Voeding
Wat is klinische voeding?
Aangepaste voeding (geen gewone voedingsmiddelen à bv.: eiwitrijke supplementen, sondevoeding of TPN).
Wordt gegeven omwille van:
Klinische problemen (kauw, slik, smaak, bewustzijn).
Ter aanvulling (bij onvoldoende inname of absorptie).
Vervanging van gewone maaltijden:
o Per os: normale manier eten en drinken.
o Enteraal: maagsonde/PEG.
o Parenteraal: IV (= supplement bij enteraal).
o Totale parenterale: IV (vervangt enteraal).
o Ziekte specifieke drinkvoeding: Cubitan, Respifor, Renilon.
Wat zijn de verpleegkundige diagnosen hiervan?
Risico op infectie
Risico op huidletsel
Risico op over-of ondervoeding
Risico op verstoorde vochtbalans
Risico op verstoorde uitscheiding
Ongemak (ook nausea)
Risico op pijn
Hoe gebeurt de opname en werking van geneesmiddelen?
Medicijnen beïnvloeden elkaar bij gelijktijdige inname ook bepaalde voedingsmiddelen hebben invloed op
werking van aantal medicijnen.
Farmacokinetiek à 3 processen waaraan een werkzame stof in het lichaam wordt onderworpen:
o Absorptie
o Distributie
o Eliminatie
Farmacokinetiek legt verband tussen 3 processen en de tijd, en geeft met behulp van
wiskundige formules het gedrag v/e GM in lichaam weer.
Farmacokinetiek à kwaliteit v/d medicamenteuze therapie & voorspelt hoe effect v/h
GM zal zijn na toedienen van: => afhankelijk van conditie van lichaam.
o Bepaalde dosis (hangt af biologische beschikbaarheid= % GM dat uiteindelijk in bloed komt.
o Bepaalde toedieningsvorm
o Bepaalde doseerfrequentie.
Toedieningsvormen: per os, SC, IM, IV, infuus, rectaal, lokaal.
Voor werking van GM = concentratie in bloed is belangrijkà therapeutische dosis.
Bio-beschikbaarheid wordt mede bepaald door absorptie in dunne darm= firstpass effect.
Wat is klinische voeding?
Aangepaste voeding (geen gewone voedingsmiddelen à bv.: eiwitrijke supplementen, sondevoeding of TPN).
Wordt gegeven omwille van:
Klinische problemen (kauw, slik, smaak, bewustzijn).
Ter aanvulling (bij onvoldoende inname of absorptie).
Vervanging van gewone maaltijden:
o Per os: normale manier eten en drinken.
o Enteraal: maagsonde/PEG.
o Parenteraal: IV (= supplement bij enteraal).
o Totale parenterale: IV (vervangt enteraal).
o Ziekte specifieke drinkvoeding: Cubitan, Respifor, Renilon.
Wat zijn de verpleegkundige diagnosen hiervan?
Risico op infectie
Risico op huidletsel
Risico op over-of ondervoeding
Risico op verstoorde vochtbalans
Risico op verstoorde uitscheiding
Ongemak (ook nausea)
Risico op pijn
Hoe gebeurt de opname en werking van geneesmiddelen?
Medicijnen beïnvloeden elkaar bij gelijktijdige inname ook bepaalde voedingsmiddelen hebben invloed op
werking van aantal medicijnen.
Farmacokinetiek à 3 processen waaraan een werkzame stof in het lichaam wordt onderworpen:
o Absorptie
o Distributie
o Eliminatie
Farmacokinetiek legt verband tussen 3 processen en de tijd, en geeft met behulp van
wiskundige formules het gedrag v/e GM in lichaam weer.
Farmacokinetiek à kwaliteit v/d medicamenteuze therapie & voorspelt hoe effect v/h
GM zal zijn na toedienen van: => afhankelijk van conditie van lichaam.
o Bepaalde dosis (hangt af biologische beschikbaarheid= % GM dat uiteindelijk in bloed komt.
o Bepaalde toedieningsvorm
o Bepaalde doseerfrequentie.
Toedieningsvormen: per os, SC, IM, IV, infuus, rectaal, lokaal.
Voor werking van GM = concentratie in bloed is belangrijkà therapeutische dosis.
Bio-beschikbaarheid wordt mede bepaald door absorptie in dunne darm= firstpass effect.