Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 6 van de 33 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Psychologie van individuele verschillen, deel 1: Wat en hoe? — KU Leuven

Document preview thumbnail
Voorbeeld 6 van de 33 pagina's

Een complete en heldere samenvatting van Deel I van het vak PID. De samenvatting bevat alle informatie uit de slides en de hoorcolleges, aangevuld met verduidelijkende extra voorbeelden en extra uitleg bij het onderdeel factoranalyse. Door het gebruik van samenvattende kaders en een hele duidelijke lay-out is de stof overzichtelijk en makkelijk te studeren. In het document vind je bovendien een link naar een Google Drive met mijn samenvattingen van de werkcollege-filmpjes.

Voorbeeld van de inhoud

, Deel 1: Wat en hoe?
1 Doelstelling en geschiedenis................................................................................................ 3
1.1 Doelstelling................................................................................................................................3
1.1.1 Wat? ............................................................................................................................................................. 4
1.1.2 Doel? ............................................................................................................................................................ 5
1.1.3 Door wie? ...................................................................................................................................................... 5

1.2 Geschiedenis .............................................................................................................................6
1.2.1 De benaming differentiële psychologie.......................................................................................................... 6
1.2.2 Meten en beschrijven van individuele verschillen .......................................................................................... 7
1.2.3 Proximale verklaringen .................................................................................................................................. 8
1.2.4 Distale verklaringen ....................................................................................................................................... 9

2 Methoden in de PID .............................................................................................................12
2.1 Verzamelen van informatie over verschillen tussen mensen ..................................................... 12
2.1.1 Soorten gegevens in de PID ......................................................................................................................... 12
2.1.2 Variabelen ................................................................................................................................................... 15

2.2 Verbanden tussen verschillen .................................................................................................. 16
2.2.1 Kwalitatief-kwalitatief.................................................................................................................................. 16
2.2.2 Kwalitatief-kwantitatief ............................................................................................................................... 16
2.2.3 Kwantitatief-kwantitatief: de correlatie ....................................................................................................... 16

2.3 Evaluatie van informatie over verschillen tussen mensen ......................................................... 19
2.3.1 Betrouwbaarheid......................................................................................................................................... 19
2.3.2 Validiteit ...................................................................................................................................................... 20
2.3.3 Links tussen data en triangulatie ................................................................................................................. 21

2.4 Correlationeel vs. experimenteel onderzoek ............................................................................. 21

3 Factoranalsye .....................................................................................................................22
3.1 Inleiding ................................................................................................................................... 22

3.2 Factoranalyse met 1 factor ....................................................................................................... 23
3.2.1 Model .......................................................................................................................................................... 23
3.2.2 Assumpties en implicaties .......................................................................................................................... 24

3.3 Factoranalyse met 2 factoren ................................................................................................... 26
3.3.1 Model .......................................................................................................................................................... 26
3.3.2 Assumpties en implicaties .......................................................................................................................... 26
3.3.3 Grafische representatie............................................................................................................................... 28
3.3.4 Uniciteit van schattingen ............................................................................................................................. 29
3.3.5 Oblieke rotaties ........................................................................................................................................... 30

3.4 Model met merdere factoren .................................................................................................... 31
3.4.1 Scree test van Catell ................................................................................................................................... 31
3.4.2 Kiezen tussen rotaties ................................................................................................................................. 32

3.5 Opmerkingen ........................................................................................................................... 32

3.6 Link naar notities bij werkcollege filmpjes ................................................................................ 33




2

, 1 Doelstelling en geschiedenis
Tot nu toe voornamelijk algemene wetmatigheden besproken (nomothetisch): functieleer, sociale psychologie, biologie →
wetten gelden voor iedereen / de ‘gemiddelde mens’

MAAR de gemiddelde persoon betaat niet → als we menselijk gedrag, gedachten, etc. willen begrijpen, moeten we
rekening houden met individuele verschillen

EMOTIE-ONDERZOEK ALS TOEPASSING
Emoties = belangrijk deel van ons leven:

- Bepalen gedrag, voor- en afkeuren, welzijn, …
- Reacties op gebeurtenissen die voor ons van belang zijn → men verschilt op dit vlak
o Interindividueel – relatief stabiele emotionele tendensen die verschillen tussen mensen
o Intraindividuele – emotionele schommelingen binnen één persoon over situaties heen
- Verschillende functies
o Signaalfunctie – naar buiten toe signaleren hoe men zich voelt
o Activatiefunctie – activeren van bepaald gedrag (verdriet → huilen)

ALGEMEEN BESLUIT
Men verschilt niet enkel opvlak van emoties, maar ook nog op andere vlakken
- Verschillen → studieobject van PID
- Fundamentele verschillen in
o Persoonlijkheid, gedrag
o Intelligentie

1.1 Doelstelling
Verschillende takken: begaan met ontdekken van die “algemene wetmatigheden”

Functieleer Sociale psychologie Biologische psychologie
Hoe werkt ons geheugen, Hoe is ons gedrag in functie van Hoe kunnen onze gedachten,
perceptie emoties en affect? sociale factoren? gevoelens, en gedragingen
verklaard worden door onze
- Wat is de oorzaak van - Sociale oorzaken,
biologie?
onze emoties? functie en gevolgen van
emoties - Neurale processen
onderliggend aan
emoties
→ basale processen die geldend zijn voor iedereen

PID compenseert dit: rekening houden met uniciteit

- Algemene wetmatigheden belangrijk MAAR niet gehele plaatje
- Grote verschillen tussen / binnen mensen inzake gedrag, prestaties, cognities, gevoelens, etc.
→ dit is het onderwerp van PID

Algemeen doel PID:
1. Beschrijven:
o Van verschillen: op welke vlakken verschillen mensen van elkaar / zichzelf? Wat zijn de belangrijkste
verschillen?
o Verbanden tussen verschillen: met wat hangen zulke verschillen samen?
▪ Niveau zelfwaarde en agressie → rekening houden met hoezeer individuen van elkaar verschillen
2. Verklaren van verschillen: wat ligt ad basis van deze verschillen?
o Genen, opvoeding, biologie, cultuur, geschiedenis?



3

,PID – bestaat niet in isolatie → implicaties voor alle toepassingsgebieden van psychologie en daarbuiten
- Organisaties / bedrijven: selectie van werknemer obv unieke kernmerken (leidingsfiguur, creativiteit, risico op
burn-out)
- Schoolpsychologie: verklaren van prestaties op school en helpen van laag presterende kinderen
- Klinische psychologie: wat onderscheidt goed van minder goed functionerende individuen? Wat maakt mensen
kwetsbaar of veerkrachtig?
- Theorie en onderzoek

1.1.1 Wat?

BESCHRIJVEN VAN VERSCHILLEN
→ dit impliceert een vergelijking

- Tussen mensen (individuen, mannen vs vrouwen, groepen)
- Binnen mensen (over de tijd heen, verschillende situaties)

Dit is in tegenstelling tot algemene psychologie (algemene wetten)

⇒ meerdere soorten verschillen zijn mogelijk:

Interindividuele Intra-individuele Interindividuele
Intergroepverschillen
verschillen verschillen verschillen in profielen
→ tussen individuen → tussen groepen (geslacht, → binnen 1 persoon (profiel → interindividuele
culturen, leeftijdsgroep) over situaties of tijdstippen) verschillen in
intraindividuele verschillen
- Jongens vs meisjes
aka – verschillen tussen
in agressie,
individuen van de
cognitieve
verschillen binnen 1
vaardigheden,
persoon
emotionaliteit
- Terraciano




→ Terraciano: onderzoek naar culturele stereotypes

- Zijn culturele / nationale stereotypes juist?
- Vragenlijsten aan proefpersonen
o Zelfbeschrijving: hoe ben jij als Belg?
o Andersbeschrijving: wat denk jij van Fransen?

- Resultaat: anderberschrijvingen komen niet overeen met wat zelfbeschrijvingen van de groe

Maar welke verschillen zijn er tussen mensen? → psychologisch gezien: 2 grote deeldomeinen
1. Cognitief functioneren
o Inteliigentie, IQ (product)
▪ Prestaties op cognitieve taken
▪ Hangt een waardeoordeel aan vast (slimmer / dommer)

4

, o Cognitieve stijlen: manier van verwerken bij cognitieve taken (proces)
▪ Analytisch (in onderdelen) vs hollistisch (het hele plaatje) denken
→ PID van intelligentie en cognitieve stijlen
2. Persoonlijkheid: affectieve en sociale domein
o Karakter, emoties, sociaal gedrag
→ PID van persoonlijkheid



BESCHRIJVEN VAN VERBANDEN TUSSEN VERSCHILLEN
→ verschillen op vlak van 1 variabele (geslacht, intelligentie, zelfwaarde, SES) in verband brengen met verschillen op vlak
van andere variabele (profielen agressie/woede over situaties)

- Hoe hangen deze variabelen samen? Wat is uiteindelijk het doel?

1.1.2 Doel?
1. Zicht krijgen op structuur van verschillen tussen mensen + hoe verschillen op verschillende vlakken onderling
samenhangen
2. Verschillen verklaren – wat ligt er aan de basis van deze verschillen → verschillende niveau’s
o Proximale verklaringen – factoren die in tijd en ruimte min of meer samengaan met te verklaren
(verbanden tussen) verschillen
▪ Aka kijken naar factoren die ongeveer tegelijk en op dezelfde plaats voorkomen in de hoop dat
deze de verschillen kunnen verklaren → wel eerder correlationeel dan causaal
▪ Groep A verschilt van groep B → factor X komt vooral voor bij A → factor X zou een verklaring
kunnen zijn voor verschil tussen groepen
▪ Vb. fysiologie en emoties: hitte en agressie
o Distale verklaringen – factoren die verderaf liggen in de tijd
▪ Evolutionaire theorieën van geslachtsverschillen, genen, gebeurtenissen in vroege levensfasen
▪ Vb. hechtingstheorieën

1.1.3 Door wie?
Wie beoefent PID? Niet alleen wetenschappers houden zich bezig met individuele verschillen → 2 manieren om het te
bestuderen

1. Expliciete theorieën over verschillen
o Theorieën en bevindingen in wetenschappelijke wereld over aard + oorzaken van verschillen tussen
mensen
o Toegankelijk voor anderen want het is vaak gepubliceerd
o Door wetenschappers uitgevonden / geformuleerd
o Domein: PID
2. Impliciete theorieën over verschillen
o Impliciete opvatting van elke mens over aard + oorzaken van gedrag en verschillen
o Niet toegankelijk voor anderen (opvattingen in je hoofd)
o Kan enkel onrechtstreeks afgeleid worden
▪ Vb. via inferenties die persoon maakt
o Door leken uitgevonden en door wetenschapeprs onthuld of door media beschreven
o Domein: persoonsperceptie, sociale psychologie

→ elk mens is een (op z’n minst, impliciete) differentieel psycholoog

TOCH zijn de 2 niet onafhankelijk! → ze beïnvloeden elkaar




5

, CONTAMINATIE
Expliciete theorieën worden beïnvloed door impliciete theorieën
1. Via de wetenschapper
o Heeft ook eigen vooroordelen, partijdigheid → moet daarvan bewust zijn
▪ Vb. Geslachtsverschillen in psychologie worden extreem hard uitvergroot van zodra er de
kleinste evidentie is → omdat dit de uitslag van het onderzoek aantrekkelijker maakt
▪ Beter eigen vooroordelen erkennen dan negeren
2. Via de proefpersoon
o Onderzoek waarop expliciete theorieën gebouwd zijn worden gecontamineerd
▪ Demand characteristics, zelfpresentatie, etc.
▪ Vb. bij vragenlijstonderzoek zijn antwoorden niet meer ‘puur’ maar beïnvloed door overtuigingen
van proefpersonen zelf

Impliciete theorieën worden beïnvloed door explicie
- Onderzoeksresultaten verspreiden via media, populaire literatuur → bepalen hoe we verschillen tussen mensen
percipiëren
o Verspreiding van labels: hoogsensitief, narcistisch, introvert
o Opvattingen over intelligentie: aangeboren dus onveranderbaar

→ VANDAAR belang van goed / correct interpreteren en communiceren van onderzoeksresultaten!

1.2 Geschiedenis

1.2.1 De benaming differentiële psychologie
Kondigen nieuwe discipline aan – la psychologie individuelle
Aandacht voor 2 problemen:
Henri & Binet (1895) - Hoe variëren psychische processen van individu tot individu?
→ inter-individuele verschillen
- Hoe variëren psychische processen onderling binnen individu
→ intra-individuele verschillen
1e gebruik term differentiële psychologie (boek)
3-voudige taakomschrijving voor PID
1. Beschrijven aard en groote v. verschillen in psychisch leven tussen individuen en
groepen
William Stern (1900) → beschrijven
2. Hoe manifesteren deze verschillen zich
→ methode
3. Welke factoren bepalen verschillen
→ verklaren
Eenheid brengen in takken van psychologie die vergelijken → comparative psychologie

Robert Yerkes (1913) - object of groepen die je vergelijkt zijn minder belangrijk dan het feit dát je vergelijkt
o proces van vergelijken en idee van verschil staat centraal
- zolang men vergelijkende / correlationele methode gebruikt
- Individuele psychologie: niet meer gebruikt om PID aan te duiden
o Te sterk geassocieerd met psychoanalytische theorie van Adler
o Verwijst naar intra-individuele verschillen = personologie
- Comparatieve psychologie: vooral focus op experimentele dierstudies
Opmerkingen - Differentiële psychologie → ook niet vaak meer gebruikt
o Domein te groot geworden
▪ Psychologie van intelligentie
▪ Persoonlijkheidspsychologie
→ hier toch gebruikt als overkoepelende term




6

Documentinformatie

Geüpload op
13 augustus 2026
Aantal pagina's
33
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
€8,99

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
0
Volgers
0
Items
3
Laatst verkocht
-



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen