HOOFDSTUK 7: DE LAGERE SCHOOLTIJD
HOOFDSTUK 5: DE PEUTERTIJD Schematische stadium = uitbeeldend tekenen
Krabbelstadium -> tot 4j Ingewikkelder & uitvoeriger
Door verwerven van pincetgreep & handgreep kan kind Steeds meer taferelen waabij mensen iets doen & inhoud
potlood vasthouden bepaald door persoonlijke levenservaringen
Fouten in dieptezicht & perspectief
Spontaan krabbelen & nadien basiskrabbels & cirkelvormige bewegingen
2 fasen:
Krabbelen = motorische expressie 1. Het intellectueel realisme
o 8-9j
Toevallig realisme = kind ziet overeenkomst met iets wat hij/ zij
o Kind tekent wat het weet en niet wat het ziet
getekend heeft in de krabbels
o Transparant/ doorzichtig tekenen = het ene w- boven het
Krabbels worden achteraf benoemd
andere getekend of het onzichtbare w- getekend en
willen zoveel mogelijk structurele info geven
o Belangrijkste w- grootst getekend
30-36m kunnen ze een cirkel tekenen = oog-handcoördinatie
o Leert mens in profielvorm tekenen maar veel foute
proporties
2. Het visueel realisme
o 8-12j
HOOFDSTUK 6: DE KLEUTERTIJD o Kind tekent wat het ziet
Pre-schematisch stadium -> vrij tekenen & schilderen, vooral met plezier & o Meer realistische details, proporties & vormen
kunnen tekeningen benoemen & representeren meer de werkelijkheid o Bij uitbeelden mensen verdwijnen onnatuurlijke
lichaamsvormen
Mislukt realisme = kind probeert, maar is n- in staat de werkelijkheid weer o Figuren w- in beweging getekend
te geven -> kopvoeters o Kind houdt rekening met tijd & ruimte
Pre-schematische stadium/ schematisch symbolisme = meer uitbeeldend Veel kinderen verliezen met ouder w- motivatie om te tekenen
tekenen kleuter komt hier geleidelijk toe werkelijkheid moeilijk voor te stellen op een realistische manier
Kind blijven aanmoedigen
Kenmerken:
Verstandelijk/ intellectueel realisme = werkelijkheid w- Tekenen = methode dat vaak gebruikt w- om psychische problemen na
weergegeven door dingen die de kleuter weet en het idee dat hij te gaan
heeft vd werkelijkheid, hoe hij de wereld beleeft Vorm, kleur, thema’s, bladschikking
Beginfase = gekenmerkt door gebrek aan stabiliteit van vormen Vergelijken met gemiddelde kind van die leeftijd
Tekeningen w- gedifferentieerder naarmate kinderen
ontwikkelen
Kenmerken tekenen menselijke figuren (wat is opgevallen
(staartjes, navel), realiteit meer & meer weergegeven,
lichaamsdelen w- n- in verhouding getekend, tekenen omwille HOOFDSTUK 8: DE ADOLESCENTIE
van herkenning & n- van juistheid) = kritischer ten aanzien van eindresultaat van tekenwerk
Kleuren beginnen een rol te spelen Sneller ontevreden
Fouten in perspectiefname Bewust van beperkingen in het realistische weergeven
Visueel realisme = de werkelijkheid w- getekend zoals die eruit
ziet en werkelijk is, er w- meer details getekend en tekeningen Minder tekenen = capaciteit w- geremd
zijn realistischer