2. BREDE BASISZORG: WERKEN AAAN HET
WELBEVINDEN EN DE BETROKKENHEID VAN ALLE
KINDEREN
1. ONZE VISIE: HET KRACHTIG KIND STAAT CENTRAAL
o Elk kind is een unieke persoonlijkheid -> uitgangspunt in het verdrag van
kinderrechten.
o Kinderen hebben recht op:
- Respect
- Ondersteuning
- Kans krijgen om te ontplooien door opvoeding en onderwijs
- Recht op kwalitatief onderwijs
o Onderwijs past zich aan aan de mogelijkheden en de onderwijsbehoeften van ieder
kind.
o Kinderen met specifieke onderwijs behoeften (SOB) -> kijken naar wat het kind WEL
kan.
o Binnen diversiteitsdenken hebben we permanent aandacht voor het kind in zijn
context. We kijken naar barrières in de context, niet enkel naar de tekorten van
kinderen.
o We pakken barrières aan die ervoor zorgen dat een kind niet ten volle kan
participeren. Leerkrachten, ouders, externen, … gaan op zoek naar wat wel en niet
werkt, wat het kind nodig heeft. Wat het kind interesseert om zich ten volle te kunnen
ontwikkelen.
o Zorgbrede school, zorg breed werken en zorgverbreding.
o Als leerkracht naar de eigenheid van elk kind leren kijken. -> indien niet: ontneem je
de zin van leren.
o Liedje: ruimtevaarder - kommilflo
o Visie sluit aan bij Reggio emilia-
visie waarbij elk kind word gezien als krachtig kind.
o Uitgangspunt is om kinderen op een zo hoog mogelijk niveau te krijgen.
o Leerstijl word bepaald door het kind zelf, er word onderwijs op maat aangeboden.
o Ouders zijn belangrijk in het zoeken naar onderwijs zo goed mogelijk op af te
stemmen. (zijn ervaringsdeskundigen over eigen kind)
2. DE ZORGBREDE SCHOOL
o Je werkt voortdurend op een zorgzame wijze aan ontwikkelingskansen. -> zorgbrede
aanpak op alle tereinen.
o Onderwijsaanbod word georganiseerd zodat ieder kind zoveel mogelijk kansen krijgt
om zich zo ruim als mogelijk te ontplooien.
o Niet elk kind volgt dezelfde ontwikkelingsweg -> gediffrentieert gewerkt.
o Klasleerkracht word ondersteund door zorgcoördinator op niveau van de school en de
zorgjuf die de zorg in de klas ondersteunt.
o Klasleerkracht blijft spilfiguur voor brede basiszorg.
3. HET ZORGBELEID EN DE ZORGWERKING OPBOUWEN OP BASIS VAN
HET ZORGCONTINUÜM.
o Zorgcontinuüm = de beschrijving van een zorgstructuur waarmee het zorgbeleid kan
worden opgebouwd op de school.
, o Doorlopend aansluitend geheel -> stippenlijnen. Noden van leerlingen zijn niet af te
lijnen of in te delen in vakjes.
o Wanneer je overgaat naar een volgende fase geld de vorge fase nog steeds.
FASE 0: DE BREDE BASISZORG: WELBEVINDEN EN BETROKKENHEID VAN ELK
KIND STAAT CENTRAAL
o Brede basizorg voor alle kinderen.
o Tegmoetkomen aan de psychologische basisbehoeften:
- Autonomie
- Bezitten van competentiegevoel
- Zich verbonden voelen
o Welbevinden en betrokkenheid van elk kind doelgericht nastreven om zo de
ontwikkeling van elk kind te stimuleren.
o Bij brede beeldvorming richten we ons op de totale persoon in zijn context.
o Accent leggen op observeren van mogelijkheden en kansen.
o Het geloof in groei en groeiskracht staat centraal.
o Diversiteit zien we als meerwaarde.
o De leerkracht beschikt over de nodige vaardigheden -> maakt gebruik van een
krachtige leeromgeving, om de ontwikkeling van ieder kind te stimuleren.
o Leerkracht stemt aanbod af op behoeftes van elk kind = diffrentiatie.
o Door observaties volgt de leerkracht elk kind op.
o Leerkracht zal gedifrentieerd zijn en de klasorganisatie word flexibel aangepakt.
o Samen school maken staat centraal: voortdurende
wisselwerking tussen de school, ouders, buurt en
externe diensten binnen het zorgbeleid.
Brede basiszorg gericht op spel
Op schoolniveau:
o Wanneer de school wil vertrekken van een
spelvriendelijk schoolklimaat -> gezamenlijk (zorg)
visie op spel nodig als schoolteam.
o Overleg in team over: klasinrichting, klasorganisatie gericht op het creeëren van
spelmogelijkheden voor alle kinderen.
o Is ‘komen tot spel’ onderdeel van kindervolgsysteem? Hoeveel speltijd voorzien we
tegenover speelleerkans? Hoe kan zorgteam de leerkrachten hierin ondersteunen en
coachen? -> we maken samen school.
Op klas- en leerkrachten niveau:
Verkenning nodig van behoeften en mogelijkheden van de kleuters in de klas.
(beginsituatie I.V.M spelen)
Verkennen van buitenaf: buiten spel en interactie blijven van de kinderen. Kijken, af en
toe vanuit vooraf bepaalde observatiepunten.
Verkennen van binnenuit: meedoen, vanuit handelingen en interactie reageren, uitlokken
en kijken wat er gebeurd.
WELBEVINDEN EN DE BETROKKENHEID VAN ALLE
KINDEREN
1. ONZE VISIE: HET KRACHTIG KIND STAAT CENTRAAL
o Elk kind is een unieke persoonlijkheid -> uitgangspunt in het verdrag van
kinderrechten.
o Kinderen hebben recht op:
- Respect
- Ondersteuning
- Kans krijgen om te ontplooien door opvoeding en onderwijs
- Recht op kwalitatief onderwijs
o Onderwijs past zich aan aan de mogelijkheden en de onderwijsbehoeften van ieder
kind.
o Kinderen met specifieke onderwijs behoeften (SOB) -> kijken naar wat het kind WEL
kan.
o Binnen diversiteitsdenken hebben we permanent aandacht voor het kind in zijn
context. We kijken naar barrières in de context, niet enkel naar de tekorten van
kinderen.
o We pakken barrières aan die ervoor zorgen dat een kind niet ten volle kan
participeren. Leerkrachten, ouders, externen, … gaan op zoek naar wat wel en niet
werkt, wat het kind nodig heeft. Wat het kind interesseert om zich ten volle te kunnen
ontwikkelen.
o Zorgbrede school, zorg breed werken en zorgverbreding.
o Als leerkracht naar de eigenheid van elk kind leren kijken. -> indien niet: ontneem je
de zin van leren.
o Liedje: ruimtevaarder - kommilflo
o Visie sluit aan bij Reggio emilia-
visie waarbij elk kind word gezien als krachtig kind.
o Uitgangspunt is om kinderen op een zo hoog mogelijk niveau te krijgen.
o Leerstijl word bepaald door het kind zelf, er word onderwijs op maat aangeboden.
o Ouders zijn belangrijk in het zoeken naar onderwijs zo goed mogelijk op af te
stemmen. (zijn ervaringsdeskundigen over eigen kind)
2. DE ZORGBREDE SCHOOL
o Je werkt voortdurend op een zorgzame wijze aan ontwikkelingskansen. -> zorgbrede
aanpak op alle tereinen.
o Onderwijsaanbod word georganiseerd zodat ieder kind zoveel mogelijk kansen krijgt
om zich zo ruim als mogelijk te ontplooien.
o Niet elk kind volgt dezelfde ontwikkelingsweg -> gediffrentieert gewerkt.
o Klasleerkracht word ondersteund door zorgcoördinator op niveau van de school en de
zorgjuf die de zorg in de klas ondersteunt.
o Klasleerkracht blijft spilfiguur voor brede basiszorg.
3. HET ZORGBELEID EN DE ZORGWERKING OPBOUWEN OP BASIS VAN
HET ZORGCONTINUÜM.
o Zorgcontinuüm = de beschrijving van een zorgstructuur waarmee het zorgbeleid kan
worden opgebouwd op de school.
, o Doorlopend aansluitend geheel -> stippenlijnen. Noden van leerlingen zijn niet af te
lijnen of in te delen in vakjes.
o Wanneer je overgaat naar een volgende fase geld de vorge fase nog steeds.
FASE 0: DE BREDE BASISZORG: WELBEVINDEN EN BETROKKENHEID VAN ELK
KIND STAAT CENTRAAL
o Brede basizorg voor alle kinderen.
o Tegmoetkomen aan de psychologische basisbehoeften:
- Autonomie
- Bezitten van competentiegevoel
- Zich verbonden voelen
o Welbevinden en betrokkenheid van elk kind doelgericht nastreven om zo de
ontwikkeling van elk kind te stimuleren.
o Bij brede beeldvorming richten we ons op de totale persoon in zijn context.
o Accent leggen op observeren van mogelijkheden en kansen.
o Het geloof in groei en groeiskracht staat centraal.
o Diversiteit zien we als meerwaarde.
o De leerkracht beschikt over de nodige vaardigheden -> maakt gebruik van een
krachtige leeromgeving, om de ontwikkeling van ieder kind te stimuleren.
o Leerkracht stemt aanbod af op behoeftes van elk kind = diffrentiatie.
o Door observaties volgt de leerkracht elk kind op.
o Leerkracht zal gedifrentieerd zijn en de klasorganisatie word flexibel aangepakt.
o Samen school maken staat centraal: voortdurende
wisselwerking tussen de school, ouders, buurt en
externe diensten binnen het zorgbeleid.
Brede basiszorg gericht op spel
Op schoolniveau:
o Wanneer de school wil vertrekken van een
spelvriendelijk schoolklimaat -> gezamenlijk (zorg)
visie op spel nodig als schoolteam.
o Overleg in team over: klasinrichting, klasorganisatie gericht op het creeëren van
spelmogelijkheden voor alle kinderen.
o Is ‘komen tot spel’ onderdeel van kindervolgsysteem? Hoeveel speltijd voorzien we
tegenover speelleerkans? Hoe kan zorgteam de leerkrachten hierin ondersteunen en
coachen? -> we maken samen school.
Op klas- en leerkrachten niveau:
Verkenning nodig van behoeften en mogelijkheden van de kleuters in de klas.
(beginsituatie I.V.M spelen)
Verkennen van buitenaf: buiten spel en interactie blijven van de kinderen. Kijken, af en
toe vanuit vooraf bepaalde observatiepunten.
Verkennen van binnenuit: meedoen, vanuit handelingen en interactie reageren, uitlokken
en kijken wat er gebeurd.