1) De Australopithecus en de paranthropus
Tijd en ruimte
- Tss 4,3 en 2 miljoen jaar geleden
- Afrika: van oost tot zuid
- 2 geslachten verschillen sterk
Anatomie
- Lengte: max. 145cm
- Bovenlichaam: leek op chimpansee
Onderlichaam: stond al dichter bij de mens
- Klommen verticaal in de bomen (af te leiden uit de handen)
- Vuist maken= onmogelijk. stand v/d duim liet dit niet toe
- Relatief ontw. hersenen
Gevarieerd dieet
- Fruit, bladeren van de bomen, planten, insecten en af en toe vlees
- Harde noten kraken m.b.v steen
- Met graafstokken knollen (uien en wortels) uit de grond halen
Stenen werktuigen en esthetisch gevoel
- 1 v/d eersten om stenen werktuigen te maken
- Hersenen zijn hiervoor goed uitgerust
- Kunst= kiezelsteentje met menselijk gelaat
Onze voorouders?
- NIET ALLE australopitheken kunnen tot onze voorouders gerekend w
een/ meerdere groep(en)= PARANTHROPI keerden terug naar de bomen na een lange tijd als tweevoeter geleefd te hebben. Ze
leefden van plantaardig voedsel. Ze werden weer robuuster en stierven later uit.
, 2) Homo Habilis (= handige mens)
Tijd en ruimte
- +- 2,5 miljoen jaar geleden tot +- 1,8 miljoen jaar geleden
- +- 2,6 miljoen jaar geleden; klimaat werd koeler en ontstonden seizoenen.
levensomstandigheden werden moeilijker seizoenen: niet alleen weer en temp. schommelden, ook het aanbod van planten
en aas
- Leefde in de savanne, Oost-Afrika
- Wie zich het best aanpaste aan de levensomstandigheden (seizoenen) enz, had het meeste kans om te overleven
Anatomie
- Grotere hersenen (door aanpassing levensomstandigheden)
- Bekken en heupgewrichten= gelijksoortig met moderne mens
- Max. 1m60
Gevarieerd dieet
- Vooral vruchten en planten
- Aanwijzingen dat hij vlees at!
wss een aaseter= iem die overschot van dieren opeten
Cultuur
- Choppers = rolkeien (grootte van een tennisbal) waarvan aan de zijkant een scherpe rand geslagen van werd.
ze lagen goed in de hand en kon er krachtig mee toeslaan om vb hard materiaal zoals noten en beenderen stuk te krijgen
- Activiteiten plannen
- Geen vaste woonplaats groepen leefden samen in basiskamp (die door klimaat en hoeveelheid voedsel regelmatig veranderde)
- Basiskamp lag altijd dicht bij water: drinken, bomen die bescherming boden, trok ook veel dieren aan
- Basiskamp= BEL GEGEVEN! Landschap en bronnen werden beheerd
- 2 functies v/h basiskamp: verdelen van voedsel en werktuigen + bescherming tegen roofdieren