H1 Kritisch denken
1) Wat is wetenschap?
1.1 begrip wetenschap is tweeledig
= proces aan waarmee kennis wordt vergaard
= geheel aan kennis die voortkomt uit de wetenschappelijke activiteit
1.2 wetenschap herkennen
▪ stelt vragen en geeft verklaringen die betrekking hebben op de natuurlijke wereld
Wat is een regenboog? Waarom worden wij ziek? Waarom drijft ijs op water? Wat is het doel van het leven?
Bestaat de ‘ziel’?
▪ werkt met testbare ideeën
naast ons eigen universum is er nog een ander, parallel universum, waarmee geen fysieke interactie
plaatsvindt → door ontbreken van fysieke interactie, kan men geen observaties doen die dit idee
ondersteunen
lieveheersbeestjes zijn een goede natuurlijke manier om luizeninfecties bij planten te bestrijden → Moeilijk
testbaar, omdat het te vaag is wat een ‘goede natuurlijke manier’ inhoud; exacter geformuleerd worden: “Als
planten, die met luizen geïnfecteerd zijn, worden blootgesteld aan lieveheersbeestjes, hebben zij na een week
significant minder luizen dan onbehandelde planten
▪ werkt met falsifieerbare ideeën
falsifieerbaar = een hypothese in principe te weerleggen moet zijn = er kan in principe een experiment
uitgevoerd worden of een observatie worden gedaan die de hypothese weerlegt
Vroeger ging men ervan uit dat alle zwanen wit waren: er kwamen alleen maar witte zwanen in Europa voor
−− “Alle zwanen zijn wit”
Natuurrampen zijn een straf voor onzedelijk gedrag
Vb: Carl Sagan en ‘de draak in mijn garage’
▪ baseert zich op experimenten en bewijzen: in het beoefenen van wetenschap worden experimenten
gedaan om te zien of deze voorspellingen ook daadwerkelijk uitkomen → hoe meer verschillende
experimenten er gedaan kunnen worden, hoe sterker het bewijs voor een wetenschappelijke theorie
1.3 Definities
▪ bewijs = feiten/waarnemingen die een hypothese of theorie bevestigen of juist ontkrachten
→ een bewijs voor een theorie betekend niet dat de theorie ook een model is dat de werkelijkheid
helemaal correct beschrijft
▪ feit = een zintuigelijke waarneming of een instrumentele meting (moet objectieve waarneming
zijn, onafhankelijk van de opvattingen of het perspectief van de waarnemer)
▪ hypothese = mogelijke verklaring voor een observatie (hypothese is geen eindpunt, maar het begin
van nieuwe experimenten om de hypothese te testen → moet falsifieerbaar zijn)
▪ theorie = een goed onderbouwde verklaring over een aspect van de natuur, gebaseerd op
feiten die herhaaldelijk zijn bevestigd door observaties of experimenten → soort model dat
observaties verklaart en voorspellingen doet
▪ wet = beschrijving van een natuurlijk fenomeen (wetten van newton); beschrijft een observatie, maar
biedt geen verklaring zoals een theorie
, informatieve en communicatieve vaardigheden 1
1.4 Wetenschap in oude culturen
▪ hemellichamen: in het oude egypte en griekenland probeerde men naar verklaringen te zoeken voor
natuurverschijnselen
▪ natuurfilosofie: ten tijde van de oude grieken waren wetenschap en filosofie nauw verbonden, er werden
toen eigenlijk geen experimenten gedaan om hypotheses te testen
▪ vroegere geneeskunde: een wetenschap die ook in vroegere tijden niet theoretisch kan blijven, er zijn
schriften gevonden om botbreuken, wonden en dislocaties te verhelpen
hippocrates zag ziektes niet als straf van de goden, maar als iets natuurlijks = vader van de moderne
geneeskunde
1.5 Theorieën in beweging
soms worden er observaties gedaan die niet verklaard kunnen worden door de huidige theorieën, dit kan
leiden tot aanpassing van de theorieën, waardoor er betere modellen ontstaan die in de loop der eeuwen
zijn aangepast en beter stroken met de resultaten van waarnemingen en experimenten
vb: het model van het universum, het model van het atoom
➔ theorieën worden steeds gedetailleerder om meer observaties te kunnen verklaren, laten zien
dat kritisch denken belangrijk is voor de vooruitgang van de wetenschap en illustreren de
voortschrijdende inzichten van de moderne natuurwetenschappen
1.6 Het begin van de moderne wetenschap
door de opkomst van het christendom verdween met name in europa grotendeels de aandacht voor wetenschap.
tijdens de renaissance kwam er een hernieuwde interesse in het werk van griekse en romeinse kunst, cultuur en
ook wetenschap. → wetenschappelijke revolutie
zie filmpje!!!
+ informatie over theorieën waarbij de aarde rond is!!!
1.6 Vroege observaties: menselijke anatomie
(zie ook extra presentatie over vesalius?)
waarom was Vesalius zo belangrijk en waarom heeft hij zo veel invloed gehad?
➔ denkwijze was die van een moderne wetenschapper: kritisch naar bestaande kennis
bevindingen van Vesalius
▪ de positie van elke spier in het menselijk lichaam
▪ kamertussenschot (afscheiding tussen de rechter- en linkerhartkamer) is niet poreus
▪ miralisklep: hartklep tussen de linkerboezem en linker hartkamer, bepalen richting van de
bloedstroom
▪ zenuwen zijn niet hol
Harvey ontdekt dat bloed niet werd aangemaakt in de lever maar in het hart, circulaire bloedsomloop
Zijn experiment: arm van een proefpersoon wordt afgebonden, zodat de aderen goed zichtbaar worden. Kleppen in
aderen waren al beschreven, maar Harvey liet met bovenstaand experiment zien dat het bloed in aderen alleen in de
richting van het hart stroomt. Wanneer hij het bloed wegdrukte van het hart vandaan, bleef de ader leeg omdat de
kleppen verhinderden dat het bloed terugstroomde.
1.7 Vroege observaties: microscopie
Van Leeuwenhoek was geïnteresseerd in lenzen (gebruikte die om zijn stoffen in de winkel te testen)
→ bereikte uiteindelijk een microscoop met een uitzonderlijke grootte (275x) + ontdekking rode bloedcellen,
eencellige eukaryoten (door hem animacules genoemd), spermatozoiden en bacteriën