Goethals Samenvatting
Hoofdstuk 4
4.1 Inleiding
Musculoskeletale Aandoeningen/MSA: manifesteren in stijgende lijn +
vaakst onder de vorm van pijngewaarwordingen musculoskeletaal
systeem (voornamelijk de spieren, gewrichten, pezen en zenuwen).
= door veeleisende, herhaalde + monotone bewegingen, penibele
houdingen en een lange duurtijd v/h motorisch systeem zonder dat
deze factoren de enige oorzaak zijn of altijd aanwezig hoeven te zijn.
= treffen zowel bovenste ledematen (schouders, ellebogen en polsen),
de onderste ledematen (knieën) als de wervelzuil (nek of rug).
= symptomen v/overbelasting: pijn, tintelingen en stijfheid
Kenmerken v/MSA:
o Geleidelijk ontstaan
o Moeilijk vast te stellen
o Eerst klachten v/ ongemak/ hinder zijn vaag
o Multi causaal ( geen duidelijk oorzaak of begin)
o Cumulatief (versch triggers)
Voorbeelden v/MSA: slide 8!!!
o Peesaandoeningen
o Zenuwaandoeningen/tunnelsyndromen
o Neurovasculaire aandoeningen
o Aandoeningen spieren
o Lumbago (= pijn in de onderrug, meestal door overbelasting, stijve
spieren of een verkeerde houding)
o RSI (repetitive strain injury)
4.3 Prevalentie
Oorzaken:
Transfer v/zorgvragers
Aanhouden v/oncomfortabele/ belastende houdingen
Extra kosten voor het bedrijf hierdoor:
Absenteïsme
Verlies van kennis + competenties
Extra werklast voor collega’s
Extra kosten voor de maatschappij hierdoor:
> ziektekosten + arbeidsongeschiktheid
Verlies v/werk
4.3 De bouwstenen v/h musculoskeletaal stelsel
Functies van het wervelkolom:
, o Stabiliteit
o Mobiliteit
o Bescherming v/d ruggenmerg (zenuw)
Functies van de spieren:
o Beweeglijkheid
o Verhogen v/d stabiliteit
Drukverdelingen in de tussenwervelschijf
Torsie/ verdraaiing v/h wervelkolom = niet goed!!
Zie afbeelding p57 of slide 15
Hoeveelheid belasting op de rug
Tijdens tillen + heffen v/een voorwerp rekening houden met de manier
waarop we dat doen:
o Hoe verder v/ons lichaam hoe > druk op onze
tussenwervelschijven hoe > onze spieren moeten werken om het
voorwerp te dragen.
De belastingen van de lumbale wervelkolom
Wervelkolom de druk uitgeoefend door de zwaartekracht op de
tussenwervelschijven het zwakst in de verticale, rechtopstaande houding.
In deze houding = de natuurlijke kromming (lordose) in staat
evenwichtige verdeling te handhaven van de drukkrachten ter hoogte van
de tussenwervelschijf + is de spankracht die de ligamenten moeten
ondergaan op haar zwakst.
Gebogen houding van het bovenlichaam:
o omgekeerde curve van de rug:
- inversie/groter worden van de natuurlijke kromming van de rug
- toeknijpen van de tussenwervelschijven
- uitrekking van de ligamenten en tussenwervelschijven
- verhoging van de druk op de tussenwervelschijf (hefboomeffect)
Een eenvoudige rotatie van het bovenlichaam:
o het schuintrekken van de vezels in de ring van de
tussenwervelschijf
o wnr gecombineerd met vooroverbuigen dan zijn de
gevolgen:
- schuintrekken van de ringvezels
- verhoogde druk op de tussenwervelschijf (hefboomeffect)
- inversie van de natuurlijke kromming van de rug
- samendrukken van het voorste deel van de schijf
- uitrekken van het achterste deel van de schijf
Het aanhouden van een zittende houding veroorzaakt:
o inversie van de natuurlijke kromming van de rug
o samendrukken van het voorste deel van de schijf
o uitrekken van de ligamenten en van het achterste deel van de schijf
o belemmering van de toevoer van voedingsstoffen naar de schijf
4.4 De risicofactoren van MSA