5/10/2015
Hoorcollege 5 Grondslagen van Recht
Thema 5- Rechtelijke rechtsvorming
Wat voorafging
1. Een willekeurige verzameling van regels vastgesteld door een rechtsautoriteit OF
2. Een verzameling regels in een bepaalde structuur gebaseerd op inhoudelijke morele
overwegingen.
3. Recht is een argumentatieve praktijk waarin wordt gesproken over de beste
interpretatie van het recht, waarbij ook andere overwegingen een rol spelen.
Indien 2: kunnen we dan nog wel spreken van regels en rechtsbronnen wanneer we over
recht nadenken?
Elke samenleving heeft een minimale morele inhoud.
Onbepaaldheid van recht
- De wet:
o Algemene regels
o Gebaseerd op het verleden en toekomstgericht
- Gat tussen de feiten en het recht
- Hoe uit te leggen:
o Wetgever: art. 12 AB: de regter moet volgens de wet regt spreken: hij mag in
geen geval de innerlijke waarde of billijkheid der wet beoordelen
o Rechter: art. 13 AB: de regter die weigert regt te spreken onder voorwendsel
van het stilzwijgen, de duisterheid of de onvolledigheid der wet, kan uit
hoofde van regtsweigering vervolgd worden.
- Jurisprudentie:
o De (veranderende) aard van wetgeving maakt jurisprudentie tot rechtsbron
o Belang van rechtszekerheid en flexibiliteit (toekomstgerichtheid)
o Functie van open normen:
Redelijkheid en billijkheid
Maatschappelijke betamelijkheid
o De rol van rechtsbeginselen
Rechtsvinding en rechtsvorming
Casuïstiek van het recht
Het recht bestaat uit abstracte regels en moet worden toegepast op concrete feiten.
Waarom vormt de rechter recht?
3 typen van rechtsvinding
- Heteronoom
o Syllogisme:
Feiten + rechtsregel = uitkomst
Rechter als bouche de la loi -> art. 12 AB
Doel van het grote codificatieproces uit de 19e eeuw (macht
van rechter aan banden leggen, de rechter is alleen nog de
spreekbuis van de wet)
Hoorcollege 5 Grondslagen van Recht
Thema 5- Rechtelijke rechtsvorming
Wat voorafging
1. Een willekeurige verzameling van regels vastgesteld door een rechtsautoriteit OF
2. Een verzameling regels in een bepaalde structuur gebaseerd op inhoudelijke morele
overwegingen.
3. Recht is een argumentatieve praktijk waarin wordt gesproken over de beste
interpretatie van het recht, waarbij ook andere overwegingen een rol spelen.
Indien 2: kunnen we dan nog wel spreken van regels en rechtsbronnen wanneer we over
recht nadenken?
Elke samenleving heeft een minimale morele inhoud.
Onbepaaldheid van recht
- De wet:
o Algemene regels
o Gebaseerd op het verleden en toekomstgericht
- Gat tussen de feiten en het recht
- Hoe uit te leggen:
o Wetgever: art. 12 AB: de regter moet volgens de wet regt spreken: hij mag in
geen geval de innerlijke waarde of billijkheid der wet beoordelen
o Rechter: art. 13 AB: de regter die weigert regt te spreken onder voorwendsel
van het stilzwijgen, de duisterheid of de onvolledigheid der wet, kan uit
hoofde van regtsweigering vervolgd worden.
- Jurisprudentie:
o De (veranderende) aard van wetgeving maakt jurisprudentie tot rechtsbron
o Belang van rechtszekerheid en flexibiliteit (toekomstgerichtheid)
o Functie van open normen:
Redelijkheid en billijkheid
Maatschappelijke betamelijkheid
o De rol van rechtsbeginselen
Rechtsvinding en rechtsvorming
Casuïstiek van het recht
Het recht bestaat uit abstracte regels en moet worden toegepast op concrete feiten.
Waarom vormt de rechter recht?
3 typen van rechtsvinding
- Heteronoom
o Syllogisme:
Feiten + rechtsregel = uitkomst
Rechter als bouche de la loi -> art. 12 AB
Doel van het grote codificatieproces uit de 19e eeuw (macht
van rechter aan banden leggen, de rechter is alleen nog de
spreekbuis van de wet)