Het integument (lichaamsbedekking )
1. inleiding
3 belangrijkste lagen
- Opperhuid = epidermis
- Lederhuid = dermis
o Zenuwuitlopers en capillairen
- Onderhuid = hypodermis
o Vetweefsel & aanvoerende bloedvaten
Huid bevat ook adnexen :
- Haarwortels
- Nagels
- Zweet & talgklieren
2. anatomie van de huid
- Oppervlakte van 1,5 – 2 m²
- Gewicht van 5 kg
- Dikte van 0,5 -4 mm
2.1 Epidermis
- Gescheiden van dermis door basale membraan
- 90% → keratinocyten → produceren eiwit keratine (hoorn)
o Helpt om huid waterdicht te maken
o Onderliggende weefsels te beschermen
- Door constante vrijstelling → wrijving & druk
o Abnormale verdikking (callus / eelt)
- Op buitenste oppervlakte → epidermale plooien
o Zijn belangrijk voor:
▪ Greep te verbeteren
▪ Wrijving te verhogen
- Epidermis bevat GEEN bloedvaten, WEL zenuwuiteinden
- Bestaat uit 5 lagen :
o Stratum basale (= kiemlaag )
▪ Bevat kiemcellen → maakt nieuwe cellen aan die naar huidopp. Toe schuiven
▪ Melanocyten = sterk vertakte cellen
• Bevatten zwart pigment (melanine)
• Uv-licht stimuleert melanocyten tot vorming van melanine
• Melanine draagt bij tot huidskleur & Uv-licht absorptie
• Via fagocytose wordt melanine opgenomen in keratinocyten
• Vormt beschermende sluier over kern
o Genetisch materiaal beschermd tegen Uv-licht
▪ Langerhans cellen (= antigeen presenterende cellen )
• Rol in de immuniteit
,o Stratum spinosum (= stekelcellige laag)
▪ Epitheelcellen verbonden via
stekelvormige structuren
o Stratum granulosum (korrel laag)
▪ Cellen bevatten granulen met
keratohyaline (hoornstof )
▪ Kernen → stadia van degeneratie
▪ Wanneer kern degenereert → cel sterft af
o Stratum lucidum (heldere laag )
▪ Dunne heldere laag
▪ Bevat dode cellen met intermediaire
substantie tussen keratohyaline en
keratine
o Stratum corneum (hoornlaag)
▪ Dode cellen volledig gevuld met keratine
▪ Laag schilfert regelmatig af
- Cyclus in 2-4 weken
- Epidermale groeifactor (EGF) → stimuleert epidermale cellen bij weefselvorming / weefselherstel
2.2 Dermis
- Stevig bindweefsel
o Stevigheid
o Uitrekbaarheid ( mogelijkheid om in lengte toe te nemen bv. Zwangerschap)
o Elasticiteit (terugkeren naar oorspronkelijke vorm)
- In bepaalde zones → collageenvezels in bepaalde richting georiënteerd → vormen lijnen
- Bij overgedreven uitrekking → scheuren (striae)
o Eerst rood → witte strepen (stretch marks)
- Bevat bloedvaten, zenuwen, receptoren, klieren en lymfevaten
- Ook spieren (musculi arrectores pilorum)
o Zit aan haren vast → kunnen haren rechtzetten bij bv. Koude
2.3 Hypodermis
- Losmazig bindweefsel
- Vetophopingen, bloedvaten en zenuwen
- Geneesmiddelen die subcutane of subdermale inspuitingen terecht komen
, 3. Adnexen van de huid
3.1 Pili (haren)
- Genetische en hormonale invloeden
o Bepalen dikte haren & beharingspatroon
- haarkolf omgeven door zenuwen
o Signaal do or als haren bewegen & tast
Haarfollikel / haarzakje
haarkolf haarwortel
Anagene fase Catagene Telogene fase
Groeifasen van haar
- Anagene fase
o 2-6 jaar
o Nieuwe cellen worden aangemaakt
- Catagene fase
o Groei stopt
o Enkele weken
- Telogene fase
o Oude haar uitgeduwd door groeifase van een nieuw haartje
o Enkele maanden
Functie van de haren :
- Beschermende functie
o Hoofd → bescherming tegen:
▪ Beschadiging
▪ Zonnestralen
▪ Verminderen van warmteverlies
o Wenkbrauwen & wimpers
▪ Beschermen tegen vreemde partikels
o Neus
▪ Filteren ingeademde lucht
Normaal verliezen we 70-100 haren/dag
- Groeisnelheid & vervangingscyclus kan veranderen door :
o Veroudering, voedingsgewoonten, koorts, stress, geneesmiddelen
Haarkleur = hoeveelheid en type melanine
Donkerkleurig haar → echte melanine
Blond & rood haar → varianten van melanine + meer ijzer- en zwavelmoleculen
Grijs haar → progressief minder melanine gevormd
Wit haar → luchtbellen opstapelen in de haarcellen
1. inleiding
3 belangrijkste lagen
- Opperhuid = epidermis
- Lederhuid = dermis
o Zenuwuitlopers en capillairen
- Onderhuid = hypodermis
o Vetweefsel & aanvoerende bloedvaten
Huid bevat ook adnexen :
- Haarwortels
- Nagels
- Zweet & talgklieren
2. anatomie van de huid
- Oppervlakte van 1,5 – 2 m²
- Gewicht van 5 kg
- Dikte van 0,5 -4 mm
2.1 Epidermis
- Gescheiden van dermis door basale membraan
- 90% → keratinocyten → produceren eiwit keratine (hoorn)
o Helpt om huid waterdicht te maken
o Onderliggende weefsels te beschermen
- Door constante vrijstelling → wrijving & druk
o Abnormale verdikking (callus / eelt)
- Op buitenste oppervlakte → epidermale plooien
o Zijn belangrijk voor:
▪ Greep te verbeteren
▪ Wrijving te verhogen
- Epidermis bevat GEEN bloedvaten, WEL zenuwuiteinden
- Bestaat uit 5 lagen :
o Stratum basale (= kiemlaag )
▪ Bevat kiemcellen → maakt nieuwe cellen aan die naar huidopp. Toe schuiven
▪ Melanocyten = sterk vertakte cellen
• Bevatten zwart pigment (melanine)
• Uv-licht stimuleert melanocyten tot vorming van melanine
• Melanine draagt bij tot huidskleur & Uv-licht absorptie
• Via fagocytose wordt melanine opgenomen in keratinocyten
• Vormt beschermende sluier over kern
o Genetisch materiaal beschermd tegen Uv-licht
▪ Langerhans cellen (= antigeen presenterende cellen )
• Rol in de immuniteit
,o Stratum spinosum (= stekelcellige laag)
▪ Epitheelcellen verbonden via
stekelvormige structuren
o Stratum granulosum (korrel laag)
▪ Cellen bevatten granulen met
keratohyaline (hoornstof )
▪ Kernen → stadia van degeneratie
▪ Wanneer kern degenereert → cel sterft af
o Stratum lucidum (heldere laag )
▪ Dunne heldere laag
▪ Bevat dode cellen met intermediaire
substantie tussen keratohyaline en
keratine
o Stratum corneum (hoornlaag)
▪ Dode cellen volledig gevuld met keratine
▪ Laag schilfert regelmatig af
- Cyclus in 2-4 weken
- Epidermale groeifactor (EGF) → stimuleert epidermale cellen bij weefselvorming / weefselherstel
2.2 Dermis
- Stevig bindweefsel
o Stevigheid
o Uitrekbaarheid ( mogelijkheid om in lengte toe te nemen bv. Zwangerschap)
o Elasticiteit (terugkeren naar oorspronkelijke vorm)
- In bepaalde zones → collageenvezels in bepaalde richting georiënteerd → vormen lijnen
- Bij overgedreven uitrekking → scheuren (striae)
o Eerst rood → witte strepen (stretch marks)
- Bevat bloedvaten, zenuwen, receptoren, klieren en lymfevaten
- Ook spieren (musculi arrectores pilorum)
o Zit aan haren vast → kunnen haren rechtzetten bij bv. Koude
2.3 Hypodermis
- Losmazig bindweefsel
- Vetophopingen, bloedvaten en zenuwen
- Geneesmiddelen die subcutane of subdermale inspuitingen terecht komen
, 3. Adnexen van de huid
3.1 Pili (haren)
- Genetische en hormonale invloeden
o Bepalen dikte haren & beharingspatroon
- haarkolf omgeven door zenuwen
o Signaal do or als haren bewegen & tast
Haarfollikel / haarzakje
haarkolf haarwortel
Anagene fase Catagene Telogene fase
Groeifasen van haar
- Anagene fase
o 2-6 jaar
o Nieuwe cellen worden aangemaakt
- Catagene fase
o Groei stopt
o Enkele weken
- Telogene fase
o Oude haar uitgeduwd door groeifase van een nieuw haartje
o Enkele maanden
Functie van de haren :
- Beschermende functie
o Hoofd → bescherming tegen:
▪ Beschadiging
▪ Zonnestralen
▪ Verminderen van warmteverlies
o Wenkbrauwen & wimpers
▪ Beschermen tegen vreemde partikels
o Neus
▪ Filteren ingeademde lucht
Normaal verliezen we 70-100 haren/dag
- Groeisnelheid & vervangingscyclus kan veranderen door :
o Veroudering, voedingsgewoonten, koorts, stress, geneesmiddelen
Haarkleur = hoeveelheid en type melanine
Donkerkleurig haar → echte melanine
Blond & rood haar → varianten van melanine + meer ijzer- en zwavelmoleculen
Grijs haar → progressief minder melanine gevormd
Wit haar → luchtbellen opstapelen in de haarcellen