Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 32 pagina's
Samenvatting

Structuur Verdiepend Samenvatting

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 32 pagina's

Samenvatting van structuur verdiepend met alle formules DUIDELIJK uitgelegd, waar ze te gebruiken en met welke eenheden.

Voorbeeld van de inhoud

Structuur verdiepend Samenvatting
Barg 33

,Les 1: Structureel Ontwerp
Herhaling
o Iso-, hyper- of hypostatisch?

Rolopleg = 1 onbekende O-V = n

Scharnier = 2 onbekenden N = 0  isostatisch
N < 0  hypostatisch
Inklemming = 3 onbekenden
N > 0  hyperstatisch

Traditioneel Versus Modern
o Constructies tot 1750
o Gestapelde stenen zonder berekeningen  trial & error
o Zware constructies kunnen weinig dragen  steunberen moesten spatkrachten opnemen,
geen trekkers voor handen
o Structuur en vorm vallen samen (30-40m hoog)
o Hoe meer traveeën, hoe lager de steunberen zijn, hoe minder moment  zo kunnen we
interne kolommen slanker maken door ze te ontheffen van dwarskrachten en moment
o Concentrische cirkels verlopen van druk (bovenaan) naar trek (onderaan), daarom scheuren
vanonder
o Constructies na 1750
o Newton (krachtenleer)
 Traagheidswet  zolang geen kracht blijft constante snelheid
 Voorwerp ondervindt kracht, versnelling afhankelijk van grootte F en m voorwerp
 Actie/Reactie  alles wilt naar evenwicht gaan
o Hooke (elasticiteitsleer)
 Wet van Hooke  Evenredigheid mechanische spanning en rek (vervorming)




Spanning in N/mm^2 =MPa

Hoe hoger elasticiteitsmodulus
E, hoe stijver, meer buigsterkte




o Fuller  Druk en Trek moeten samenwerken (op trek staat geen afstand)
o Uitvinding staal (stoommachine pompt water weg, hoog energetische steenkool, hogere
temperatuur, staal smeden), gietijzer en gewapend beton  lichtere constructies

Oefening 1.1: Welk gewicht is er nodig om een kathedraalboog op zijn plaats te houden?

,Structurele concepten
A. Opteren voor een structurele basisvorm (Vb: vakwerk)
- Vector actief = Trek EN Druk (vakwerken)
- Vorm actief = Trek OF Druk (bogen, schalen, koepels)
- Snede actief = Lasten via buiging overgedragen naar structuur
o Balken
o Portieken en vierendeel
o Horizontale en verticale platen

B. Ruwe dimensionering (ervaring, grafieken) ism materiaalkeuze
- Vuistregels hanteren voor correcte pre-dimensionering

C. Ruimtelijke stabiliteit
- Horizontaal langsrichting
- Horizontaal dwarsrichting
- Verticaal

D. Principe fundering
E. Uitvoeringsmethode (constructie en detail)
F. Ecologische en economische toets


Terugkoppelen naar systeem na voltooiing van idee
A. Schematiseren van systeem
B. Dimensioneringsberekeningen


Oefening 1.3: Een persoon met uitrusting van 140kg staat in het midden op een ladder van 4m hoog.
De ladder maakt een hoek van 60 graden met de vloer. Wat is een minimale afmeting van de twee
houten stijlen van de ladder als de kwaliteit D40 is?

, Les 2: Buiging en soorten lasten
Krachten
Massa-gewicht-kracht
Belastingen op een structuur
- Eigengewicht (pure structuur, materialen)

- Permanente lasten (vloerafwerking)

- Mobiele lasten (mensen, voertuigen)

- Windbelasting
o Uit verschillende richtingen
o Aan kust grotere snelheden dan binnenland (25m/s gemiddeld)
o Hoe hoger gebouw, hoe groter stuwdruk
o Terreincategorieën  meer wind op agrarisch gebied dan stedelijk
o Vormafhankelijk  druk (+) en zuiging (-)
- Sneeuwbelasting (België = 4kN/m2)
- Waterbelasting
o Voldoende bovengewicht nodig om waterdruk tegen te gaan
o Spuwer nodig op plaats van maximale water accumulatie
- Gronddruk
- Temperatuurbelasting
o Uitzettingsvoegen nodig
- Dynamische belastingen/aardbevingen
- Lastendaling
o Puntlast, lijnlast, oppervlakte-last
o UGT en GGT

Evenwicht
Uitwendig evenwicht (plank moet voldoende stabiel zijn)
- Verticaal evenwicht  totale kracht opwaarts = totale kracht neerwaarts (Waterdruk VS gebouw)
- Horizontaal evenwicht  totale kracht naar links = totale kracht naar rechts (spatkracht VS trekstang)
- Momentenevenwicht  momenten wijzerzin = momenten tegenwijzerzin (M = F.a)
- Verticaal, horizontaal en momentevenwicht nodig!!

Oefening 1.5:

Documentinformatie

Geüpload op
3 augustus 2022
Aantal pagina's
32
Geschreven in
2021/2022
Type
Samenvatting
€8,98

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
jenteboelaert
3,7
(3)
Verkocht
62
Volgers
46
Items
14
Laatst verkocht
3 maanden geleden



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen