THOM THEYS
Les 1:
H9: SOMESTHESIE
= geheel vn lichamelijke sensaties bewust waargenomen
- Uit meerdere somatosensoriële systemen:
Tast
Pijn
Temperatuur
Proprioceptie: positie/bew. in ruimte waarnemen -> zie H10
9.1. FIJNE TAST EN VIBRATIE
A) Huidreceptoren
Detectie: Cutane mechanoreceptoren
= bij vervorming
o Via Piezo2 mechanosensitieve ionenkanalen
o R: verbonden met afferente axonen
Verdeling vezels
o Locatie: diep (type 2) <-> opp (type 1)
o Snelheid aanpassing: snel (RA) <-> traag(SA)
Typen vezels:
o Type 1:
Kleine RF
Met: Meissner, Merkel
o Type 2:
Grote RF
Met: Pacini, Ruffini
Typen mechanoreceptoren:
= hoe kleiner RF, hoe meer detectie variatie
1) Lichaampjes vn Pacini (RA2)
o Vr: vibratiezin (duwen, loslaten)
1
, o Lang duwen: gn signaal meer
2) Lichaampjes vn Meissner (RA1)
o In dermis net onder epidermis
o Vr: textuur
3) Schijfjes vn Merckel (SA1)
o Vr: vorm, grootte, hardheid
o Gevoelig aan constante stimulatie
4) Uiteinden vn Ruffini (SA2)
o Wijd uit elkaar
o Proprioceptie + detectie vingers bij grijpen + stereognosis
5) Andere: haarfollikelR
= gevoelig aan bew. haartje
Spatiale resolutie
= bepaald via 2puntsdiscriminatie
o Afh vn:
densiteit R
grootte RF
corticale representatie
B) Afferenten (p145!)
Indeling volgens snelheid
o Hoe dikker, hoe sneller geleiding
o Ook afh vn myelinisatie
C vezels:
o Vr jeuk (heel trage vezels)
o Vr affectieve tastzin (plezier)
C) Lemniscale baan
Vr:
2
, o Vibratie en tastzin
o (proprioceptie: zie later)
Verloop
1) 1ste neuronen
= AB neuronen vn eerste orde (en Aa)
o Celkern: Dorsal root ganglion
= Verder stijgen in dorsale streng
2) Dorsale streng
o Somatotopie
Lumbosacrale vezels: mediaal
Cervicothoracaal: lat.
o 1ste synaps: dorsale strengkernen (MO)
o RF: centersurround organisatie
= contrast in detectiepunt
3) 2de neuronen
o Kruisen -> in HS in lemniscus medialis
o 2de synaps: VPL kern (Th)
o 3de neuronen: nr S1(primaire somatosensoriële cortex)
Info vn hoofd: (figuur - p
147)
o Via nervus trigeminus
o Celkern: ganglion vn Gasser
o In HS: synaps in nucleus trigeminalis
o 2de neuron: kruising middellijn, nr VPM (Th)
o 3de neuron: nr somatosensoriële cortex
D) Somatosensoriële cortex
= in gyrus postcentralis
3
, Area’s S1:
o Area 3 (a,b)
3a: info SA1, RA1
Vn 3 nr 1, 2
o Area 1: vrl RA1 input (textuur)
o Area 2: input andere 3 gebieden
= vr complexere info (vb bew.)
Somatotopie:
o Uni+ contralateraal
o Proportioneel innervatiedensiteit
Colomnaire organisatie
= verticaal, loodrecht cortex
o S1; afwisseling kolommen vibratie, druk
o In 3b: afwisseling RA1, SA1
o Gevolg: nog meer organisatie:
Niet enkel op afkomst afferenten (somatotopie)
Ook op basis vn welke info (= info, dicht bij elkaar)
= Columnaire organisatie
Organisatieplasticiteit
= # corticale neuronen
o Schade 1 ZN:
= corticaal neuron prikkelbaar naburig gebied
o Klinisch: fantoomgewaarwordingen (p 151)
Verdere projecties vn S1:
o Associatievezels
o Commisuurvezels nr contralateraal
o Descenderende vezels: invloed op aanvoer info
Andere gebieden:
o S2:
Thv insula
Vr: discriminatie vorm, textuur, objectherkenning
o Somatosensoriële associatiegebieden:
In posterieure pariëtale cortex (PPC)
Vr: meer complexe info, integratie sens. Info, objectmanipulatie
9.2. PIJN
A) Nociceptoren
= pijnreceptoren
Types:
= afh welke schade:
o Mechanisch (HTM): intense druk/ trauma
o Chemisch: beschadigde cellen -> stoffen vrij
o Thermisch: bij temp.
->TRPV1 (aan capsaïcine): detectie versch stimuli: polymodale R
Pijnreactie:
o Eerste, snelle: dr A vezels
o Latere,trager: dr C vezels
Nociceptoren: NIET IN HERSENEN
B) Anterolaterale systeem
Vr:
o Pijn, temperatuur
4