ontleedkunde
Hoofdstuk 1: ziekte en diagnose
Methodes in de pathologie
Cytopathologie
Afschrapen van cellen v/e mucosa
Aspiratie
Maakt gebruik van afwijkende cytoplasma en van kernen
Nadelen:
1) Sampling errors: staal op verkeerde plaats genomen
2) Niet representatief
3) Nt al het gepreleveerde weefsel wordt bekeken
4) Technische problemen
5) Interpretatieproblemen: niet alle tumoren laten zich diagnosticeren dmv cytologisch
onderzoek
6) Prediagnostisch stadium: signaal wordt bv wel opgepikt door MRI
Histopathologie
Vertrekt van weefsels verkregen door prelevaties tijdens ingrepen of door resectie
Paraffinecoupes
Vriescoupes
Histochemie
Immunohistochemie
Enzymhistochemie
Elektronenmicroscopie
Moleculaire technieken
Autopsie
Toelating nodig
Indicaties:
Medicolegaal: verdacht overijden => lijkschouwing
Wetenschappelijk: lijk moet worden vrijgegeven door parket
Klinische en sociale relevantie
Vaststellen doodsoorzaak
Controle op juistheid diagnose
Wetenschappelijk onderzoek
Epidemiologie
1
, Hoofdstuk 2: celpathologie: cellulaire adaptatie als
reactie op celbeschadiging
Reversibele schade/adaptatiereacties
Atrofie
= afmeting↓ + functie ↓
redenen:
o prikkeling↓=> spiercellen atrofie na breuk
o ischemie=> atrofie neuronen
o aanvoer v/nutriënten↓
o trofische signalen ↓=> spiercellen atrofie
o continue beschadiging ↓
o veroudering: roken=> atrofie slijmvliezen mond
o occlusie lozingsgang klier=> atrofie kliercellen, apoptose bij blijvende ligatie
Hypertrofie
= afmeting↑+ functie↑
redenen:
o overvoeding=> hypertrofie vetcellen
o functionele belasting↑=> spiercelhypertrofie
o trofische signalen↑ bv anabole steroïden=> spiercellen
toename synthese v/eiwitten=> activatie v/genen ivm regulatie v/GF=> ontstaan tumoren
Hyperplasie
= toename aantal cellen
redenen:
o hormonale stimuli tijdens puberteit=> hyperplasie en hypertrofie cellen
geslachtsorganen
o continue functionele belasting: hypocalcemie (nierinsufficiëntie)=> hyperplasie
bijschildklieren
o chronische irritatie v/colon=> hyperplastische eilanden v/mucosa
Metaplasie
= verandering v/celtype
direct: v/e gediff cel=> andere gediff cel
indirect: herprogrammatie v/stamcellen
bv: klierepitheel=>sq.epitheel: roken
bv: sq.epitheel=>klierepitheel: reflux thv slokdarm
bv: klierepitheel=> klierepitheel: chronische irritatie maag
bv: EMT=> rol bij uitzaaiing tumoren
opmerking: bij voortdurende metaplastische veranderingen=> dysplastische wijzigingen=> neoplasie
2
, Intracellulaire stapeling
a) vocht
probleem met pomp
b) vet
overproductie vetzuren=> steatose lever in de vorm v/vetvacuolen
c) glycogeen/glycogenose
defect glycogenase: wordt niet omgezet tot glucose
d) lysosomale ziekte
ziekte v/Pompe (glycogeen)
e) i/ ER v/d lever
alfa-1-antitrypsine
puntmutatie: secretie niet mogelijk
f) ijzer
hemosiderine= lysosomale Fe-stapeling
hemosiderose: toename v/hemosiderine i/d Kupfer cellen door verhoogde afbraak v/Hgb
hemochromatose: metabool probleem
g) lipofuscine
bij cellen die weinig delen
h) melanine
i) exogeen pigment
bv in de lucht
bv koolstof
Heat shock/cellulaire stress respons
eiwitsynthese ↓ + synthese v/ HSP => normaal gzn i/lage conc
o binden a/beschadigde prot=> denaturatie tegengaan
dr te herstellen of begeleiden nr juiste bestemming
herstel niet mogelijk? Ubiquitine
o leidt eiwit nr protease
neveneffecten? Shift nr anaeroob metabolisme, groeistop en thermotolerantie
Irreversibele beschadiging
Denaturatie (=coagulatie) of autolyse (afbraak dr cellulaire enzymen)
Coagulatienecrose
gedenatureerde eiwitten coaguleren en slaan neer
weefsel wordt wit en opaak
cel en kern schrompelt, verhoogde eosinofilie=> cel wordt donkerder
oorzaak: langdurige ischemie
onschuldig: lokt niets uit: enzymen slaan neer+ geen immuunreactie
calcium-influx nodig vr denaturatie
3