1. Goed onderwijs
1 Wat is goed onderwijs?
- Onderwijs = fundamenteel kinderrecht (VN-Verdrag 1989)
o Gaat niet alleen om toegang, maar om toegang tot kwaliteitsvol onderwijs
- Geen duidelijke definitie van ‘goed onderwijs’
1.1 Kwaliteitsvol onderwijs in Vlaanderen
- OK à Vlaams referentiekader voor onderwijskwaliteit (sinds 2016)
o Zet minimale verwachtingen van kwaliteitsvol onderwijs uit.
o Kwam tot stand na literatuurstudie & inbreng stakeholders onderwijs:
§ Onderwijsprofessionals, leerlingen, cursisten, ouders, schoolteams & andere betrokkenen.
o Basis waaraan onderwijsinspectie de kwaliteit aftoetst.
! Referentiekader = geen kwaliteitsmodel, maar geeft criteria weer waaraan kwaliteit: onderwijs in VL afgetoetst wordt!
- Vizier 2030 & SDG 4 à Vlaamse overheid vertaalde duurzaamheidsdoelen van de VN naar Vlaams niveau (2018-
2019)
o Vertaalde doelstellingen: vormen Vizier 2030
o Focussen op SDG 4:
§ Kwaliteitsonderwijs: gelijke toegang tot kwaliteitsvol onderwijs (incl. onderwijs) en levenslang leren
voor iedereen.
o Voortgang; jaarlijks gemonitord via indicatoren:
§ Leerlingenprestaties: internationaal vergelijkend onderzoek;
§ Aantal inschrijvingen: VL hoger onderwijs;
§ Vroegtijdige schoolverlaters…
o Kwaliteit Vlaamse onderwijs laatste jarenà ‘zwakke leerling’ -> internationaal vergelijkend onderzoek (PISA,
PILS & TIMMS)
- Commissie beter onderwijs (2020) -> opgericht omdat Vlaanderen slecht scoorde.
o Conclusie: teruggaan de kern gaan.
§ Leerkrachten moeten ruimte hebben voor hun kerntaak: lesgeven;
§ Kern van onderwijs = kennisverwerving & cultuuroverdracht -> springplank naar diepere inzichten;
§ Onderwijsvernieuwing zonder wetenschappelijke onderbouw moeten geweerd worden;
§ Samenleving mag niet elke wetenschappelijke taak naar onderwijs doorschuiven.
o 58 adviezen & 10 speerpunten geformuleerd.
o Naast kennisverwerving ook aandacht voor menswording.
o Focus op menswording -> filosofische benadering van goed onderwijs.
1.2 Een visie op goed onderwijs – Gert Biesta
- Vandaag: geen gebrek aan antwoorden op vraag: ‘Wat is goed onderwijs?’
- Probleem: school wordt te vaak gezien als instrument v.d. samenleving à focus op economische meerwaarde.
o School: wordt “leerfabriek” die draait op ambities van economen, politici & ouders.
o School: plicht om uiteen te zetten wat er in de samenleving speelt.
o OOK: plicht om maatschappelijke ontwikkelingen kritisch te bevragen & mogelijkheden te scheppen voor
kinderen & jongeren om aan bevraging deel te nemen.
, De drie doeldomeinen:
Biesta: onderwijsprocessen altijd invloed uitoefenen op 3 domeinen:
Kwalificatie Socialisatie Subjectificatie
Wat? Rol onderwijs: in verwerven van Leerlingen worden deel van tradities Het worden van een autonoom en
kennis/vaardigheden & houdingen die & praktijken (via onderwijs) verantwoordelijk persoon.
kinderen & jongeren kwalificeren om
iets te doen.
Specifiek? Zowel specifiek (kwalificatie voor Zowel specifiek (socialisatie in Niet aanleren van vaststaande
beroep) als algemeen (leven in een beroepspraktijk) als algemeen vaardigheden, maar ontwikkelen
complexe, multiculturele samenleving) (socialisatie in cultuur van van zelfstandig denken & eigen
democratie) keuzes maken.
Taak Leerlingen vaardig & competent maken Sociale afspraken, waarden, normen Leerlingen: aanspreken op hoe ze
leraar: in het vak & binnen de samenleving. & principes overbrengen & kritisch zich verhouden tot kennis, waarden
bevragen. & maatschappelijke vraagstukken
Verloopt ook impliciet: hoe onderwijs Onderwijs: kan subjectificatie niet
is ingericht: worden bepaalde volledig inplannen, wel ruimte voor
waarden meegegeven. scheppen.
Biesta: Kwalificatie = normatief. Socialisatie = normatief. “Leerling is niet een object van onze
o Onderwijs bepaald welke o Altijd keuzes gemaakt goede bedoelingen, maar subject
keuzes (welke kennis & over wat wordt van het eigen leven.”
vaardigheden) -> als doorgegeven.
waardevol worden o Proces verloopt nooit
beschouwd worden waardenvrij: altijd
expliciete en impliciete
keuzes gemaakt
o Welke vormen van
samenleven: als
wenselijk worden
beschouwd.
Voorbeeld: Wiskunde procenten berekenen & Nadruk op cijfers -> socialiseert Klasgesprek over pesten: geen juist
toepassen in dagelijks leven. leerlingen impliciet in of fout. Uitgenodigd om zelf na te
prestatiegerichte manier van denken. denken over keuzes.
Onderlinge samenhang:
- 3 doeldomeinen altijd tegelijk aanwezig in onderwijs
- Goed onderwijs -> houdt rekening met alle 3.
- Biesta: pleit voor discussie over onderwijs te verbreden voorbij
enkel meetbare leeruitkomsten.
, 2 Het belang van de (goede) leraar
- Goed onderwijs staat of valt met de leraar die het geeft.
- Centrale vraag: “Wat is een goede leraar?”
Kwaliteitseisen (Vlaamse Overheid):
- Beroepsprofiel:
o Beschrijft wie een leraar is
o Welke maatschappelijke opdracht hij vervult
o Welke rollen & verantwoordelijkheden daarbij horen.
- Basiscompetenties = concrete vertaling van beroepsprofiel: wat van een start bekwame leraar minimaal verwacht
wordt.
o Kennis, vaardigheden, attitudes
- Leraar zijn = proces van levenslang leren & ontwikkelen.
Pedro De Bruyckere -> authenticiteit
- Onderzoek: hoe jongeren een goede leraar omschrijven.
- Kernwoord: authenticiteit = jezelf zijn.
- Leerlingen beoordelen leraar als authentiek op basis van 4 criteria:
o Expertise: weet waarover hij spreekt
o Passie: positief gepassioneerd -> vol enthousiasme over vakgebied zonder vakidioot te zijn
o Uniciteit: geeft elk kind & klas gevoel uniek te zijn.
o Afstand: toont belangstelling, zonder vriend te willen zijn.
2.1 De ‘bezielde leraar’
Wat is een bezielde leraar?
- Professional die zijn beroep uitoefent met sterke intrinsieke gedrevenheid.
- Handelen vanuit oprechte passie voor vakinhoud & doelgroep.
- Staat ‘vanuit het hart’ voor de klas. -> laat zich raken en durft kwetsbaarheid tonen.
- Aanwezig als compleet mens, niet enkel als roluitvoerder.
Waar komt bezieling vandaan?
- Uit de persoonlijke identiteit: waarden, overtuigingen & manier van handelen.
- Uit intrinsieke motivatie: innerlijke drive om ergens voor te gaan.
- Uit wisselwerking met leerlingen & onderwijsomgeving: energie die voortkomt uit verbondenheid
à Werk overstijgt de dagelijkse routine & krijgt het persoonlijke betekenis.
Effect van bezieling:
- Inspireert leerlingen
- Laat zien wie de mens achter de docent is
- Nodigt uit om eigen motivaties, waarden & identiteit te verkennen.
- Wordt zo een geloofwaardig voorbeeld