Namen in ppt kennen, enkel boek niet//Blauwe balk in ppt+ kennen, enkel in boek + niet kennen
MENSEN VERSTAAN 1
1.1 WAT IS PSYCHOLOGIE EN WAT IS HET NIET?
Psychologie =
De wetenschap van gedrag en geestelijke processen (mentale activiteiten Gevoel en denken).
− Interne processen - enkel indirect waarneembaar
− Externe processen – waarneembare gedragingen
− Wetenschap! – gebaseerd op objectieve, verifieerbare gebeurtenissen
1.1 PSYCHOLOGIE ≠ PSYCHIATRIE
• Psychiatrie:
− Medisch specialisme
− Geneesmiddelen voorschrijven
− Medische invalshoek – geestelijke “ziekte” of stoornis
Psychiater= ook een arts, mag medicatie voorschrijven
verschil psycholoog vs psychiatrie: psychiatrie is medische invalshoek. Vaak samenwerken tussen de 2
KRITISCH NADENKEN: WETENSCHAP OF NIET?
Richtvragen kunnen opnoemen en wat kunnen uitleggen
( kennen en snappen):
6 richtvragen: onderscheid met pseudopsychologie of psychologisch gebabbel
• Wat/wie is de bron? = wie vind dat dat werkt
• Is de bewering redelijk of extreem? Redelijk= meer marge dat het kan kloppen / extreem= toch maar
raar, moet ik toch eens verder bekijken
• Wat is het bewijsmateriaal? Bv jongeren dat het gevolgd hebben opvolgen en kijken of ze nog in
aanraking komen met justitie en dat bekijken
• Kan de conclusie door een vervorming zijn beïnvloed? Emotionele bias = door emoties laten leiden /
selectieve waarneming = onthouden van dingen die bevestigd worden / bevestigings bias
• Worden veelvoorkomende denkfouten vermeden?
• Zijn er voor het probleem verschillende invalshoeken nodig?
1.2 WAT ZIJN DE 6 BELANGRIJKSTE PERSPECTIEVEN?
6 visies op wat ons gedrag bepaalt
Samenvatting op p20
• Biologisch
• Cognitief
• Behavioristisch -> de stromingen
• Holistisch
• Ontwikkeling
• Sociocultureel
,1.2.1 MODERN BIOLOGISCH PERSPECTIEF
- idee: lichaam kan apart van geest worden bestudeert: rationalisme (= bepaalde reden is brom kennis,
niet de zintuiglijke ervaring)
zo komen we tot nieuwe wetenschappelijke inzichten
- wat bepaalt gedrag: de geest= product hersenen oorzaken van gedrag in zenuwstelsel, hormonen en
genen
- wie wanneer? Descartes 17e eeuw
Twee varianten:
• Neurowetenschap: focus op processen in de hersenen (wat heb ik in aanleg, is het al dan niet
aangepast
• Evolutionaire psychologie: focus op genetica en invloed van omgeving hierop Darwin natuurlijke
selectie (= de meest aangepaste zal overleven)
1.2.2 HET BEGIN VAN DE WETENSCHAPPELIJKE PSYCHOLOGIE + HET MODERNE COGNITIEVE
PERSPECTIEF
Het begin van de wetenschappelijke psychologie (eerder info)
• Grondlegger: Wundt 1879
− zoektocht naar de ‘elementen van het bewustzijn’ (bv hoe leren we,..)
− 1ste wetenschappelijke experimenten psychologisch labo
− methode introspectie – kritiek: te subjectief! (vragen hoe mensen iets beleefd hebben en van
hieruit conclusies trekken, niet wetenschappelijk genoeg > zwakke plek)
• Titchener: structuralisme
‘de meest elementaire structuren van de geest aan het licht brengen’, opzoek gaan naar structuur
mens
Het begin van de wetenschappelijke psych.
• Gestaltpsychologie: nadruk op ‘perceptuele gehelen’ ipv delen (het geheel is meer dan de som v/d
delen!! bv cirkel met puntjes, je maakt er zelf cirkel van)
• James: functionalisme
− inspiratie bij Darwin
− Hoe past de mens zich aan?
− 1ste toegepaste psychologie
(niet een structuralisme omdat hij meer wou focussen op functies bv geheugen > hoe passen we
ons aan aan donkere omgeving)
Zwakke plek:
Introspectieve methode: subjectief
Niet wetenschappelijk
Het moderne cognitieve perspectief:
- idee: nadruk cognitie, door technische vooruitgang geest gaan zien als complexe computer
alle mogelijke informatieverwerkingsprocessen onderzocht door moderne cognitieve psychologie
wetenschappelijke methode gebruiken om geest te onderzoeken > objectiever bv barin imaging-
technieken
- wat bepaalt gedrag: iemands uniek patroon waarneming, interpretaties, verwachtingen,..
- wie wanneer: Wundt en James, gestaltpsychologen en cognitivisten
,1.2.3 BEHAVIORISTISCH PERSPECTIEF
• Watson: ‘wetenschap gedrag en omstandigheden in de omgeving die dit gedrag beïnvloeden
- Experiment: hondje- belletje
- de wet van het effect
- Als je gedrag een effect heeft ga je het herhalen (zeker als het positief is)
- Alles wat je niet ziet is onderzocht
=> klassieke conditionering
• Waarneembare gebeurtenissen! S-R
- S-R licht uitdoen, je hebt niemand nodig om het te doen, geur eten honger
- Als de denkprocessen tussen S en R niet bestudeerd worden, mentale dus niet, enkel
het waarneembare
- (S-R bv geur eten > honger denkprocessen tussen s en r worden niet bestudeert,
enkel waarneembare)
• Skinner: oorzaak gedrag ligt in omgeving = nature
- Bv hond pootje aanleren: gedrag bekrachtigen met beloning > invloed omgeving te
veranderen
=> opperante conditionering
• Verdienste:
− invloed van omgeving op leren (consequenties van gedrag)
− Strategieën om gedrag te wijzigen door omgeving te veranderen (zie H3)
- idee: psychologie wetenschap waarneembaar gedrag niet mentale processen
- wat bepaalt gedrag: prikkels in omgeving
- wie: Watson en Skinner
1.2.4 PERSPECTIEVEN VANUIT DE GEHELE PERSOON
3 visies die kijken naar mens in zen geheel en bestuderen: onbewuste:
• Psychodynamische psychologie
• Humanistische psychologie en positieve psychologie
• Psychologie van karaktertrekken en temperament
Psychodynamische psychologie
- idee: persoonlijkheid en psychische stoornissen komen voort uit processen in onbewuste (= onbekend
voor onszelf/ wat we niet door hebben maar er wel is)
Freud bekent met de psychoanalyse ( droomanalyse en vrije associatie) > kritiek niet toetsbaar
(Volgens freud worden wij bepaald door onze verlangens)
- wat bepaalt gedrag: processen onbewuste geest
- wie wanneer: Freud
− Kritiek: niet toetsbaar (kritiek op Freud)
- Afgeleid uit gedrag zieke mensen
- Hij vertrekt vanuit psychisch ongezonde mensen
Humanistische psychologie en positieve psychologie
- idee: nadruk menselijke groei ipv stoornissen (=tegen determinisme van psychoanalyse en
behaviorisme). Denk aan behoeftepiramide, pas als we aan onderste behoeftes voldoen kunnen we
doen aan zelf realisatie
- Nieuwe, positieve weg: groei, mogelijkheden, vrije wil
Positieve moet bijdragen tot geluk en welzijn individu en groepen
- wat bepaalt gedrag: aangeboren behoeften om te groeien en zo goed mogelijk te verwezenlijken
, bij positieve zijn innerlijke processen minstens even belangrijk als prikkels omgeving
− Grondhoudingen hulpverleners
− Positieve psychologie: bijdragen aan geluk en welzijn (welke factoren bepalen geluk?)
Humanisten zijn ontstaan uit bahaviorisme en psychoanalyse.
Determinisme= grenzen van iets bepalen, beperken.
- wie wanneer: Rogers en Maslow
Psychologie van karaktertrekken en temperament
- Al typologieën bij oude Grieken (4 humores)
- idee: eigenschappen die hetzelfde blijven doorheen de tijd= consistent bv hoe intro of extravert
iemand is ( kan wel afhangen van de situatie). Individuen kunnen worden begrepen in termen van hun
temperament en blijvende karaktertrekken > verschil tussen mensen door verschil in temperament en
karaktertrekken en deze blijven consistent in tijd en situaties
Er is heel lang fascinatie tussen mensen
Fascinatie= betovering, verblinding
- wat bepaalt gedrag: unieke persoonlijkheidskenmerken die consistent zijn
- wie wanneer: oude grieken en moderne persoonlijkheidspsychologen
1.2.5 ONTWIKKELINGSPERSPECTIEF: NATURE VS NURTURE
= nature vs nurture
Nature= biologisch (aangeboren)
Nurture= behavior (aangeleerd)
- idee: psychologische verandering door interactie tussen erfelijke eigenschappen en invloed omgeving
= interactie tussen genen en aanleng
zelfbepaling (speelt een rol) > kunnen kiezen of we willen ontw op bepaalde vlakken/ wat we allemaal
gemeenschappelijk hebben bv klein geboren en groeien
- Voorspelbaarheid ontwikkeling – op zoek naar gemeenschappelijkheden
- wat bepaalt gedrag: interactie tussen erfelijke eigenschappen en invloed van omgeving
- wie wanneer: Piaget
1.2.6 SOCIOCULTURELE PERSPECTIEF: INDIVIDU IN CONTEXT (P 20)
Individu in context
- idee: sociale en culturele invloed kunnen invloed overstemmen van alle andere factoren die gedrag
beinvloeden = kracht situatie
o Invloed omgeving heeft een druk op ons gedrag
o nieuwe aandacht voor rol van cultuur: crossculture psychologie
- Kracht van de situatie= hoe bepaald een situatie ons gedrag
Conclusie: >>>>> 6 perspectieven nodig voor een realistische visie/ holistisch beeld
- wat bepaalt gedrag: kracht situatie
- wie: vele psychologen
1.3 HOE VERGAREN PSYCHOLOGEN NIEUWE KENNIS? P22
MENSEN VERSTAAN 1
1.1 WAT IS PSYCHOLOGIE EN WAT IS HET NIET?
Psychologie =
De wetenschap van gedrag en geestelijke processen (mentale activiteiten Gevoel en denken).
− Interne processen - enkel indirect waarneembaar
− Externe processen – waarneembare gedragingen
− Wetenschap! – gebaseerd op objectieve, verifieerbare gebeurtenissen
1.1 PSYCHOLOGIE ≠ PSYCHIATRIE
• Psychiatrie:
− Medisch specialisme
− Geneesmiddelen voorschrijven
− Medische invalshoek – geestelijke “ziekte” of stoornis
Psychiater= ook een arts, mag medicatie voorschrijven
verschil psycholoog vs psychiatrie: psychiatrie is medische invalshoek. Vaak samenwerken tussen de 2
KRITISCH NADENKEN: WETENSCHAP OF NIET?
Richtvragen kunnen opnoemen en wat kunnen uitleggen
( kennen en snappen):
6 richtvragen: onderscheid met pseudopsychologie of psychologisch gebabbel
• Wat/wie is de bron? = wie vind dat dat werkt
• Is de bewering redelijk of extreem? Redelijk= meer marge dat het kan kloppen / extreem= toch maar
raar, moet ik toch eens verder bekijken
• Wat is het bewijsmateriaal? Bv jongeren dat het gevolgd hebben opvolgen en kijken of ze nog in
aanraking komen met justitie en dat bekijken
• Kan de conclusie door een vervorming zijn beïnvloed? Emotionele bias = door emoties laten leiden /
selectieve waarneming = onthouden van dingen die bevestigd worden / bevestigings bias
• Worden veelvoorkomende denkfouten vermeden?
• Zijn er voor het probleem verschillende invalshoeken nodig?
1.2 WAT ZIJN DE 6 BELANGRIJKSTE PERSPECTIEVEN?
6 visies op wat ons gedrag bepaalt
Samenvatting op p20
• Biologisch
• Cognitief
• Behavioristisch -> de stromingen
• Holistisch
• Ontwikkeling
• Sociocultureel
,1.2.1 MODERN BIOLOGISCH PERSPECTIEF
- idee: lichaam kan apart van geest worden bestudeert: rationalisme (= bepaalde reden is brom kennis,
niet de zintuiglijke ervaring)
zo komen we tot nieuwe wetenschappelijke inzichten
- wat bepaalt gedrag: de geest= product hersenen oorzaken van gedrag in zenuwstelsel, hormonen en
genen
- wie wanneer? Descartes 17e eeuw
Twee varianten:
• Neurowetenschap: focus op processen in de hersenen (wat heb ik in aanleg, is het al dan niet
aangepast
• Evolutionaire psychologie: focus op genetica en invloed van omgeving hierop Darwin natuurlijke
selectie (= de meest aangepaste zal overleven)
1.2.2 HET BEGIN VAN DE WETENSCHAPPELIJKE PSYCHOLOGIE + HET MODERNE COGNITIEVE
PERSPECTIEF
Het begin van de wetenschappelijke psychologie (eerder info)
• Grondlegger: Wundt 1879
− zoektocht naar de ‘elementen van het bewustzijn’ (bv hoe leren we,..)
− 1ste wetenschappelijke experimenten psychologisch labo
− methode introspectie – kritiek: te subjectief! (vragen hoe mensen iets beleefd hebben en van
hieruit conclusies trekken, niet wetenschappelijk genoeg > zwakke plek)
• Titchener: structuralisme
‘de meest elementaire structuren van de geest aan het licht brengen’, opzoek gaan naar structuur
mens
Het begin van de wetenschappelijke psych.
• Gestaltpsychologie: nadruk op ‘perceptuele gehelen’ ipv delen (het geheel is meer dan de som v/d
delen!! bv cirkel met puntjes, je maakt er zelf cirkel van)
• James: functionalisme
− inspiratie bij Darwin
− Hoe past de mens zich aan?
− 1ste toegepaste psychologie
(niet een structuralisme omdat hij meer wou focussen op functies bv geheugen > hoe passen we
ons aan aan donkere omgeving)
Zwakke plek:
Introspectieve methode: subjectief
Niet wetenschappelijk
Het moderne cognitieve perspectief:
- idee: nadruk cognitie, door technische vooruitgang geest gaan zien als complexe computer
alle mogelijke informatieverwerkingsprocessen onderzocht door moderne cognitieve psychologie
wetenschappelijke methode gebruiken om geest te onderzoeken > objectiever bv barin imaging-
technieken
- wat bepaalt gedrag: iemands uniek patroon waarneming, interpretaties, verwachtingen,..
- wie wanneer: Wundt en James, gestaltpsychologen en cognitivisten
,1.2.3 BEHAVIORISTISCH PERSPECTIEF
• Watson: ‘wetenschap gedrag en omstandigheden in de omgeving die dit gedrag beïnvloeden
- Experiment: hondje- belletje
- de wet van het effect
- Als je gedrag een effect heeft ga je het herhalen (zeker als het positief is)
- Alles wat je niet ziet is onderzocht
=> klassieke conditionering
• Waarneembare gebeurtenissen! S-R
- S-R licht uitdoen, je hebt niemand nodig om het te doen, geur eten honger
- Als de denkprocessen tussen S en R niet bestudeerd worden, mentale dus niet, enkel
het waarneembare
- (S-R bv geur eten > honger denkprocessen tussen s en r worden niet bestudeert,
enkel waarneembare)
• Skinner: oorzaak gedrag ligt in omgeving = nature
- Bv hond pootje aanleren: gedrag bekrachtigen met beloning > invloed omgeving te
veranderen
=> opperante conditionering
• Verdienste:
− invloed van omgeving op leren (consequenties van gedrag)
− Strategieën om gedrag te wijzigen door omgeving te veranderen (zie H3)
- idee: psychologie wetenschap waarneembaar gedrag niet mentale processen
- wat bepaalt gedrag: prikkels in omgeving
- wie: Watson en Skinner
1.2.4 PERSPECTIEVEN VANUIT DE GEHELE PERSOON
3 visies die kijken naar mens in zen geheel en bestuderen: onbewuste:
• Psychodynamische psychologie
• Humanistische psychologie en positieve psychologie
• Psychologie van karaktertrekken en temperament
Psychodynamische psychologie
- idee: persoonlijkheid en psychische stoornissen komen voort uit processen in onbewuste (= onbekend
voor onszelf/ wat we niet door hebben maar er wel is)
Freud bekent met de psychoanalyse ( droomanalyse en vrije associatie) > kritiek niet toetsbaar
(Volgens freud worden wij bepaald door onze verlangens)
- wat bepaalt gedrag: processen onbewuste geest
- wie wanneer: Freud
− Kritiek: niet toetsbaar (kritiek op Freud)
- Afgeleid uit gedrag zieke mensen
- Hij vertrekt vanuit psychisch ongezonde mensen
Humanistische psychologie en positieve psychologie
- idee: nadruk menselijke groei ipv stoornissen (=tegen determinisme van psychoanalyse en
behaviorisme). Denk aan behoeftepiramide, pas als we aan onderste behoeftes voldoen kunnen we
doen aan zelf realisatie
- Nieuwe, positieve weg: groei, mogelijkheden, vrije wil
Positieve moet bijdragen tot geluk en welzijn individu en groepen
- wat bepaalt gedrag: aangeboren behoeften om te groeien en zo goed mogelijk te verwezenlijken
, bij positieve zijn innerlijke processen minstens even belangrijk als prikkels omgeving
− Grondhoudingen hulpverleners
− Positieve psychologie: bijdragen aan geluk en welzijn (welke factoren bepalen geluk?)
Humanisten zijn ontstaan uit bahaviorisme en psychoanalyse.
Determinisme= grenzen van iets bepalen, beperken.
- wie wanneer: Rogers en Maslow
Psychologie van karaktertrekken en temperament
- Al typologieën bij oude Grieken (4 humores)
- idee: eigenschappen die hetzelfde blijven doorheen de tijd= consistent bv hoe intro of extravert
iemand is ( kan wel afhangen van de situatie). Individuen kunnen worden begrepen in termen van hun
temperament en blijvende karaktertrekken > verschil tussen mensen door verschil in temperament en
karaktertrekken en deze blijven consistent in tijd en situaties
Er is heel lang fascinatie tussen mensen
Fascinatie= betovering, verblinding
- wat bepaalt gedrag: unieke persoonlijkheidskenmerken die consistent zijn
- wie wanneer: oude grieken en moderne persoonlijkheidspsychologen
1.2.5 ONTWIKKELINGSPERSPECTIEF: NATURE VS NURTURE
= nature vs nurture
Nature= biologisch (aangeboren)
Nurture= behavior (aangeleerd)
- idee: psychologische verandering door interactie tussen erfelijke eigenschappen en invloed omgeving
= interactie tussen genen en aanleng
zelfbepaling (speelt een rol) > kunnen kiezen of we willen ontw op bepaalde vlakken/ wat we allemaal
gemeenschappelijk hebben bv klein geboren en groeien
- Voorspelbaarheid ontwikkeling – op zoek naar gemeenschappelijkheden
- wat bepaalt gedrag: interactie tussen erfelijke eigenschappen en invloed van omgeving
- wie wanneer: Piaget
1.2.6 SOCIOCULTURELE PERSPECTIEF: INDIVIDU IN CONTEXT (P 20)
Individu in context
- idee: sociale en culturele invloed kunnen invloed overstemmen van alle andere factoren die gedrag
beinvloeden = kracht situatie
o Invloed omgeving heeft een druk op ons gedrag
o nieuwe aandacht voor rol van cultuur: crossculture psychologie
- Kracht van de situatie= hoe bepaald een situatie ons gedrag
Conclusie: >>>>> 6 perspectieven nodig voor een realistische visie/ holistisch beeld
- wat bepaalt gedrag: kracht situatie
- wie: vele psychologen
1.3 HOE VERGAREN PSYCHOLOGEN NIEUWE KENNIS? P22