Belangrijke info uit practica
Begeleid Patiënten Contact
Bron: NTVG Artikel Buikpijn
Buikpijn = overkoepelende term:
klachten van pijn in regio abdominalis
- Acuut: niet traumatische pijn van
minder dan 5 dagen: kan
goedaardig zijn, maar kan ook
levensbedreigend zijn: snel
onderscheid maken tussen
urgente en niet urgente oorzaken
o Urgent: binnen 24 uur
behandelen, soms zelfs
binnen enkele uren
- Chronisch
Meest voorkomende oorzaken van
buikpijn: niet-specifieke abdominale pijn
en prikkelbaredarmsyndroom. (1e lijn). In
de tweede lijn is dit acute appendicitis.
Dingen uit de anamnese en lichamelijk
onderzoek die kunnen wijzen op peritoneale prikkeling.
De diagnostische waarde van bevindingen uit LO en anamnese is laag, daarom is
enr vaak aanvullend labonderzoek nodig.
,Aanvalsgewijze buikpijn:
- Reflux
- Ulcus pepticum
- Aandoeningen die koliekpijn geven
- Menstruatie
- Chronische mesenteriale ischemie
- Endometriose
- Familiaire mediterrane koorts
- Angio-oedeem
Indicaties voor echo: flank of rugpijn, palpabele afwijkingen, afwijkende labwaarden
en om te screenen op tumoren.
Bron: Guide to Physical Examination and History Taking: Abdomen
,Patronen en mechanismen van abdominale pijn
- Viscerale pijn: wanneer holle organen ongewoon krachtig samentrekken of
uitgestrekt worden. Het is slecht lokaliseerbaar. Ischemie stimuleert ook
viscerale pijnvezels.
o Rechter boven kwadrant; kan duiden op alcoholische hepatitis.
o Brandend, krampend, jeukend. Wanneer het ernstig wordt, kan zweten,
misselijkheid, overgeven en rusteloosheid volgen.
o Visceraal periumbilicaal → acute appendicitis (vroeg stadium).
Verandert dan in parietale pijn.
- Parietale pijn: inflammatie van het parietale peritoneum (peritonitis).
Jeukende pijn, ernstiger dan viscerale pijn, beter lokaliseerbaar. Wordt erger
bij bewegen en hoesten. Willen zo stil mogelijk liggen.
- Referred pain: op afstand, wanneer een gebied door dezelfde zenuw wordt
geïnnerveerd.
o Duodenum of pancreas → rug
, o Galblaas → rechter schouder of rechter achterkant van thorax.
Acute pijn in bovenbuik of discomfort
- Timing van pijn: acuut of chronisch
o Begon het geleidelijk?
o Wanneer?
o Hoe lang houdt het aan?
o Wat is het patroon over 24 uur?
o Wat is het patroon over weken of maanden?
- Beschrijf de pijn in eigen woorden?
o Waar begint het
o Straalt het uit?
o Waar lijkt de pijnop?
- Wijs de pijn aan
- Geef de pijn aan op een schaal van 1-10
- Overig:
o Lichaamspositie
o Associatie met maaltijden
o Acolhol
o Medicatie (ook aspirine)
o Stress
o Gebruik van antacida
Chronische pijn bovenbuik of discomfort
Dyspepsie = chronische of terugkomende discomfort of pijn in het bovenste deel van
het abdomen, gekarakteriseerd door postprandiale volheid, vroege verzadiging en
epigastrische pijn of branden.
Discomfort = subjectieve negatief gevoel dat niet pijnlijk is. Hieronder valt:
opgeblazen gevoel, misselijkheid, zuurbranden en volheid in de bovenbuik.
Wanneer patiënten zuurbranden en oprispingen samen hebben voor meer dan 1
keer per week, heeft deze patiënt bijna 90% zeker GERD.
Sommige patiënten hebben alarmsymptomen zoals:
- Dysfagie (moeite met slikken)
- Odynofagie (pijn met slikken)
- Herhaaldelijk overgeven
- Bewijs van een GI bloeding
- Snel verzadigd zijn
- Gewichtsverlies
- Anemie
- Risicofactoren voor maagkanker
- Palpabele massa
- Icterus die niet pijnlijk is.
Acute pijn in de onderbuik
- Is het scherp en continu of intermitterend en krampend, wat er voor zorgt dat
ze voorover moeten buigen.
Begeleid Patiënten Contact
Bron: NTVG Artikel Buikpijn
Buikpijn = overkoepelende term:
klachten van pijn in regio abdominalis
- Acuut: niet traumatische pijn van
minder dan 5 dagen: kan
goedaardig zijn, maar kan ook
levensbedreigend zijn: snel
onderscheid maken tussen
urgente en niet urgente oorzaken
o Urgent: binnen 24 uur
behandelen, soms zelfs
binnen enkele uren
- Chronisch
Meest voorkomende oorzaken van
buikpijn: niet-specifieke abdominale pijn
en prikkelbaredarmsyndroom. (1e lijn). In
de tweede lijn is dit acute appendicitis.
Dingen uit de anamnese en lichamelijk
onderzoek die kunnen wijzen op peritoneale prikkeling.
De diagnostische waarde van bevindingen uit LO en anamnese is laag, daarom is
enr vaak aanvullend labonderzoek nodig.
,Aanvalsgewijze buikpijn:
- Reflux
- Ulcus pepticum
- Aandoeningen die koliekpijn geven
- Menstruatie
- Chronische mesenteriale ischemie
- Endometriose
- Familiaire mediterrane koorts
- Angio-oedeem
Indicaties voor echo: flank of rugpijn, palpabele afwijkingen, afwijkende labwaarden
en om te screenen op tumoren.
Bron: Guide to Physical Examination and History Taking: Abdomen
,Patronen en mechanismen van abdominale pijn
- Viscerale pijn: wanneer holle organen ongewoon krachtig samentrekken of
uitgestrekt worden. Het is slecht lokaliseerbaar. Ischemie stimuleert ook
viscerale pijnvezels.
o Rechter boven kwadrant; kan duiden op alcoholische hepatitis.
o Brandend, krampend, jeukend. Wanneer het ernstig wordt, kan zweten,
misselijkheid, overgeven en rusteloosheid volgen.
o Visceraal periumbilicaal → acute appendicitis (vroeg stadium).
Verandert dan in parietale pijn.
- Parietale pijn: inflammatie van het parietale peritoneum (peritonitis).
Jeukende pijn, ernstiger dan viscerale pijn, beter lokaliseerbaar. Wordt erger
bij bewegen en hoesten. Willen zo stil mogelijk liggen.
- Referred pain: op afstand, wanneer een gebied door dezelfde zenuw wordt
geïnnerveerd.
o Duodenum of pancreas → rug
, o Galblaas → rechter schouder of rechter achterkant van thorax.
Acute pijn in bovenbuik of discomfort
- Timing van pijn: acuut of chronisch
o Begon het geleidelijk?
o Wanneer?
o Hoe lang houdt het aan?
o Wat is het patroon over 24 uur?
o Wat is het patroon over weken of maanden?
- Beschrijf de pijn in eigen woorden?
o Waar begint het
o Straalt het uit?
o Waar lijkt de pijnop?
- Wijs de pijn aan
- Geef de pijn aan op een schaal van 1-10
- Overig:
o Lichaamspositie
o Associatie met maaltijden
o Acolhol
o Medicatie (ook aspirine)
o Stress
o Gebruik van antacida
Chronische pijn bovenbuik of discomfort
Dyspepsie = chronische of terugkomende discomfort of pijn in het bovenste deel van
het abdomen, gekarakteriseerd door postprandiale volheid, vroege verzadiging en
epigastrische pijn of branden.
Discomfort = subjectieve negatief gevoel dat niet pijnlijk is. Hieronder valt:
opgeblazen gevoel, misselijkheid, zuurbranden en volheid in de bovenbuik.
Wanneer patiënten zuurbranden en oprispingen samen hebben voor meer dan 1
keer per week, heeft deze patiënt bijna 90% zeker GERD.
Sommige patiënten hebben alarmsymptomen zoals:
- Dysfagie (moeite met slikken)
- Odynofagie (pijn met slikken)
- Herhaaldelijk overgeven
- Bewijs van een GI bloeding
- Snel verzadigd zijn
- Gewichtsverlies
- Anemie
- Risicofactoren voor maagkanker
- Palpabele massa
- Icterus die niet pijnlijk is.
Acute pijn in de onderbuik
- Is het scherp en continu of intermitterend en krampend, wat er voor zorgt dat
ze voorover moeten buigen.