Doelen van sociaal werk:
Het bevorderen van maatschappelijke verandering en ontwikkeling
Het bevorderen van sociale cohesie
Het bevrijden van mensen uit onderdrukking en hen bemoedigen en ondersteunen om vastgelopen
situaties los te wrikken
De doelen zijn gebaseerd op de volgende fundamentele principes:
Sociale rechtvaardigheid
Mensenrechten
Collectieve verantwoordelijkheid
Respect voor diversiteit
Hierbij wordt gebruik gemaakt van de volgende kennis:
Theorieën over sociaal werk
Kennis uit de sociale wetenschappen en de geesteswetenschap
Lokale kennis uit gemeenschappen waarin sociaal werk zich beweegt
Een tweede oriëntatie legt een andere nadruk en richt zich via het bevorderen van burgerschap en participatie
meer op het aanpassen van mensen aan het anticiperen op de complexe veranderingen in de samenleving.
Deze oriëntatie zien we vooral terug in de politiek en het sociaal beleid, die beide in het teken staan van de
transformatie van de verzorgingsstaat. Onder het motto van “het werken aan de participatiesamenleving”
doen politiek en overheid een sterk beroep op de eigen verantwoordelijkheid van burgers.
Verschillende betekenissen van sociaal werk:
Sociaal werk staat voor een cluster van beroepen in de sector zorg en welzijn
Sociaal werk staat voor een sector of domein, hiermee worden alle voorzieningen, alle regelingen en
het sociaal beleid bedoelt
Sociaal werk staat voor een specifieke opleiding
Sociaal werk staat voor kennisdomein
Kerntaken, het hart van sociaal werk:
Ondersteunen en wegwijs maken
Voor iemand zorgen
Ontwikkelen en opvoeden
Ingrijpen en optreden => interventie
Gedrag beïnvloeden
Verhoudingen beïnvloeden => hoe verhoudt een groep mensen zich tot elkaar?
Signaleren en agenderen.
Een sociale professional moet in staat zijn om mensen op professionele wijze voor iemand te zorgen en hem
wegwijs te maken, mensen in hun gedrag en onderlinge verhoudingen te beïnvloeden, en jeugdigen of
volwassenen en hun opvoeders en begeleiders te ondersteunen bij de opvoeding. Zodra zich nijpende situaties
voordoen, moet hij zo nodig in kunnen grijpen en optreden. Wanneer er spraken is van structurele misstanden
of opvallende ontwikkelingen, moet hij deze weten te signaleren en agenderen.