’ veroordeeld tot een
schadevergoeding aan alle slachtoffers van deze epidemie.
A. 1
B. 2
C. 3
D. 4
E. 1&4
F. 5
Vraag 2. Met welke uitspraak in verband met de definitie van ‘Epidemiologie’ bent u het eens?
1. Epidemiologie is de leer van de besmettelijke ziekten.
2. Epidemiologie is de leer van de epidemische ziekten.
3. Epidemiologie is de leer van de ziekten van de epidermis.
4. Epidemiologie is een synoniem voor medische statistiek.
5. Epidemiologisch onderzoek is gericht op het bestuderen van het voorkomen van gezondheid gerelateerde
fenomenen in functie van determinanten in een welbepaald domein
1
, EXAMEN EPIDEMIOLOGIE EN VOLKSGEZONDHEID ACADEMIEJAAR 2016-2017
3e Bachelor Biomedische Wetenschappen
Academiejaar 2016-2017
Naam en Voornaam: .....................................................................................................................................
Rolnummer:...................................................................................................................................................
A. 1
B. 2
C. 3
D. 4
E. 5
F. Ik ben het met geen van de uitspraken eens
Vraag 3. In een onderzoek wordt bij volwassen mensen van verschillende leeftijd de bloeddruk bepaald.
Onderstaande grafiek geeft het resultaat van dit onderzoek weer. (SBD= systolische bloeddruk in mm Hg,
LEEFTIJD = leeftijd in jaren)
LEEFTIJD vs. SBD
SBD = 97,775 + ,55625 * LEEFTIJD
Correlation: r = ,47883
180
160
140
SBD
120
100
80 Regression
15 25 35 45 55 65 75 95% confid.
LEEFTIJD
Op basis van deze studieresultaten, met welke uitspraak bent u het eens?
1. De systolische bloeddruk stijgt met het ouder worden.
2. Gemiddeld genomen stijgt de bloeddruk ongeveer met 0,5 mm Hg per jaar.
3. De systolische bloeddruk bij geboorte bedraagt gemiddeld 97.775 mm Hg.
4. Er was een positief verband tussen leeftijd en bloeddruk.
5. Aan gezien de correlatiecoëfficiënt groter is dan 0.05, is het verband tussen leeftijd en bloeddruk
statistisch niet significant
A. 1
B. 2
C. 3
D. 1, 2 & 3
E. 4
F. 5
2