Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 105 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Juridische Argumentatieleer! Je hebt enkel dit document nodig om te slagen! (Prof Kristof Van Assche.)

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 105 pagina's

Alle colleges in 1 document, dit was mijn reddende engel toen ik in tijdsnood zat! Aan het eind van ieder college heb je nog eens een korte begrippenlijst met uitleg om jezelf te testen. Daarnaast is dit niet zomaar een samenvatting, maar een tweede cursus. Korter en duidelijker met een betere structuur, zonder elke zin in stukjes te hakken. Elk concept wordt in volzinnen uitgelegd, zodat je alles meteen snapt! Geen droge tekst, maar wel kaders, oplijstingen, voorbeelden en veel tussentitels zodat je snel van het een naar het andere kan gaan. Wil je er in één keer door zijn voor dit vak, koop dan mijn samenvatting. Succes!

Voorbeeld van de inhoud

Juridische argumentatieleer

College 1
1. Situering van de cursus
College 1 opent met het overzicht van de volledige cursus. De cursus vertrekt bij redeneren, gaat daarna naar
argumenteren, vervolgens naar juridisch argumenteren en eindigt met inhoud geven aan juridische argumenten. De
eerste colleges horen bij Deel I: Redeneren.

Begrip Uitleg
Deel I - Redeneren Cognitieve achtergrond, bouwstenen van redeneringen, soorten
redeneringen en structurele redeneerfouten. In dit deel gaat het vooral
over hoe conclusies uit premissen volgen.
Deel II - Argumenteren Begripsomschrijving van argument, opbouw van argumentaties/betogen,
deugdelijk argumenteren, argumentatieschema’s en drogredenen.
Deel III - Juridisch argumenteren Juridische begripsomschrijving, juridische betogen, visies op bronnen van
het recht en juridische argumentatieschema’s.
Deel IV - Inhoud geven aan juridische argumenten Later deel waarin juridische argumenten inhoudelijk worden ingevuld en
toegepast.
Handboek Het vak werkt met het handboek en de PowerPoints. De slides geven
structuur, klemtonen en voorbeelden.



2. Deel I: redeneren
Het eerste deel heet Redeneren. De PowerPoint noemt vier onderdelen: cognitieve achtergrond, bouwstenen van
redeneringen, soorten redeneringen en structurele redeneerfouten. College 1 behandelt vooral de cognitieve
achtergrond: waarom mensen op een bepaalde manier verbanden leggen, hoe intuïtief denken werkt en waarom dat
later relevant is voor redeneerfouten.

3. Cognitieve achtergrond
De cursus begint niet meteen bij formele logica, maar bij de mens als redenerend wezen. Juridisch redeneren gebeurt
door mensen, en mensen verwerken informatie via cognitieve processen. Daarom moet je begrijpen hoe cognitie werkt
voordat je redeneerfouten, argumentaties en juridische argumenten goed kan plaatsen.

Begrip Uitleg
Cognitie Het geheel van mentale processen waarmee je informatie verwerkt.



4. Evolutionaire wortels: MacLean en het drievuldig brein
De slides verwijzen naar Paul MacLean, The Triune Brain in Evolution. De te kennen basis in de niet-rode slides is dat
menselijke cognitieve capaciteiten evolutionaire wortels hebben en dat de PowerPoint het model van het drievuldig
brein gebruikt als kader.

Begrip Uitleg
Paul MacLean Auteur die in de slides wordt gekoppeld aan het model van het drievuldig
brein / triune brain.
Drievuldig brein / triune brain Model waarin drie lagen worden onderscheiden: reptielachtig brein, oude
zoogdierenbrein/limbisch brein en recente zoogdierenbrein/neocortex.
Reptielachtig brein Oudste laag in het model: hersenstam en cerebellum. In de slides
gekoppeld aan spieren, evenwicht, autonome functies en
rigide/obsessief/compulsief gedrag.
Oude zoogdierenbrein / limbisch brein Amygdala, hippocampus en hypothalamus. In de slides gekoppeld aan
emoties, motivatie, stressrespons, geur en leren/geheugen via beloning.

1

, Recente zoogdierenbrein / neocortex Laag die in de slides wordt gekoppeld aan cognitie.



Rode-bolfilter: De rode-bolverdieping met specifieke hersengebieden en kritiek op het model is hier bewust niet
uitgewerkt, omdat die slides niet te kennen zijn.


5. Gevolg van evolutionaire wortels: manipuleerbaarheid en nudging
Omdat menselijk redeneren evolutionair gevormd is, werkt het niet altijd puur rationeel. De slides leiden daaruit af dat
mensen manipuleerbaar zijn. Dat wordt gekoppeld aan nudging: keuzes worden gestuurd door de manier waarop de
keuzecontext wordt ingericht. De PowerPoint voegt eraan toe dat dit ook ten goede kan worden gebruikt.

Begrip Uitleg
Manipuleerbaarheid Het idee dat menselijk gedrag en redeneren beïnvloedbaar zijn door
context, presentatie en keuzeomgeving.
Nudging Een subtiel duwtje in de rug: de keuzecontext wordt zo ingericht dat
mensen waarschijnlijker een bepaalde keuze maken, zonder hun
keuzevrijheid volledig weg te nemen.
Thaler & Sunstein Auteurs van Nudge; in college 1 gekoppeld aan manipuleerbaarheid van
menselijk redeneren.



6. Systeem 1 en Systeem 2 - Kahneman
Een kernstuk van college 1 is het onderscheid tussen Systeem 1 en Systeem 2 uit Kahnemans Thinking, Fast and Slow.
Dit onderscheid verklaart waarom mensen snel verbanden leggen en waarom die verbanden soms fout zijn. Het wordt
later belangrijk bij biases, heuristieken en drogredenen.

Begrip Uitleg
Systeem 1 Snel, intuïtief, automatisch, vaak onbewust, associatief en gebaseerd op
geleerde patronen. Het werkt op basis van snelle indrukken en kan
daardoor leiden tot bias. Het stuurt het grootste deel van ons handelen en
gedrag.
Systeem 2 Traag en analytisch. Het vraagt inspanning en aandacht: ideeën ordenen,
nadenken over wat te doen, rekenen, logisch redeneren en bewuste
keuzes maken. Het kan Systeem 1 soms overrulen.
Bias Gevaar van snelle indrukken: een systematische vertekening of
vooringenomenheid in informatieverwerking.
Systeem 1 ≠ enkel emotie De slides waarschuwen dat Systeem 1 niet simpelweg emotie is. Systeem 1
omvat ook automatische vaardigheden zoals lezen en autorijden.
Systeem 2 ≠ enkel rede Systeem 2 is niet simpelweg “rede”. Het kan ook nodig zijn om rationeel
met frustratie om te gaan, impulscontrole uit te oefenen of emoties te
beheersen.
Inslijting Door ervaring en oefening kunnen handelingen die eerst bewuste
inspanning vroegen later automatisch worden.
Curse of knowledge Keerzijde van inslijting: als kennis vanzelfsprekend is geworden, wordt ze
vaak moeilijker uit te leggen aan iemand die die kennis nog niet heeft.



7. Het brein als verbandenleggende machine
Na Systeem 1 en Systeem 2 verschuift college 1 naar het idee dat het brein spontaan verbanden legt tussen concepten,
gebeurtenissen, stellingen en andere informatie. Dat maakt ons denken efficiënt, maar ook foutgevoelig.

Begrip Uitleg
Spontaan verbanden leggen Systeem 1 verbindt allerlei informatie zonder dat we daar telkens bewust
over nadenken.
Voordeel: coherent kader Losse prikkels en feiten worden samengebracht tot een samenhangend en
betekenisvol verhaal.
Voordeel: efficiëntie Systeem 1 werkt snel en met weinig mentale inspanning. Dat is handig
voor routinebeslissingen.

2

, Voordeel: gevaar detecteren Systeem 1 detecteert snel mogelijke dreiging en stuurt onmiddellijke
reactie aan. Bij onzeker gevaar kan het veiliger zijn om te snel een dreiging
aan te nemen.
Voordeel: automatisering Door oefening worden vaardigheden automatisch uitgevoerd.
Nadeel: onjuiste verbanden Systeem 1 legt regelmatig verbanden die niet correct zijn.
Drang naar coherentie De neiging om losse feiten in één verhaal te passen, ook als dat verband
niet bewezen is.
Conceptverruiming door verminderde blootstelling Hoe minder ervaring je hebt met een bepaald concept, hoe ruimer je dat
concept gaat definiëren. De slides koppelen dit aan David E. Levari et al.
Systeem 2 als controle Systeem 2 kan de spontane verbanden van Systeem 1 actief controleren.



Rode-bolfilter: Concrete rode-bolvoorbeelden over complottheorieën en de bredere rode-bolverdieping zijn niet
opgenomen. De te kennen basis is wel: Systeem 1 legt spontaan verbanden en Systeem 2 controleert die verbanden.


8. Vier centrale verbanden van Systeem 1
College 1 onderscheidt vier centrale soorten verbanden die Systeem 1 legt. Deze vormen de overgang naar de
bouwstenen en redeneervormen van college 2.

Begrip Uitleg
Voorwaardelijke verbanden Een bepaalde propositie vormt een voorwaarde voor een andere
propositie: als p, dan q.
Via-verbanden / metonymieën Een entiteit wordt gebruikt om toegang te krijgen tot een andere entiteit
die ermee verbonden is.
Causale verbanden Gebeurtenissen worden in oorzaak-gevolgrelaties geplaatst.
Als-het-ware-verbanden / metaforen Abstracte concepten worden voorgesteld alsof ze concrete zaken zijn.



9. Voorwaardelijke verbanden
Een voorwaardelijk verband ontstaat wanneer een zin of uitspraak, een propositie, als voorwaarde geldt voor een
andere propositie. De basisvorm is: “als ..., dan ...”. Bijvoorbeeld: “Als het 16u is, dan begint de les.” Als de eerste
propositie waar is, dan is volgens die uitspraak ook de tweede propositie waar.

Begrip Uitleg
Propositie Een uitspraak of deel van een uitspraak die waar of onwaar kan zijn.
Als-danverband Een conditioneel verband: als propositie 1 waar is, dan is propositie 2 ook
waar.
Voorwaarde Het element waarvan het gevolg afhankelijk wordt gemaakt.



10. Via-verbanden: metonymie
Bij metonymie gebruik je een ding of entiteit om mentale toegang te krijgen tot een andere entiteit die er in onze
ervaring nauw mee verbonden is. Het gaat om entiteiten binnen hetzelfde conceptuele domein. Je vervangt dus iets
door iets dat er echt bij hoort.

Begrip Uitleg
Metonymie Een via-verband waarbij een vehikelentiteit toegang geeft tot een
doelentiteit die ermee verbonden is binnen hetzelfde conceptuele domein.
Vehikelentiteit De entiteit die letterlijk wordt genoemd.
Doelentiteit De entiteit die je eigenlijk bedoelt of waartoe je mentale toegang krijgt.
Zelfde conceptuele domein Metonymie blijft binnen dezelfde werkelijkheid of context. Daarom is er
aangrenzendheid.
Deel/geheel-metonymie Je legt een verband tussen deel en geheel. Voorbeeld: “monden voeden”
betekent personen voeden; “mijn fiets is stuk” kan eigenlijk betekenen dat
de fietsbel stuk is.
Gevolg/oorzaak-metonymie Je gebruikt een gevolg om de oorzaak op te roepen, of omgekeerd. “De
straat is nat” kan betekenen: het heeft geregend.
Producent/product De producent wordt gebruikt voor het product. “Ik lees Kafka” betekent: ik
3

, lees een boek van Kafka.
Instituut/plaats Een plaats of instelling wordt gebruikt voor een actor. “Brussel heeft
beslist” kan verwijzen naar de Europese Unie.



Metonymie is op zichzelf niet problematisch. Het is een normale mentale shortcut. Maar het kan gevaarlijk worden
wanneer men uit een deel te snel conclusies trekt over het geheel, of wanneer men een gevolg te snel als bewijs van
een bepaalde oorzaak ziet.

De slides geven voorbeelden: “Hij had al twee flessen op” verwijst naar de inhoud van die flessen; “Het Witte Huis heeft
laten weten” verwijst naar de Amerikaanse regering; “De universiteit heeft het examenreglement aangepast” verwijst
naar een bevoegd orgaan binnen de universiteit; “De pers dook op het schandaal” verwijst naar journalisten; “Die
Picasso” verwijst naar een werk van Picasso.

11. Ongericht en associatief: apofenie
Omdat Systeem 1 ongericht en associatief werkt, kunnen verbanden erg sterk aanvoelen. De slides benoemen de
neiging om verbanden te leggen tussen dingen die niet werkelijk gerelateerd zijn als apofenie.

Begrip Uitleg
Apofenie De neiging om betekenisvolle verbanden of patronen te zien tussen dingen
die niet werkelijk gerelateerd zijn.



12. Causale verbanden
Een derde centrale soort verband is het causale verband. Mensen hebben de neiging om samenhangende
gebeurtenissen in een oorzaak-gevolgrelatie te plaatsen. Dat is begrijpelijk, maar gevaarlijk: samenhang is niet
automatisch oorzaak.

Begrip Uitleg
Causaal verband Een oorzaak-gevolgrelatie waarbij een gebeurtenis een andere gebeurtenis
teweegbrengt.
Correlatie Samenhang tussen variabelen: als de ene variabele verandert, verandert
de andere ook.
Positieve correlatie Als de ene variabele stijgt, stijgt de andere ook.
Negatieve correlatie Als de ene variabele stijgt, daalt de andere.
Correlatie ≠ causaliteit Samenhang bewijst niet dat de ene variabele de andere veroorzaakt.
Stepping stone-redenering Redenering waarbij men stelt dat een eerste stap noodzakelijk leidt naar
een verdere stap, bv. cannabisgebruik leidt tot heroïnegebruik. De slides
nuanceren dat een eventueel gateway-effect klein en contextafhankelijk
kan zijn.
Timing ≠ oorzaak Dat iets gebeurt na het begin van een legislatuur of na een gebeurtenis,
bewijst niet dat die gebeurtenis de oorzaak is.



12.1 Zes typische vergissingen bij causale verbanden
1. Zwakke correlatie tussen feit 1 en feit 2: de samenhang is te zwak om een oorzakelijk verband aannemelijk te
maken.
2. Onbepaalde richting van het causaal verband: het is niet duidelijk of feit 1 feit 2 veroorzaakt of omgekeerd.
Voorbeeld in de slides: paraplu en regen.
3. Alternatieve verklaringen: een derde factor kan beide feiten verklaren. Voorbeeld: hogere ijsjesverkoop en meer
verdrinkingen kunnen allebei door warm weer worden verklaard.
4. Overhaaste extrapolatie: een algemene conclusie wordt te snel getrokken uit beperkte of contextgebonden
gegevens. Voorbeeld: “neerslag is goed voor de oogst”.


4

Gekoppeld boek
 image
Frederik Peeraer Juridisch argumenteren
Uitgever: Onbekend ISBN: 9789463715447 Druk: 2

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
16 augustus 2026
Aantal pagina's
105
Geschreven in
2026/2027
Type
Samenvatting
€6,99

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
0
Volgers
0
Items
2
Laatst verkocht
-


Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen