Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Systeemfysiologie Prof. Depoortere

Beoordeling
-
Verkocht
2
Pagina's
54
Geüpload op
31-01-2022
Geschreven in
2019/2020

Uitgebreide samenvatting van het vak Systeemfysiologie, deel Prof. Depoortere

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting Systeemfysiologie:
Prof. Depoortere
DEEL 1.0: MOTILITEIT VAN HET
SPIJSVERTERINGSSTELSEL: INLEIDING

FUNCTIES VAN HET SPIJSVERTERINGSSTELSEL
 Het organisme voorzien van voedingsstoffen en energie.
o Hoe? → opslag, mechanische bewerking, propulsie, verteringsenzymen,
absorptie en verwerking en excretie van onverteerbare resten.
 Controle van honger en voedselinname.
o Hoe? → signalen sturen naar de hersenen.
 Afweer tegen vreemde stoffen en organismen.
o Hoe? → verandering in transit (snelheid van voortstuwing), behoud/herstel
van mucosa en signalen sturen naar de hersenen.

ONDERDELEN VAN HET SPIJSVERTERINGSSTELSEL
 Slokdarm.
 Maag.
 Dunne darm.
 Dikke darm.
 (Klieren (lever, alvleesklier, …)).

Opmerking: de onderdelen van het spijsverteringsstelsel worden gescheiden met elkaar door
sfincters en hebben elk een andere opbouw van de wand.
 De wand van het maagdarmkanaal bestaat uit de volgende lagen (van binnen naar
buiten):
o Mucosa:
 Epitheel.
 Bindweefsel.
 Muscularis mucosae.
o Submucosa:
 Bindweefsel.
 Plexus submucosus (zenuwweefsel).
o Muscularis propria:
 Binnenste circulaire spierlaag.
 Plexus myentericus.
 Buitenste circulaire spierlaag.
o Serosa:


1

,  Bindweefsel met bloedvaten, lymfevaten en zenuwvezels.
 Opmerking: de slokdarm heeft geen serosa.




2

, DEEL 1.1: MOTILITEIT VAN HET
SPIJSVERTERINGSSTELSEL: DE MOTILITEIT VAN
HET MAAG-DARMSTELSEL

CONTROLE VAN GASTROINTESTINALE MOTILITEIT: HET ZENUWSTELSEL
 Enterisch Zenuwstelsel (EZS):
o Staat niet onder de wil.
o Controleert bewegingen, secretie microcirculatie en innervatie van pancreas,
galblaas en galwegen.
o 2 onderdelen:
 Plexus myentericus:
- Ligt tussen de circulaire en longitudinale spierlagen.
- Controleert deze spierlagen.
 Plexus submucosus:
- Binnenste plexus voor controle van secretie.
- Buitenste plexus voor controle van motiliteit (beweeglijkheid).
o Belangrijkste neurotransmitters: acetylcholine, NO, serotonine,
noradrenaline, somatostatine, substance P en cholecystokinine (CCK).
o Aantal zenuwcellen > 10 miljoen (meer dan het ruggenmerg → daarom wordt
het soms wel ‘little brain’ genoemd. Het kan onafhankelijk van het CZS
werken).
o Wisselt informatie uit met het CZS via het AZS.
 Autonoom zenuwstelsel (AZS):
o 2 onderdelen:
 Parasympatisch zenuwstelsel:
- Stimulerende werking op motiliteit en secretie.
- Loopt van het ruggenmerg naar de plexus myentericus en
plexus submucosus (langs de slokdarm, maag en darmen),
waar het synapsen vormt.
- Vooral afferente/sensorische zenuwvezels (maagdarmstelsel
→ CZS).
- Belangrijkste neurotransmitter: acetylcholine.
- Afkomstig van de nervus vagus (X – proximaal gedeelte),
waarvan de cellichamen in de hersenstam liggen én de nervi
splanchnici pelvini (sacraal – distaal gedeelte: distale colon en
rectum).



 Sympathisch zenuwstelsel:
- Remmende werking op motiliteit en secretie.

3

, - Cellichamen liggen in het thoracolumbale gedeelte van het
ruggenmerg. Daaruit ontspringen de zenuwvezels richting de
paravertebrale ganglia en daarna de prevertebrale ganglia: het
ganglion coeliacum, ganglion mesentericus superior en
ganglion mesentericus inferior. Daarna lopen de zenuwvezels
verder (langs de bloedvaten) naar de darmen.
- Belangrijkste neurotransmitter: noradrenaline.




 Zenuwvezels onder de wil:
o Bevinden zich t.h.v. de mond, keel, bovenste slokdarmsfincter en externe
anale sfincter (zijn dwarsgestreept!).
o Nervus hypoglossus:
 Controleert de skeletspieren van de hypofarynx en bovenste
slokdarmsfincter.
 Staat in voor het slikken.
o Nervus pudentus:
 Controleert de externe anale sfincter.
 Staat in voor het ophouden van uitwerpselen.


CONTROLE VAN GASTROINTESTINALE MOTILITEIT: DE SPIERCELLEN
 Glad spierweefsel dat niet onder controle staat van de wil.
 Zorgen voor 2 soorten contracties:
o Fasische contracties:
 Kortdurend.


4

Documentinformatie

Geüpload op
31 januari 2022
Aantal pagina's
54
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

  • hepatobiliaire functie
€13,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
cedricbauters Katholieke Universiteit Leuven
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
11
Lid sinds
4 jaar
Aantal volgers
7
Documenten
27
Laatst verkocht
11 maanden geleden

5,0

1 beoordelingen

5
1
4
0
3
0
2
0
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen