RESPIRATOIR
Preanesthesie Premedicatie Inductie Onderhoud PO/recovery
Symptomen: 1. milde sedatie tegen Essentieel: Inhalatie anesthesie + Geleidelijk aan
- hoesten stress - snelle inductie gecontroleerde ventilatie afbouwen inhalatie
- dyspnee 2. kiezen voor middel met - snelle anestheticum
- cyanose weinig invloed op AH: intubatie + Injectie anesthesie +
- syncope controle intubatie + O2 Brachycephalen =>
! onderzoek aard en uitgebereidheid ACP (let op werkt lang en niet luchtwegen supplement. langdurig intuberen +
! beperken van stress antidoteerbaar!) opvolgen:
Ventileren NIET GEVEN: - dosis
Onderzoek: Benzo’s (diazepam/ midazolam) lachgas: inductiemiddel
- RX thorax/hals/abdomen lage dosis want: Best: IV inductie na - bij bij de hand
- EKG spierrelaxatie => dalen ventilatie pre-oxygenatie: pneumothorax hebben
- Hematologie of - spontane AH
- Bloedgasanalyse A2-agonisten Propofol pneumomediast stimuleren
lage dosis tinum (zet uit!) - neussonde
Uitstel van anesthesie: Voordeel: antidoot: atipamizole Alfaxalone - vermijden N2O plaatsen
- dyspnee lichte inspanning/rust Nadeel: VC camoufleert cyanose om inspiratoire - controle
- pneumonie/longoedeem/loncontusie concentratie O2 ventilatiepara
/atelectase NIET GEVEN: Ketamine + midazolam hoog te houden. meters
- pneumothorax/hydrothorax Opiaten: Tiletamine + - geleidelijk
=> thoracoscentesis mbv - onderdrukken AH zolazepam Monitoring met afbouwen O2
vlinderkatheter of plaatsen van - dosis en - enkel als - capnografie (= supplementatie
permanente thoraxdrain + lokale productafhankelijk luchtwegreflex intact respiratoire en
verdoving: lidocaine. - afname ademfrequentie want geeft aanleiding cardiovasculaire
en tidaalvolume tot broncho en problemen)
Pre-oxygenatie: masker 2-3L gedurende 5- - dalen respons op stijgen laryngospasmen wat - pulse oxymetrie
10min van de CO2spanning hoest uitlokt. (= O2 saturatie
- invloed op en
thermoregulatiecentrum hartfrequentie)
= hijgen.
Voorbeeld van een protocol:
- premedicatie: ACP
- inductie: IV na pre-oxygenatie: propofol
- onderhoud: Iso/sevo
, DIABETES MELITUS
Preanesthesie Premedicatie Inductie Onderhoud PO/recovery
Stabilisatie: NIET GEVEN: Propofol Iso/sevo LET OP: decompensatie van
- uitvasten: anesthesie ‘s ochtends meteen uitvoeren!! A2 agonisten: patient die eerder wel stabiel
Goede planning!! - dosisafhankelijke was door:
- Halve dosis insuline ’s ochtends hyperglycemie - stress
! doel: dier ’s avonds terug op normale schema - dosisafhankelijke - toedienen cortico’s
hypo-insulinemie
Belangrijkste complicatie = hypoglycemie
- gemaskeerd tijdens anesthesie Algemeen gebruik
- zorgt voor hersenbeschadiging kortwerkende en
! Meten van bloedglucose: antidoteerbare producten:
- preanesthetisch - opiaten
- tijdens anesthesie elke 60 min - propofol
- recovery - Iso of sevo
- tot dier weer eet
DOEL: glucose hoog houden (150-200mg/dl)
(normaal = 60-110 mg/dl)
door:
- gebalanceerde elektrolieten oplossing met glucose
- toedienen na herhaalde metingen
- bloedstaal meting mag niet genomen worden via katheter
van glucose infuus
NIET GEVEN: glucose 5% alleen want risico wateroverload en
longoedeem
Stoppen infuus:
- zodra patient eet + halve dosis insuline na 30 min.
- Glucose normaal? = overschakelen op NaCl of ringer
Voorbeeld van protocol:
- premedicatie: methadone
- inductie: propofol
- onderhoud: iso/sevo
Preanesthesie Premedicatie Inductie Onderhoud PO/recovery
Symptomen: 1. milde sedatie tegen Essentieel: Inhalatie anesthesie + Geleidelijk aan
- hoesten stress - snelle inductie gecontroleerde ventilatie afbouwen inhalatie
- dyspnee 2. kiezen voor middel met - snelle anestheticum
- cyanose weinig invloed op AH: intubatie + Injectie anesthesie +
- syncope controle intubatie + O2 Brachycephalen =>
! onderzoek aard en uitgebereidheid ACP (let op werkt lang en niet luchtwegen supplement. langdurig intuberen +
! beperken van stress antidoteerbaar!) opvolgen:
Ventileren NIET GEVEN: - dosis
Onderzoek: Benzo’s (diazepam/ midazolam) lachgas: inductiemiddel
- RX thorax/hals/abdomen lage dosis want: Best: IV inductie na - bij bij de hand
- EKG spierrelaxatie => dalen ventilatie pre-oxygenatie: pneumothorax hebben
- Hematologie of - spontane AH
- Bloedgasanalyse A2-agonisten Propofol pneumomediast stimuleren
lage dosis tinum (zet uit!) - neussonde
Uitstel van anesthesie: Voordeel: antidoot: atipamizole Alfaxalone - vermijden N2O plaatsen
- dyspnee lichte inspanning/rust Nadeel: VC camoufleert cyanose om inspiratoire - controle
- pneumonie/longoedeem/loncontusie concentratie O2 ventilatiepara
/atelectase NIET GEVEN: Ketamine + midazolam hoog te houden. meters
- pneumothorax/hydrothorax Opiaten: Tiletamine + - geleidelijk
=> thoracoscentesis mbv - onderdrukken AH zolazepam Monitoring met afbouwen O2
vlinderkatheter of plaatsen van - dosis en - enkel als - capnografie (= supplementatie
permanente thoraxdrain + lokale productafhankelijk luchtwegreflex intact respiratoire en
verdoving: lidocaine. - afname ademfrequentie want geeft aanleiding cardiovasculaire
en tidaalvolume tot broncho en problemen)
Pre-oxygenatie: masker 2-3L gedurende 5- - dalen respons op stijgen laryngospasmen wat - pulse oxymetrie
10min van de CO2spanning hoest uitlokt. (= O2 saturatie
- invloed op en
thermoregulatiecentrum hartfrequentie)
= hijgen.
Voorbeeld van een protocol:
- premedicatie: ACP
- inductie: IV na pre-oxygenatie: propofol
- onderhoud: Iso/sevo
, DIABETES MELITUS
Preanesthesie Premedicatie Inductie Onderhoud PO/recovery
Stabilisatie: NIET GEVEN: Propofol Iso/sevo LET OP: decompensatie van
- uitvasten: anesthesie ‘s ochtends meteen uitvoeren!! A2 agonisten: patient die eerder wel stabiel
Goede planning!! - dosisafhankelijke was door:
- Halve dosis insuline ’s ochtends hyperglycemie - stress
! doel: dier ’s avonds terug op normale schema - dosisafhankelijke - toedienen cortico’s
hypo-insulinemie
Belangrijkste complicatie = hypoglycemie
- gemaskeerd tijdens anesthesie Algemeen gebruik
- zorgt voor hersenbeschadiging kortwerkende en
! Meten van bloedglucose: antidoteerbare producten:
- preanesthetisch - opiaten
- tijdens anesthesie elke 60 min - propofol
- recovery - Iso of sevo
- tot dier weer eet
DOEL: glucose hoog houden (150-200mg/dl)
(normaal = 60-110 mg/dl)
door:
- gebalanceerde elektrolieten oplossing met glucose
- toedienen na herhaalde metingen
- bloedstaal meting mag niet genomen worden via katheter
van glucose infuus
NIET GEVEN: glucose 5% alleen want risico wateroverload en
longoedeem
Stoppen infuus:
- zodra patient eet + halve dosis insuline na 30 min.
- Glucose normaal? = overschakelen op NaCl of ringer
Voorbeeld van protocol:
- premedicatie: methadone
- inductie: propofol
- onderhoud: iso/sevo