VAK : CELFYSIOLOGIE ( GNK 1E BACH) 2025
PROF: RUDI VENNEKENS
EXAMENVORM ( NU GEWIJZIGD NAAR MC, OORSPRONKELIJK SCHRIFTELIJK)
BEHAALD RESULTAAT : 18/20
,INHOUDSTAFEL :
1. CELLEN VAN HET BINDWEEFSEL
- ECM
- SPECIFIEKE CELTYPES
2. CELFYSIOLOGIE VAN DE SYNAPS
- INLEIDING OVER ACTIEPOTENTIALEN
- ALGEMENE WERKING
- NEUROMUSCULAIRE SYNAPS
- CENTRALE SYNAPS
- VERGELIJKING TUSSEN NMJ EN CENTRALE
- NEUROTRANSMITTERS EN RECEPTOREN
- EPSP’S EN IPSP’S
- SYNAPTISCHE PLASTICITEIT
3. SPIEREN
- CONTRACTIE RELAXATIE MECHANISMEN VAN
● DWARSGESTREEPTE SPIEREN
● HARTSPIER
● GLADDE SPIER
- ACTIEPOTENTIAAL IN SPIERCELLEN
- TOEPASSING : HET ECG
- EXCITATIE CONTRACTIE KOPPELING
- EIGENSCHAPPEN VAN SPIERCONTRACTIES
- VOORBEELD VAN UITGEWERKTE EXAMENVRAAG (SCHRIFTELIJK)
4. SENSORISCH ZENUWSTELSEL
- ALGEMENE CONCEPTEN
- CHEMO SENSATIE VAN SMAAK EN GEUR
- ZICHT
- GEHOOR EN EVENWICHT
- SOMATO SENSATIE
- PROPRIOCEPTIE
HOE DIT VAK STUDEREN ?
Het voornaamste is het begrijpen van de celfysiologie. In dit vak heeft alleen vanbuiten
leren echt geen zin. Dit betekent niet dat je dus niet vanbuiten moet leren, je moet het
daadwerkelijk ook kunnen uitleggen aan de hand van grafieken en oefeningen.
Wikimedica en reconstructies zijn ook zeker aan te raden. Veel succes !
,3. Cellen van het bindweefsel
1. Cellen van het bindweefsel ( algemeen )
Cellen van het bindweefsel omvat alles wat rond gespecialiseerde weefsels zit. Er kan nog
een onderscheid worden gemaakt tussen elementair bindweefsel en gespecialiseerd BW.
1) Elementair BW
Elementair bindweefsel komt ongeveer in elk weefseltype voor en zorgt voor
structurele integriteit en daarnaast verleent het een signaalfunctie aan het
weefsel.
Het elementair bindweefsel kan nog worden onderverdeeld in 3 componenten :
- Cellen : fibroblasten, macrofagen , T-lymfocyten , mastcellen
- Eiwitten : collageen , fibronectine en proteoglycanen
- Interstitiële vloeistof
● ECM ( extra cellulaire matrix ) = bevat alle niet cellulaire componenten van het
bindweefsel.
2) Gespecialiseerd BW
Gespecialiseerd bindweefsel komt in verschillende vormen voor zoals kraakbeen,
vet, bloed enz…
2. De ECM
De ECM vervult meerdere functies :
1) De ECM biedt structurele stevigheid aan het omliggende
weefsel. In spieren staat het contractiel apparaat verbonden
door middel van costameren met de ECM. Hierdoor wordt de
contractiekracht voortgezet op het omliggend weefsel.
2) De ECM heeft een signaalfunctie :
De verschillende eiwitten van de ECM kunnen interageren met
receptoren op de celmembraan van verschillende cellen. Hierdoor
kunnen ze verschillende signaaltransductiecascades activeren en zo
een invloed uitoefenen op : celmigratie , celdifferentiatie ,
celadhesie , celproliferatie en het afbreken en opbouwen van de
ECM. In een kankercel is de ECM verschillend dan in een gewone
cel, wat het belang aantoond dat de ECM een belangrijke rol speelt in
kanker waaronder het activeren van belangrijke intracellulaire
transductie cascades , die proliferatie kunnen stimuleren.
Een tweede voorbeeld zijn integrine receptoren , deze bestaan uit
een alfa en Beta subeenheid die contact maken tussen eiwitten van
de ECM en het actine cytoskelet. Naast de structurele verankering zullen integrine
receptoren intracellulaire signaaltransductie cascades activeren door kinases te
activeren zoals FAK ( focal adhesion kinase ) en het SRC kinase , hierdoor treden
er verandering in celadhesie en migratie.
, 3) De ECM is weefselspecifiek :
De ECM bestaat uit verschillende proteïnen. Een
belangrijk inzicht is dat er verschillende proteïnen
voorkomen naargelang het soort weefsel. Bij spiercellen
bijvoorbeeld heerst er een verschil in samenstelling van
eiwitten, zoals het type collageen dat specifiek is voor
elke spierlaag. In het epimysium dat een spierbundel
omvat is de ECM anders dan het epimysium dat de hele spier omvat.
3. Cellen in het bindweefsel : FIBROBLASTEN
De fibroblastcellen zijn van mesenchymale oorsprong en spelen een belangrijke rol
in onderhoud en productie van de ECM. Hieronder worden verschillende functies van
de fibroblast besproken :
1) Matrisome
De fibroblast produceert verschillende componenten van de ECM , die het
matrisoom wordt genoemd.
2) Progenitor cel
De fibroblast kan zich delen en zo zich omvormen tot nieuwe fibroblasten.
Daarnaast kan de fibroblast een progenitorcel zijn voor andere celtypes zoals
kraakbeen, vetcellen of andere gespecialiseerde bindweefselcellen.
3) Productie van groeifactoren en cytokines
De fibroblast produceert verschillende groeifactoren die een belangrijke rol
spelen bij de vermenigvuldiging en differentiatie van een fibroblast. Daarnaast
secreteert de fibroblast cytokines die een rol spelen in het immuunsysteem
door immuuncellen aan te trekken.
4) Mechanische kracht
Fibroblastcellen kunnen zich omvormen tot myofibroblasten en zo een rol
spelen in de wondheling respons.
5) Feeder cellen
Fibroblasten kunnen verschillende metabolieten secreten zoals lactaat
pyruvaat die vervolgens kunnen worden gemetaboliseerd door verschillende
cellen.
Fibroblasten kunnen zich omvormen tot Cancer associated fibroblasts , dit houdt in dat ze
zich kunnen differentiëren tot een steungevende cel voor de tumor.
● Regulatie van de fibroblast
Er zijn 3 belangrijke signaaltransductiecascades in de fibroblast :
1) De WNT pathway : Deze pathway staat in voor de regulatie van de proliferatie van
fibroblastcellen.
2) De PDGF ( Pelet derived growth factor pathway ) : Deze pathway staat in voor de
differentiatie van de fibroblastcellen.