H. isselée
MOTORISCH LEREN
1. Perspectieven in motorische controle en leren
1.1. Inleiding
1.2. Motorisch leren en motorische controle
1.2.1. Definitie van ML
1.2.2. Definitie van de motorische controle
1.2.2.1. Gesloten lus systemen
1.2.2.2. Open lus systemen
1.2.2.3. Vereniging van open en gesloten lus systemen
1.3. Theorieën van het ML
1.3.1. Inleiding
1.3.2. De gesloten lus theorie van Adams
1.3.2.1. Het gesloten lus beginsel
1.3.2.2. Twee geheugentoestanden
Perceptuele spoor
Geheugenspoor
1.3.3. De schematheorie van Schmidt m.b.t. het leren van discrete
motorische vaardigheden
1.3.3.1. Kritische bemerkingen op de gesloten lus theorie v
Adams
o Het stockage probleem
o Het nieuwigheidsprobleem
1.3.3.2. De schematheorie en het gegeneraliseerde motorische
programma
1.3.3.3. Het mot progr: een centraal concept i d bew controle
1.3.3.4. Neurologische evidente voor het bestaan vn mot progr
1.3.3.5. Het gegener mot progr: param en invariantie karakterist
1.3.3.5.1.Definitie P en IK
1.3.3.6. De schematheorie: herinn en herkenn schema
….
1.4. Conclusie
1
, H. isselée
2. Meetprocedures, technieken en wetmatigheden van motorische controle
2.1. Classificatie van motorische antwoorden
2.2. Afhankelijke variabelen
2.3. Foutenscores als afhankelijke variabelen
2.4. De wet van Fitts: determinanten van bewegingssnelheid
2.5. Leren versus presteren: het transferontwerp
2.6. Overzicht van mogelijke prestatiecurven
3. Feedback en bewegingscontrole
3.1. Inleiding
3.2. Een classificatie van sensorische informatie
3.3. Intrinsieke of inherente feedback
3.3.1. Proprioceptieve informatie
3.3.1.1. Neurofysiologie van de proprioceptie
3.3.1.1.1.Spierspindels en golgi pees orgaantjes
3.3.1.1.1.1. Myostatische reflex
3.3.1.1.1.2. Reciproke inhibitie
3.3.1.1.1.3. Autogene inhibitie
3.3.1.1.2.Gewrichtsreceptoren
3.3.1.2. Rol van proprioceptieve informatie in de motoriek
3.3.2. Visuele informatie
3.3.3. Het relatieve belang van visuele en proprioceptieve informatie
3.4. Besluit
2
MOTORISCH LEREN
1. Perspectieven in motorische controle en leren
1.1. Inleiding
1.2. Motorisch leren en motorische controle
1.2.1. Definitie van ML
1.2.2. Definitie van de motorische controle
1.2.2.1. Gesloten lus systemen
1.2.2.2. Open lus systemen
1.2.2.3. Vereniging van open en gesloten lus systemen
1.3. Theorieën van het ML
1.3.1. Inleiding
1.3.2. De gesloten lus theorie van Adams
1.3.2.1. Het gesloten lus beginsel
1.3.2.2. Twee geheugentoestanden
Perceptuele spoor
Geheugenspoor
1.3.3. De schematheorie van Schmidt m.b.t. het leren van discrete
motorische vaardigheden
1.3.3.1. Kritische bemerkingen op de gesloten lus theorie v
Adams
o Het stockage probleem
o Het nieuwigheidsprobleem
1.3.3.2. De schematheorie en het gegeneraliseerde motorische
programma
1.3.3.3. Het mot progr: een centraal concept i d bew controle
1.3.3.4. Neurologische evidente voor het bestaan vn mot progr
1.3.3.5. Het gegener mot progr: param en invariantie karakterist
1.3.3.5.1.Definitie P en IK
1.3.3.6. De schematheorie: herinn en herkenn schema
….
1.4. Conclusie
1
, H. isselée
2. Meetprocedures, technieken en wetmatigheden van motorische controle
2.1. Classificatie van motorische antwoorden
2.2. Afhankelijke variabelen
2.3. Foutenscores als afhankelijke variabelen
2.4. De wet van Fitts: determinanten van bewegingssnelheid
2.5. Leren versus presteren: het transferontwerp
2.6. Overzicht van mogelijke prestatiecurven
3. Feedback en bewegingscontrole
3.1. Inleiding
3.2. Een classificatie van sensorische informatie
3.3. Intrinsieke of inherente feedback
3.3.1. Proprioceptieve informatie
3.3.1.1. Neurofysiologie van de proprioceptie
3.3.1.1.1.Spierspindels en golgi pees orgaantjes
3.3.1.1.1.1. Myostatische reflex
3.3.1.1.1.2. Reciproke inhibitie
3.3.1.1.1.3. Autogene inhibitie
3.3.1.1.2.Gewrichtsreceptoren
3.3.1.2. Rol van proprioceptieve informatie in de motoriek
3.3.2. Visuele informatie
3.3.3. Het relatieve belang van visuele en proprioceptieve informatie
3.4. Besluit
2