FYSISCHE MIDDELEN
DERDE BACHELOR PODOLOGIE
Inhoud:
1. INLEIDING
2. ELEKTROTHERAPIE
3. THERMOTHERAPIE = warmte
4. HYDROTHERAPIE = behandeling in het water
5. DRY NEEDLING
6. FOAMROLL
1. INLEIDING
DOEL VAN DE LES:
• Welke fysische middelen bestaan er?
• Hoe werken ze? Effect (mechanisme + resultaat)?
• Indicaties - contra-indicaties?
Vandaag: theorie + enkele voorbeelden + voorbeeld examenvragen
Examen: 10 MC vragen met 5 antwoordmogelijkheden, 1 correct antwoord
Stellingen die moeten beoordelen op juist of fout (welke stelling is juist? Welke fout? + optie geen enkele stelling
juist/fout)
Belangrijk voor podoloog weten welke behandeling methodes er bestaan want als p in praktijk krijgen en
behandeling slaat niet aan, niet het gewenste effect => welke andere opties nog om gericht door te sturen?
P op sukkel en paar behandelingen achter de rug => belangrijk wat inhoudt om van daaruit verder te kunnen denken.
Blijf kritisch! => vele verschillende vormen w ontwikkeld dr bedrijven => overtuigd dat hun technologie alle problemen
kan oplossen, niet zo in realiteit, dus kritisch blijven!
- VROEGER: fysische middelen = behandeling
- NU: fysische middelen zijn onderdeel van de behandeling (oplossing voor probleem => eerste plaats lichaam
te veranderen is oef heel belangrijk en fysische middelen hebben een aanvullende waarde, niet enkel opzich
als behandeling)
- Soms wisselend bewijs in de literatuur
- Mentaal/psychologisch effect niet te onderschatten
Mensen zien en voelen dat er iets gebeurd => sneller overtuigd dat behandeling werkt
Niet volledige behandeling op berusten, maar belangrijk om mee te nemen
zolen, niet tevreden en teruggekomen -> podoloog bleef overtuigd dat zolen wel correct waren maar toch
aanpassingen gedaan zogezegd (niks veranderd) => dan wel inorde dus mentaal aspect speelt ook in mee!!!
Cold spray, ijsbad, elektrotherapie (spierversterkend of relaxerend), infrarood en massagekussens
Ook nog veel andere toepassingen maar deze sportwereld en relaxatietherapie meest gekend.
1
, 2. ELEKTROTHERAPIE
GESCHIEDENIS
- Griekse oudheid: gebruik van sidderroggen voor het toedienen van elektrische schokken bij hoofdpijn en
geesteszieke patiënten
- Volta ontdekte in 1799 dat beweging een gevolg was toediening van elektrische stroom
- Pfluger ontdekte in 1860 dat onder kathode de prikkelbaarheid van een motorische zenuw toenam en onder
anode afnam spiercontractie kon uitgelokt worden door toedienen van elektrische stroom
Ontdekt tijdens experimenteren
Ondertussen ethische commisies opgericht die toen nog niet bestonden, nu minder experimenten zoals toen.
INDELING ELEKTROTHERAPIE
1. GELIJKSTROOM (stroomrichting blijft constant, van + naar -)
Continu = stroom constant aanwezig
• Galvanisatie
• Iontoforese
Gepulseerd = afwisseling van toegediende stroom (tussenfases)
2. WISSELSTROOM (stroomrichting wisselt)
▪ Laagfrequent (1 - 150 Hz)
▪ Middenfrequent (1.000 - 10.000 Hz)
▪ Hoogfrequent (>100.000 Hz)
3. ANDERE
Ultrageluidstherapie en lichttherapie => geen deel uit van elektrotherapie maar ook interessant
Gelijstroom = rode lijn
Wisselstroom = blauwe lijn
Hoe korter cycle, hoe hoger frequentie van wisselstroom zal zijn
CONTINUE GELIJKSTROOM:
GALVANISATIE
= continue gelijkstroom waarbij richting (van + pool naar - pool) en intensiteit (I, ampère) constant blijven tijdens de
behandeling
Afh van de pool is de werking verschillend
Werking op motorische en sensorische vezels=
• - pool (kathode): ↑ prikkelbaarheid motorische zenuwvezels → stimulerende werking
• + pool (anode): ↓ prikkelbaarheid sensorische zenuwvezels → pijnstillende werking
Galvanisatie heeft een dubbele werking afhankelijk van de pool
2
DERDE BACHELOR PODOLOGIE
Inhoud:
1. INLEIDING
2. ELEKTROTHERAPIE
3. THERMOTHERAPIE = warmte
4. HYDROTHERAPIE = behandeling in het water
5. DRY NEEDLING
6. FOAMROLL
1. INLEIDING
DOEL VAN DE LES:
• Welke fysische middelen bestaan er?
• Hoe werken ze? Effect (mechanisme + resultaat)?
• Indicaties - contra-indicaties?
Vandaag: theorie + enkele voorbeelden + voorbeeld examenvragen
Examen: 10 MC vragen met 5 antwoordmogelijkheden, 1 correct antwoord
Stellingen die moeten beoordelen op juist of fout (welke stelling is juist? Welke fout? + optie geen enkele stelling
juist/fout)
Belangrijk voor podoloog weten welke behandeling methodes er bestaan want als p in praktijk krijgen en
behandeling slaat niet aan, niet het gewenste effect => welke andere opties nog om gericht door te sturen?
P op sukkel en paar behandelingen achter de rug => belangrijk wat inhoudt om van daaruit verder te kunnen denken.
Blijf kritisch! => vele verschillende vormen w ontwikkeld dr bedrijven => overtuigd dat hun technologie alle problemen
kan oplossen, niet zo in realiteit, dus kritisch blijven!
- VROEGER: fysische middelen = behandeling
- NU: fysische middelen zijn onderdeel van de behandeling (oplossing voor probleem => eerste plaats lichaam
te veranderen is oef heel belangrijk en fysische middelen hebben een aanvullende waarde, niet enkel opzich
als behandeling)
- Soms wisselend bewijs in de literatuur
- Mentaal/psychologisch effect niet te onderschatten
Mensen zien en voelen dat er iets gebeurd => sneller overtuigd dat behandeling werkt
Niet volledige behandeling op berusten, maar belangrijk om mee te nemen
zolen, niet tevreden en teruggekomen -> podoloog bleef overtuigd dat zolen wel correct waren maar toch
aanpassingen gedaan zogezegd (niks veranderd) => dan wel inorde dus mentaal aspect speelt ook in mee!!!
Cold spray, ijsbad, elektrotherapie (spierversterkend of relaxerend), infrarood en massagekussens
Ook nog veel andere toepassingen maar deze sportwereld en relaxatietherapie meest gekend.
1
, 2. ELEKTROTHERAPIE
GESCHIEDENIS
- Griekse oudheid: gebruik van sidderroggen voor het toedienen van elektrische schokken bij hoofdpijn en
geesteszieke patiënten
- Volta ontdekte in 1799 dat beweging een gevolg was toediening van elektrische stroom
- Pfluger ontdekte in 1860 dat onder kathode de prikkelbaarheid van een motorische zenuw toenam en onder
anode afnam spiercontractie kon uitgelokt worden door toedienen van elektrische stroom
Ontdekt tijdens experimenteren
Ondertussen ethische commisies opgericht die toen nog niet bestonden, nu minder experimenten zoals toen.
INDELING ELEKTROTHERAPIE
1. GELIJKSTROOM (stroomrichting blijft constant, van + naar -)
Continu = stroom constant aanwezig
• Galvanisatie
• Iontoforese
Gepulseerd = afwisseling van toegediende stroom (tussenfases)
2. WISSELSTROOM (stroomrichting wisselt)
▪ Laagfrequent (1 - 150 Hz)
▪ Middenfrequent (1.000 - 10.000 Hz)
▪ Hoogfrequent (>100.000 Hz)
3. ANDERE
Ultrageluidstherapie en lichttherapie => geen deel uit van elektrotherapie maar ook interessant
Gelijstroom = rode lijn
Wisselstroom = blauwe lijn
Hoe korter cycle, hoe hoger frequentie van wisselstroom zal zijn
CONTINUE GELIJKSTROOM:
GALVANISATIE
= continue gelijkstroom waarbij richting (van + pool naar - pool) en intensiteit (I, ampère) constant blijven tijdens de
behandeling
Afh van de pool is de werking verschillend
Werking op motorische en sensorische vezels=
• - pool (kathode): ↑ prikkelbaarheid motorische zenuwvezels → stimulerende werking
• + pool (anode): ↓ prikkelbaarheid sensorische zenuwvezels → pijnstillende werking
Galvanisatie heeft een dubbele werking afhankelijk van de pool
2