Psychologie: Seminarie 3
Psychoanalyse: basisbegrippen (Deel 1 van de 2)
1. Het bewuste, het voor-bewust en het onbewuste
Ontdekt door Freud
1.1. Het bewuste
= alles (gedachten, gevoelens, verlangens, emoties, herinneringen, beelden,… ) waarvan
iemand zich op een bepaald moment bewust is
Niet direct waarneembaar
Makkelijk bespreekbaar
1.2. Het voorbewuste
= gedachten, gevoelens, verlangens, emoties, fantasieën, angsten, herinneringen, beelden…
die op dat moment niet bewust zijn, maar die vrij gemakkelijk tot het bewustzijn kan
doordringen
Verwijst naar onderscheid tussen
o Opnemen van prikkels
o Het bewust zijn van die prikkels
1.3. Het onbewuste
=Gedachten, verlangens, gevoelens, emoties, herinneringen, beelden,… waarvan iemand zich
op een bepaald moment niet bewust is en ook niet bewust kan gemaakt worden, maar wat
toch ons gedrag beïnvloedt
Belangrijkste krachtbron achter het gedrag
Het onbewuste = ontoegankelijke energie die ons drijft
o Verdrongen herinneringen
o Het Es en delen van het Super-Ego en het Ego
o Overblijfselen uit vroegere ontwikkelingsstadia
Psychodynamische benadering: verstand stuurt ons gedrag, gevoelens & gedachten niet,
MAAR onze driften in het onbewuste bepalen wat we wel en niet doen, zeggen & denken
Drijfveer om iets onbewust te houden = angst
Bewuste weigert het onbewuste te erkennen
o Reden: inhoud = te bedreigend & beangstigend
Onbewust gedrag toont zich in
o Dromen
o Versprekingen
o Vergissingen
o Grappen
o Symptomen
Psychoanalyse: basisbegrippen (Deel 1 van de 2)
1. Het bewuste, het voor-bewust en het onbewuste
Ontdekt door Freud
1.1. Het bewuste
= alles (gedachten, gevoelens, verlangens, emoties, herinneringen, beelden,… ) waarvan
iemand zich op een bepaald moment bewust is
Niet direct waarneembaar
Makkelijk bespreekbaar
1.2. Het voorbewuste
= gedachten, gevoelens, verlangens, emoties, fantasieën, angsten, herinneringen, beelden…
die op dat moment niet bewust zijn, maar die vrij gemakkelijk tot het bewustzijn kan
doordringen
Verwijst naar onderscheid tussen
o Opnemen van prikkels
o Het bewust zijn van die prikkels
1.3. Het onbewuste
=Gedachten, verlangens, gevoelens, emoties, herinneringen, beelden,… waarvan iemand zich
op een bepaald moment niet bewust is en ook niet bewust kan gemaakt worden, maar wat
toch ons gedrag beïnvloedt
Belangrijkste krachtbron achter het gedrag
Het onbewuste = ontoegankelijke energie die ons drijft
o Verdrongen herinneringen
o Het Es en delen van het Super-Ego en het Ego
o Overblijfselen uit vroegere ontwikkelingsstadia
Psychodynamische benadering: verstand stuurt ons gedrag, gevoelens & gedachten niet,
MAAR onze driften in het onbewuste bepalen wat we wel en niet doen, zeggen & denken
Drijfveer om iets onbewust te houden = angst
Bewuste weigert het onbewuste te erkennen
o Reden: inhoud = te bedreigend & beangstigend
Onbewust gedrag toont zich in
o Dromen
o Versprekingen
o Vergissingen
o Grappen
o Symptomen