Samenvatting bouwkunde 1
Bouwmarkt: (soorten woningen)
Woningbouw Utiliteitsbouw
(nutsgebouwen)
Grondgebonden Gestapeld Fabrieken
(Eengezins) (Meergezins) Bedrijfshallen
Bungalows Duplex/maisonnette/BEBO Kantoren
Villa’s Appartementen Winkels
Herenhuizen Etagebouw Garages
Vrijstaande woningen Hoogbouw Ziekenhuizen
Geschakelde woningen Galerij Bioscopen
2/1 kap woningen Corridor
Rijtjeswoningen Portiek
Kijk PowerPoint Bouw- en woonvormen
Maximaal 4 woonlagen: lift niet verplicht
Meer dan 4 woonlagen: lift wel verplicht
Duplexwoning= woningen met aparte, boven elkaar geplaatste, wooneenheden, voor twee
afzonderlijke gezinnen.
Maisonette= appartement over 2 verdiepingen, de woonkamer en slaapkamer bevinden zich op
aparte verdiepingen.
Galerij woning= (enkele rij) appartementen ontsloten via uitpandige gang.
Corridor woning= (dubbele rij) appartementen ontsloten via inpandige gang.
Portiek woning= woningen met een gezamenlijk entree op de begane grond. Achter de entree
bevindt zich een trappenhuis.
Kangoeroewoning= een huis waar meerdere gezinnen onder één dak wonen.
Studio= klein appartement bestaande uit één kamer.
Penthouse= een woonhuis op het dak van een appartementencomplex.
Portiek woning:
Driespan= 3 appartementen per laag
Molenwiek= 4 appartementen per laag
Vierspan= 4 appartementen per laag
Bijzondere woningtypen:
- Split level woningen= woning waarbij de vloeren een halve verdiepingshoogte ten opzichte
van elkaar verspringen.
- Studio woningen
- Drive-in woning
- BEBO woning
Kijk PowerPoint Bouw- en woonvormen
Verschil bijbouw/aanbouw/uitbouw:
Bijbouw: losstaand van hoofdbouw
Aanbouw: aangebouwde afzonderlijk vertrek
Uitbouw: extra uitgebouwde ruimte van een vertrek
Bouwstijlen:
- Romaanse stijl (1100-1200)
- Gotische stijl (1100-1500)
- Renaissance (1400-1650)
1
, - Barok (1600-1750)
- Jugendstil (1890-1910)
- Amsterdamse School (1910-1930)
- De Stijl, Kubisme (1910-1930)
- Moderne bouwkunst (1960-heden)
Kijk PowerPoint Bouw- en woonvormen
5 eisen bouwbesluit:
1. Milieuvriendelijkheid
2. Energie zuinigheid
3. Bruikbaarheid
4. Veiligheid
5. Gezondheid
Bouwmethodieken:
1. Stapelbouw U-bouw
2. Gietbouw W- en U-bouw
3. Montagebouw W- en U-bouw
4. Houtskeletbouw W- en U-bouw
Kijk PowerPoint Bouwmethodieken en Bouwvolgorde
3 typen grondsoorten:
1. Niet samenhangende anorganische grondsoorten (zand, grind)
2. Samenhangende anorganische grondsoorten (klei, leem)
3. Samenhangende organische grondsoorten (veen)
Zand en grind:
- Nauwelijks samendrukbaar
- Goed waterdoorlatend
- Fijn materiaal (tot 2mm korreldoorsnede)
- Grof materiaal (vanaf 2mm korreldoorsnede)
Klei en leem:
- Samendrukbaar
- Slecht waterdoorlatend
- Zeer fijne korrelstructuur
Veen:
- Samendrukbaar
- Slecht verticaal waterdoorlatend
- Geen korrelstructuur, maar verzelachtig
Bodemonderzoek: waarop wordt onderzocht?
- Bepaling van de grondwaterstand = geohydrologisch onderzoek
- Bepaling van de bodemopbouw = geotechnisch onderzoek
- Bepaling diepte draagkrachtige laag = geotechnisch onderzoek
- Bepaling samendrukbaarheid van de grondlagen = geotechnisch onderzoek
Geotechnisch onderzoek= om de geschiktheid van de ondergrond te leren kennen en daaruit de
draagkracht van een fundering te bepalen wordt dit onderzoek uitgevoerd.
2
, Fundering= de constructie die het gebouwgewicht overdraagt aan de daadkrachtige grondlagen. Het
type fundering dat wordt toegepast is afhankelijk van de diepte waarop de fundering wordt
aangelegd.
Twee typen funderingen:
1. Fundering op staal: daadkrachtige laag ligt dicht onder het maaiveld. Hierop wordt
rechtstreks gebouwd.
2. Paalfundering: de daadkrachtige laag ligt dieper onder het maaiveld. Palen overbruggen de
afstand tussen het gebouw en de daadkrachtige laag.
Kijk PowerPoint Ruwbouw onderbouw 1
Kijk Powerpoint Ruwbouw onderbouw 2
Keuze funderingstype is afhankelijk van de bodemgesteldheid. Bij voorkeur fundering op staal ->
goedkoper
Grondvervanging/grondverbetering: slechte draagkrachtige grond vervangen door zandpakket.
Zandpakket mechnisch verdichten.
Uitvoering:
1. Ontgraven tot gewenste diepte. (boven grondwaterpeil)
2. Laagsgewijz zand aanbrengen.
3. Iedere laag verdichten.
Fundering op palen:
Dure oplossing! Bij een diepe draagkrachtige laag 3 typen paalfunderingen:
1. Houten palen (traditionele methode: niet meer gebruikelijk)
2. Prefab-betonpalen (veelgebruikte mthode, vierkante palen)
3. In de grond gevormde palen
Verschillende manieren om de palen in de grond te brengen:
1. Heien= het in de grond slaan van prefab palen.
2. Drukken= korte paalsegmenten in de grond drukken.
3. Trillen= met behulp van trilblok de paal op diepte trillen.
4. Schroefboren= gat boren middels boor en tijdens uittrekken van boor beton aanbrengen.
5. Boren= geboord gat wordt tijdelijk gevuld met steunvloeistof en vervolgens volgestort met
beton.
Voordelen in de grond gevormde palen:
- Variabele paallengte mogelijk
- Grote paallengte mogelijk
- Korte levertijd
Nadelen in de grond gevormde palen:
- Opbouw van de paal is niet te controleren
- Bodem moet voldoende tegendruk geven om de paal te vormen
Isolatie materialen:
- Steenwol – 15 cm
- Glas wol – 15 cm
- PU (R) – 9 cm
- (E) PS – 13 cm
- PIR – 9 cm
Kijk PowerPoint Ruwbouw Bovenbouw Gevelsluiting
3
Bouwmarkt: (soorten woningen)
Woningbouw Utiliteitsbouw
(nutsgebouwen)
Grondgebonden Gestapeld Fabrieken
(Eengezins) (Meergezins) Bedrijfshallen
Bungalows Duplex/maisonnette/BEBO Kantoren
Villa’s Appartementen Winkels
Herenhuizen Etagebouw Garages
Vrijstaande woningen Hoogbouw Ziekenhuizen
Geschakelde woningen Galerij Bioscopen
2/1 kap woningen Corridor
Rijtjeswoningen Portiek
Kijk PowerPoint Bouw- en woonvormen
Maximaal 4 woonlagen: lift niet verplicht
Meer dan 4 woonlagen: lift wel verplicht
Duplexwoning= woningen met aparte, boven elkaar geplaatste, wooneenheden, voor twee
afzonderlijke gezinnen.
Maisonette= appartement over 2 verdiepingen, de woonkamer en slaapkamer bevinden zich op
aparte verdiepingen.
Galerij woning= (enkele rij) appartementen ontsloten via uitpandige gang.
Corridor woning= (dubbele rij) appartementen ontsloten via inpandige gang.
Portiek woning= woningen met een gezamenlijk entree op de begane grond. Achter de entree
bevindt zich een trappenhuis.
Kangoeroewoning= een huis waar meerdere gezinnen onder één dak wonen.
Studio= klein appartement bestaande uit één kamer.
Penthouse= een woonhuis op het dak van een appartementencomplex.
Portiek woning:
Driespan= 3 appartementen per laag
Molenwiek= 4 appartementen per laag
Vierspan= 4 appartementen per laag
Bijzondere woningtypen:
- Split level woningen= woning waarbij de vloeren een halve verdiepingshoogte ten opzichte
van elkaar verspringen.
- Studio woningen
- Drive-in woning
- BEBO woning
Kijk PowerPoint Bouw- en woonvormen
Verschil bijbouw/aanbouw/uitbouw:
Bijbouw: losstaand van hoofdbouw
Aanbouw: aangebouwde afzonderlijk vertrek
Uitbouw: extra uitgebouwde ruimte van een vertrek
Bouwstijlen:
- Romaanse stijl (1100-1200)
- Gotische stijl (1100-1500)
- Renaissance (1400-1650)
1
, - Barok (1600-1750)
- Jugendstil (1890-1910)
- Amsterdamse School (1910-1930)
- De Stijl, Kubisme (1910-1930)
- Moderne bouwkunst (1960-heden)
Kijk PowerPoint Bouw- en woonvormen
5 eisen bouwbesluit:
1. Milieuvriendelijkheid
2. Energie zuinigheid
3. Bruikbaarheid
4. Veiligheid
5. Gezondheid
Bouwmethodieken:
1. Stapelbouw U-bouw
2. Gietbouw W- en U-bouw
3. Montagebouw W- en U-bouw
4. Houtskeletbouw W- en U-bouw
Kijk PowerPoint Bouwmethodieken en Bouwvolgorde
3 typen grondsoorten:
1. Niet samenhangende anorganische grondsoorten (zand, grind)
2. Samenhangende anorganische grondsoorten (klei, leem)
3. Samenhangende organische grondsoorten (veen)
Zand en grind:
- Nauwelijks samendrukbaar
- Goed waterdoorlatend
- Fijn materiaal (tot 2mm korreldoorsnede)
- Grof materiaal (vanaf 2mm korreldoorsnede)
Klei en leem:
- Samendrukbaar
- Slecht waterdoorlatend
- Zeer fijne korrelstructuur
Veen:
- Samendrukbaar
- Slecht verticaal waterdoorlatend
- Geen korrelstructuur, maar verzelachtig
Bodemonderzoek: waarop wordt onderzocht?
- Bepaling van de grondwaterstand = geohydrologisch onderzoek
- Bepaling van de bodemopbouw = geotechnisch onderzoek
- Bepaling diepte draagkrachtige laag = geotechnisch onderzoek
- Bepaling samendrukbaarheid van de grondlagen = geotechnisch onderzoek
Geotechnisch onderzoek= om de geschiktheid van de ondergrond te leren kennen en daaruit de
draagkracht van een fundering te bepalen wordt dit onderzoek uitgevoerd.
2
, Fundering= de constructie die het gebouwgewicht overdraagt aan de daadkrachtige grondlagen. Het
type fundering dat wordt toegepast is afhankelijk van de diepte waarop de fundering wordt
aangelegd.
Twee typen funderingen:
1. Fundering op staal: daadkrachtige laag ligt dicht onder het maaiveld. Hierop wordt
rechtstreks gebouwd.
2. Paalfundering: de daadkrachtige laag ligt dieper onder het maaiveld. Palen overbruggen de
afstand tussen het gebouw en de daadkrachtige laag.
Kijk PowerPoint Ruwbouw onderbouw 1
Kijk Powerpoint Ruwbouw onderbouw 2
Keuze funderingstype is afhankelijk van de bodemgesteldheid. Bij voorkeur fundering op staal ->
goedkoper
Grondvervanging/grondverbetering: slechte draagkrachtige grond vervangen door zandpakket.
Zandpakket mechnisch verdichten.
Uitvoering:
1. Ontgraven tot gewenste diepte. (boven grondwaterpeil)
2. Laagsgewijz zand aanbrengen.
3. Iedere laag verdichten.
Fundering op palen:
Dure oplossing! Bij een diepe draagkrachtige laag 3 typen paalfunderingen:
1. Houten palen (traditionele methode: niet meer gebruikelijk)
2. Prefab-betonpalen (veelgebruikte mthode, vierkante palen)
3. In de grond gevormde palen
Verschillende manieren om de palen in de grond te brengen:
1. Heien= het in de grond slaan van prefab palen.
2. Drukken= korte paalsegmenten in de grond drukken.
3. Trillen= met behulp van trilblok de paal op diepte trillen.
4. Schroefboren= gat boren middels boor en tijdens uittrekken van boor beton aanbrengen.
5. Boren= geboord gat wordt tijdelijk gevuld met steunvloeistof en vervolgens volgestort met
beton.
Voordelen in de grond gevormde palen:
- Variabele paallengte mogelijk
- Grote paallengte mogelijk
- Korte levertijd
Nadelen in de grond gevormde palen:
- Opbouw van de paal is niet te controleren
- Bodem moet voldoende tegendruk geven om de paal te vormen
Isolatie materialen:
- Steenwol – 15 cm
- Glas wol – 15 cm
- PU (R) – 9 cm
- (E) PS – 13 cm
- PIR – 9 cm
Kijk PowerPoint Ruwbouw Bovenbouw Gevelsluiting
3