Dementie
Het geheugen
Geheugen= de cognitieve functie die we het meeste gebruiken.
- Sociaal en maatschappelijk functioneren
- Korte termijn geheugen= werkgeheugen, informatie wordt maar even vastgehouden. (1
second tot 30 seconden)
Vb. woorden van een gesprek, wegen bij een wegbeschrijving, bedrag in de winkel
- Lange termijn geheugen= archief, bij ouderdom trager info uit het archief halen.
Vb. taal, gedragsregels, schoolse kennis, waarden en normen…
verouderingsproces= weinig / niets uit archief, werking trager en minder snel nieuwe dingen leren.
Dementie
Dementie= verzamelnaam voor een groep aandoeningen waarbij meerdere stoornissen ij het
cognitief functioneren samen optreden.
Karakter= chronisch en progressief
Op voorgrond vaak= geheugenverlies
Symptomen:
- Geheugenverlies
- Stemmingswisselingen
- Persoonlijkheidsveranderingen
- Gedragsveranderingen
Welke symptomen optreden hangt af van: aard, lokalisatie en ernst van afwijkingen in de hersenen.
Cognitieve functies:
- het geheugen,
- leervermogen,
- taalgebruik,
- kunnen begrijpen en uitvoeren van complexe en dagelijkse handelingen.
Pas van dementie gesproken als: stoornissen in denken, stemming, gedrag ervoor zorgen dat
algemeen dagelijks functioneren beperkt wordt.
1
,Jongdementie= dementie op jonge leeftijd
symptomen voor 65 jaar
Voorkomen:
- 1/5 kans dat je dementie krijgt
- 202.000 mensen in België
- 10% boven 65 jaar heeft dementie
- 20% boven 80 jaar heeft dementie
- 40% boven 90 jaar heeft dementie
- Tegen 2060 verdubbeld
Na 2 – 3 jaar pas diagnose
Verschillende vormen van dementie
Ziekte van Alzheimer:
= de meest voorkomende vorm van dementie en wordt gekenmerkt door een sluipend begin en een
langzaam toenemende ontwikkeling van cognitieve stoornissen.
Symptomen:
- Ontremd gedrag
- Obsessief-compulsief gedrag
- Impulsiviteit
- Apathie en initiatiefverlies
- Emotionele onverschilligheid
- Spraak- en taal problemen
Start symptomen= geheugenstoornissen
->> opslaan nieuwe informatie
->> taalstoornissen= dingen benoemen en woordvindproblemen (erger naarmate ziekteverloop)
->> praktische vaardigheden van apparatuur etc.
->> uitvoerende functies: overzicht, planningsvaardigheden…
->> persoonlijkheidsstoornissen
->> neuropsychiatrische verschijnselen
->> afzonderen op sociaal gebier, angstig en prikkelbaar
->> zelfredzaamheid en karakterveranderingen
Verloop: meerdere stadia
Begin:
- Geheugenstoornissen KT
- Subtiel & onopgemerkt
2
, Volgende stadium:
- Toename cognitieve klachten
- Lange termijn geheugen aangetast
- Oriëntatiestoornissen
- Taalproblemen (afasie)
- Afleidbaarheid, prikkelbaarheid & wantrouwen nemen toe
- Daling zelfvertrouwen
Eindstadium:
- Bedlegerig
- Volledig afhankelijk van anderen
- Lichamelijke functies verzwakken
Duur fase= sterk variërend
Oorzaak: niet bekend
Combinatie van genetische en niet-genetische factoren.
= eiwitophoping in de hersenen (plaques en tangles) + verschrompeling van buitenste laag hersenen
- Plaques= abnormale ophopingen van het eiwit amyloïde tussen de zenuwcellen.
- Tangles= draadvormige eiwitten die bij de ziekte van Alzheimer in verhoogde mate in de
zenuwcellen voorkomen
Risicofactoren:
- Leeftijd
- Erfelijke factoren
- Vrouwen vaker
- Hoge bloeddruk
- Diabetes
Frontotemporale dementie
= 40-60 jaar
= gedragsveranderingen & cognitieve functiestoornissen
waarbij geheugenstoornissen in het begin op de voorgrond
staan. (Schade aan frontaalkwab)
Sluipend & persoon gaat minder goed functioneren op het
werk, huishouden, sociaal contact (vaak burn-out of stress als oorzaak gezegd)
3
Het geheugen
Geheugen= de cognitieve functie die we het meeste gebruiken.
- Sociaal en maatschappelijk functioneren
- Korte termijn geheugen= werkgeheugen, informatie wordt maar even vastgehouden. (1
second tot 30 seconden)
Vb. woorden van een gesprek, wegen bij een wegbeschrijving, bedrag in de winkel
- Lange termijn geheugen= archief, bij ouderdom trager info uit het archief halen.
Vb. taal, gedragsregels, schoolse kennis, waarden en normen…
verouderingsproces= weinig / niets uit archief, werking trager en minder snel nieuwe dingen leren.
Dementie
Dementie= verzamelnaam voor een groep aandoeningen waarbij meerdere stoornissen ij het
cognitief functioneren samen optreden.
Karakter= chronisch en progressief
Op voorgrond vaak= geheugenverlies
Symptomen:
- Geheugenverlies
- Stemmingswisselingen
- Persoonlijkheidsveranderingen
- Gedragsveranderingen
Welke symptomen optreden hangt af van: aard, lokalisatie en ernst van afwijkingen in de hersenen.
Cognitieve functies:
- het geheugen,
- leervermogen,
- taalgebruik,
- kunnen begrijpen en uitvoeren van complexe en dagelijkse handelingen.
Pas van dementie gesproken als: stoornissen in denken, stemming, gedrag ervoor zorgen dat
algemeen dagelijks functioneren beperkt wordt.
1
,Jongdementie= dementie op jonge leeftijd
symptomen voor 65 jaar
Voorkomen:
- 1/5 kans dat je dementie krijgt
- 202.000 mensen in België
- 10% boven 65 jaar heeft dementie
- 20% boven 80 jaar heeft dementie
- 40% boven 90 jaar heeft dementie
- Tegen 2060 verdubbeld
Na 2 – 3 jaar pas diagnose
Verschillende vormen van dementie
Ziekte van Alzheimer:
= de meest voorkomende vorm van dementie en wordt gekenmerkt door een sluipend begin en een
langzaam toenemende ontwikkeling van cognitieve stoornissen.
Symptomen:
- Ontremd gedrag
- Obsessief-compulsief gedrag
- Impulsiviteit
- Apathie en initiatiefverlies
- Emotionele onverschilligheid
- Spraak- en taal problemen
Start symptomen= geheugenstoornissen
->> opslaan nieuwe informatie
->> taalstoornissen= dingen benoemen en woordvindproblemen (erger naarmate ziekteverloop)
->> praktische vaardigheden van apparatuur etc.
->> uitvoerende functies: overzicht, planningsvaardigheden…
->> persoonlijkheidsstoornissen
->> neuropsychiatrische verschijnselen
->> afzonderen op sociaal gebier, angstig en prikkelbaar
->> zelfredzaamheid en karakterveranderingen
Verloop: meerdere stadia
Begin:
- Geheugenstoornissen KT
- Subtiel & onopgemerkt
2
, Volgende stadium:
- Toename cognitieve klachten
- Lange termijn geheugen aangetast
- Oriëntatiestoornissen
- Taalproblemen (afasie)
- Afleidbaarheid, prikkelbaarheid & wantrouwen nemen toe
- Daling zelfvertrouwen
Eindstadium:
- Bedlegerig
- Volledig afhankelijk van anderen
- Lichamelijke functies verzwakken
Duur fase= sterk variërend
Oorzaak: niet bekend
Combinatie van genetische en niet-genetische factoren.
= eiwitophoping in de hersenen (plaques en tangles) + verschrompeling van buitenste laag hersenen
- Plaques= abnormale ophopingen van het eiwit amyloïde tussen de zenuwcellen.
- Tangles= draadvormige eiwitten die bij de ziekte van Alzheimer in verhoogde mate in de
zenuwcellen voorkomen
Risicofactoren:
- Leeftijd
- Erfelijke factoren
- Vrouwen vaker
- Hoge bloeddruk
- Diabetes
Frontotemporale dementie
= 40-60 jaar
= gedragsveranderingen & cognitieve functiestoornissen
waarbij geheugenstoornissen in het begin op de voorgrond
staan. (Schade aan frontaalkwab)
Sluipend & persoon gaat minder goed functioneren op het
werk, huishouden, sociaal contact (vaak burn-out of stress als oorzaak gezegd)
3