Deontologie
Verantwoording
Communicatieve rationaliteit
DEEL1: PRIVACY & VRIJHEID
Inleiding
Oorsprong en wettelijke verankering
Juridische kijk
Privacy-vrijheid
Conclusie
DEEL 2: DISCRETIE & VERTROUWEN
Inleiding
Discretieplicht en ambtsgeheim
Beroepsgeheim
Wettelijke uitzonderingen oh beroepsgeheim
Functionele invulling vh beroepsgeheim bij samenwerking
Discretieplicht en/ of beroepsgeheim
1
,Verantwoording
Deontologie/ “Plichtenleer”
ETHIEK: gedragscode attitude
Wetten en regels kunnen onrechtvaardig zijn: niet blind volgen
Ethische aspecten (h)erkennen: de ‘geest van de wet’
Correct omgaan met vertrouwelijke informatie (de ‘letter’ van de wet)
Normatieve professionalisering
Centraal aspect binnen sociaal-agogische beroepen én binnen ons sociale leven (big data)
Recht zoekt naar het juiste antwoord (maar is niet altijd het goede):
‘Het goede’ bestaat niet
o Niet absoluut, maar contextgebonden
o Niet relatief (= iedereen zijn eigen waarheid): vanuit beroep gericht op het zorgethische
Ethiek: intuïtie (buikgevoel) onder woorden brengen
o Kritisch niveau = ‘verantwoorden handelen’ – accountability)
o Ethische argumenten: ‘postconventioneel’ – balans ik en de ander
o Praktische argumenten: vaak ‘secondbest’-oplossing
o Nood aan reflectie en dialoog
Technische en normatieve professionals
De dingen goed doen én de goede dingen doen
o Niet enkel methodisch, maar ook met ethische reflectie
o ‘Buikgevoel’ vertalen naar ethische argumenten - niet louter ‘uitvoeren’
Vanuit de complexiteit van het werkveld en het normatieve karakter
o Toename ‘ethische dilemma’s’ (rolconflicten)
Standpunt ethisch beargumenteren – wat is goede orthopedagogie?
o Hoe vullen we de centrale waarden binnen het orthopedagogische werkveld concreet in?
Geen oplossingen
o Eigen aan ‘ethiek’ > attitude voor reflectie en dialoog
o Doel: ‘accountability’: handelen en (achterliggende) visie op sociale problemen en -
oplossingen bespreekbaar maken (= meesterschap)
o Belang van dialoog (onder gelijken)
Communicatieve rationaliteit
Jürgen Habermas
Inspiratie voor een communicatieve dialoog
3 soorten argumenten ih vormen ve beroepsethisch standpunt:
1. Oriëntatie in de breedte (sociologische kijk)
2. Oriëntatie in de hoogte (juridische kijk)
3. Oriëntatie in de diepte (ethische kijk)
2
, Sociologische kijk: oriëntatie in de breedte
Feitelijk niveau (objectieve argumenten)
Concreet: helikopterperspectief
o Partijen en belangen
Complexiteit (micro-meso-macro):
Belangen = wat een partij persoonlijk waardevol vindt (zie link belang – waarde)
o Positie
Verworven positie met rolverwachtingen
Interne rolconflicten – belangen op verschillende niveaus
o Beroepspositie: mandaat en finaliteit
Rolconflicten? Tegenstrijdige verwachtingen
CONSEQUENTIALISTISCHE argumenten:
o Gevolgen, als… dan…
= afwegen belangen
Juridische kijk: oriëntatie in de hoogte
Juridisch niveau (intersubjectieve argumenten)
Maatschappelijke en organisatorische normen
Wetten en regels kunnen richting bieden, maar kunnen ook tegenstrijdig zijn.
De letter van de wet en de geest van de wet
“Privacywetgeving”, ambtsgeheim / discretieplicht, beroepsgeheim
Groot belang aan beroepsgeheim (art. 458 SW): in deze cursus een absolute benadering (je moet
zwijgen) en een positieve interpretatie > maar wat als je gevraagd wordt informatie te delen?
DEONTOLOGISCHE argumenten: principes als basis van ons handelen (intentie)
Ethische kijk: oriëntatie in de diepte
Centraal: beroepspersoon (subjectieve argumenten)
o Gaat niet om persoonlijke ethiek
o Vanuit beroepspositie: waar sta je voor?
Richtinggevende beroepsethische waarden
Meer-zinnigheid van waarden: waarde inclusie is een gegeven, maar verstaat iedereen daar
hetzelfde onder? Opgelet voor toverwoorden
Postconventioneel: denken voorbij / los van bestaande regels en procedures
ZORGETHISCHE argumenten: betrokkenheid en waarden van sociaal-agogische beroepen
Aandacht voor zelfzorg!
3
Verantwoording
Communicatieve rationaliteit
DEEL1: PRIVACY & VRIJHEID
Inleiding
Oorsprong en wettelijke verankering
Juridische kijk
Privacy-vrijheid
Conclusie
DEEL 2: DISCRETIE & VERTROUWEN
Inleiding
Discretieplicht en ambtsgeheim
Beroepsgeheim
Wettelijke uitzonderingen oh beroepsgeheim
Functionele invulling vh beroepsgeheim bij samenwerking
Discretieplicht en/ of beroepsgeheim
1
,Verantwoording
Deontologie/ “Plichtenleer”
ETHIEK: gedragscode attitude
Wetten en regels kunnen onrechtvaardig zijn: niet blind volgen
Ethische aspecten (h)erkennen: de ‘geest van de wet’
Correct omgaan met vertrouwelijke informatie (de ‘letter’ van de wet)
Normatieve professionalisering
Centraal aspect binnen sociaal-agogische beroepen én binnen ons sociale leven (big data)
Recht zoekt naar het juiste antwoord (maar is niet altijd het goede):
‘Het goede’ bestaat niet
o Niet absoluut, maar contextgebonden
o Niet relatief (= iedereen zijn eigen waarheid): vanuit beroep gericht op het zorgethische
Ethiek: intuïtie (buikgevoel) onder woorden brengen
o Kritisch niveau = ‘verantwoorden handelen’ – accountability)
o Ethische argumenten: ‘postconventioneel’ – balans ik en de ander
o Praktische argumenten: vaak ‘secondbest’-oplossing
o Nood aan reflectie en dialoog
Technische en normatieve professionals
De dingen goed doen én de goede dingen doen
o Niet enkel methodisch, maar ook met ethische reflectie
o ‘Buikgevoel’ vertalen naar ethische argumenten - niet louter ‘uitvoeren’
Vanuit de complexiteit van het werkveld en het normatieve karakter
o Toename ‘ethische dilemma’s’ (rolconflicten)
Standpunt ethisch beargumenteren – wat is goede orthopedagogie?
o Hoe vullen we de centrale waarden binnen het orthopedagogische werkveld concreet in?
Geen oplossingen
o Eigen aan ‘ethiek’ > attitude voor reflectie en dialoog
o Doel: ‘accountability’: handelen en (achterliggende) visie op sociale problemen en -
oplossingen bespreekbaar maken (= meesterschap)
o Belang van dialoog (onder gelijken)
Communicatieve rationaliteit
Jürgen Habermas
Inspiratie voor een communicatieve dialoog
3 soorten argumenten ih vormen ve beroepsethisch standpunt:
1. Oriëntatie in de breedte (sociologische kijk)
2. Oriëntatie in de hoogte (juridische kijk)
3. Oriëntatie in de diepte (ethische kijk)
2
, Sociologische kijk: oriëntatie in de breedte
Feitelijk niveau (objectieve argumenten)
Concreet: helikopterperspectief
o Partijen en belangen
Complexiteit (micro-meso-macro):
Belangen = wat een partij persoonlijk waardevol vindt (zie link belang – waarde)
o Positie
Verworven positie met rolverwachtingen
Interne rolconflicten – belangen op verschillende niveaus
o Beroepspositie: mandaat en finaliteit
Rolconflicten? Tegenstrijdige verwachtingen
CONSEQUENTIALISTISCHE argumenten:
o Gevolgen, als… dan…
= afwegen belangen
Juridische kijk: oriëntatie in de hoogte
Juridisch niveau (intersubjectieve argumenten)
Maatschappelijke en organisatorische normen
Wetten en regels kunnen richting bieden, maar kunnen ook tegenstrijdig zijn.
De letter van de wet en de geest van de wet
“Privacywetgeving”, ambtsgeheim / discretieplicht, beroepsgeheim
Groot belang aan beroepsgeheim (art. 458 SW): in deze cursus een absolute benadering (je moet
zwijgen) en een positieve interpretatie > maar wat als je gevraagd wordt informatie te delen?
DEONTOLOGISCHE argumenten: principes als basis van ons handelen (intentie)
Ethische kijk: oriëntatie in de diepte
Centraal: beroepspersoon (subjectieve argumenten)
o Gaat niet om persoonlijke ethiek
o Vanuit beroepspositie: waar sta je voor?
Richtinggevende beroepsethische waarden
Meer-zinnigheid van waarden: waarde inclusie is een gegeven, maar verstaat iedereen daar
hetzelfde onder? Opgelet voor toverwoorden
Postconventioneel: denken voorbij / los van bestaande regels en procedures
ZORGETHISCHE argumenten: betrokkenheid en waarden van sociaal-agogische beroepen
Aandacht voor zelfzorg!
3