CONSERVATION OF THE VISUAL
ARTS
FROM RAGS TO RICHES – THE MAKING AND MEANING OF PAPER
1. CURSUSINFO & INLEIDING
Docenten: Prof. dr. Jaya Remond & Prof. dr. Maximiliaan Martens
Assistent: Lisa Schepens (dia 1–2)
Vakcode: A003032A – Technologie en conservatie van de beeldende
kunst
Evaluatie: Multiple choice + korte vragen (dia 7)
Studietip: notities maken en herlezen dezelfde of de volgende dag (dia
11)
Excursies:
o MSK Gent (Museum voor Schone Kunsten)
o Special Collections in de Boekentoren (UGent)
o Keuze: Engraving workshop of Visit to conservation labs/studios (dia
4)
2. WAT IS ‘TECHNOLOGIE’?
Grieks: technè = ambacht, kunst, fabricatie; logos = rede, kennis (dia 12)
Oxford-definitie: “Application of scientific knowledge for practical
purposes.”
In kunstcontext: de principes, methoden en vaardigheden die de
creatie van kunstwerken bepalen.
Kunstwerken worden door echte mensen gemaakt, vaak in groepen
of teams (dia 13–14).
Vragen die technologie stelt (dia 15–18):
Wat?
o Welke materialen worden gebruikt?
o Hoe krijgen die materialen betekenis (symbolisch, iconografisch,
economisch)?
o Welke hulpmiddelen en gereedschappen gebruikt men?
o vb. Fra Angelico, Coronation of the Virgin – goud = licht en rijkdom.
Hoe?
o Welke technische processen worden toegepast?
o Welke analytische technieken kunnen we gebruiken om die
processen te bestuderen?
Wie?
1
, o Welke individuen zijn betrokken in het proces?
o Wat is hun status, geslacht of rolverdeling binnen het atelier?
Waar / Wanneer?
o In welke ruimtes wordt er gewerkt?
o Hoeveel tijd kost het maken van een kunstwerk?
o Welke routes van creatie bestaan er?
3. OORSPRONG VAN PAPIER – VAN CHINA TOT EUROPA
DE UITVINDING IN CHINA (DIA 22–29)
Vroege vondsten: resten in Chinese graven, 2e eeuw v.Chr.
Cai Lun (ca. 105 n.Chr.)
o Ambtenaar aan het keizerlijk hof;
o Codificeerde en perfectioneerde het papierproces, maar vond het
niet uit.
Grondstoffen: hennep, brandnetel, moerbei, bamboe (dia 23).
Proces (volgens Tiangong Kaiwu, 1637):
1. Plantaardige schors wordt gesneden en gepeld.
2. Schors wordt geweekt in water (maceratie).
3. Daarna gedroogd in de zon.
4. Vervolgens gekookt in houtas-oplossing →
volledige defibratie (vezelbreking).
5. De vezels worden gemengd met water en kalk (lime) → cellulose
lost op.
6. Een bamboemal met zeef wordt in de pulp gedompeld; vezels
blijven op het zeefoppervlak (dia 26).
7. De vellen worden gedroogd in de zon (foto’s Chiang Mai, Thailand,
dia 28–29).
VERSPREIDING NAAR HET WESTEN (DIA 31–37)
751 n.Chr. – Slag bij Talas:
o Tang-dynastie (China) verliest tegen Abbasiden → kennis van
papierproductie verspreidt.
Samarkand (8e eeuw):
o Belangrijk centrum van papierproductie.
o Geroemd door keizer Babur (Mogol-dynastie, dia 34).
794–795: oprichting van de eerste papierfabriek in Bagdad (kalief
Haroun-al-Rachid).
9e eeuw: verspreiding naar Egypte.
10e eeuw: verspreiding naar Tunesië en Marokko.
11e eeuw: Fez (Noord-Afrika) → in de vroege 13e eeuw ca. 400
papiermolens.
INTRODUCTIE IN EUROPA (DIA 38–43)
Spanje (10e eeuw):
o Eerste papiermolens in Sevilla en Cadiz.
o Later ook in Xàtiva (1056) en Toledo (1085).
2
, Citaat van Peter the Venerable (abt van Cluny):
o “The books we read are made with skins of ram, veal, or papyrus, or
paper made out of rags.” (dia 39)
Italië (12e–13e eeuw):
o Papier bereikt Italië via handelsroutes en kruistochten.
o Fabriano (1276): eerste papiermolen in Centraal-Italië.
Innovaties:
Hydraulische kracht
Watermerken
Viltlagen
Gelatine
Droogzolders (dia 42)
Frankrijk:
o 1348: Troyes
o 1354: Essones (nabij Parijs)
o 1376: Saint-Cloud (ook nabij Parijs)
o 15e eeuw: uitbreiding naar Normandië, Bretagne en Centraal-
Frankrijk.
Belang:
o Italië = belangrijkste producent, daarna Frankrijk.
o Tot de 18e eeuw: papier uit vodden (linnen, hennep).
o 19e eeuw: papier uit hout → industrialisatie → verdwijning van
traditionele molens.
o 20e eeuw: grootste productie in Noord-Europa, VS en Zuid-
Afrika.
4. PAPIERPRODUCTIE IN VROEGMODERN EUROPA (CA. 1400–1800)
BRONNEN (DIA 44)
Joseph-Jérôme Lefrançois de Lalande, Art de faire le papier (1761).
Denis Diderot & Jean d’Alembert, Encyclopédie (1751–1772).
PLAATSEN EN MATERIALEN (DIA 45–48)
Papiermolens werden gebouwd bij water van hoge
kwaliteit (Dürer, Wire-drawing Mill).
Waterkanalen werden opgesplitst:
o één stroom voor aandrijving van het waterrad,
o één voor het spoelen van pulp.
Grondstoffen:
o Vodden (linnen, vlas, hennep).
o Katoen = zeldzaam en duur.
Voorwaarde: voldoende afstand van de stad (vervuiling vermijden), maar
niet te ver (transport).
HET PAPIERPROCES – 7 STAPPEN (DIA 49–88)
3
, 1. Selecteren en sorteren van vodden (délissage)
Sortering op kleur, sterkte en fijnheid: fijn – medium – grof.
Vrouwen deden dit werk – vereiste vaardigheid.
2. Retting (fermentatie / maceratie)
Vodden weken 1–12 weken in koud water (in rettery/pourrissoir).
Kalk (lime) toegevoegd: versnelt afbraak, voorkomt vergeling.
Resultaat = zachte, homogene pulp.
3. Stamperbeating en wassen
Houten hamers (met metalen nagels) → aangedreven door waterkracht.
Drie fasen:
1. grove breking,
2. verfijning,
3. liquefactie.
Continu spoelen met schoon water.
1650–1680: uitvinding van de Hollander Beater → efficiënter,
aangedreven door windmolens.
4. Sheet forming (velvorming)
Mould + deckle: houten raam met metalen draden bepaalt formaat.
Drie arbeiders:
o Vatman: dompelt mal in pulp en schudt om vezels gelijkmatig te
verdelen.
o Coucher: tilt nat vel van de mal en legt het op vilt (couching).
o Layer: scheidt en stapelt vellen (post).
Watermerken (brass figuren) = identificatie van herkomst en tijd.
Ketenlijnen (vergeures): horizontale lijnen in vroegmodern papier.
Persen: handpers (30–50 ton) → gladheid en droging.
5. Drogen
Vellen opgehangen aan spurs in droogzolder, 3–5 dagen.
6. Sizing (gelatinebad)
Dompeling in gelatine (dierlijk afval) + alum → stevigheid, weerstand
tegen inkt.
Warm bad → daarna persen (tot 2500 vellen) → drogen → 2e pers (12 uur).
7. Finishing (afwerking)
Polijsten / burnishing met gladde steen.
Kwaliteitscontrole: sorteren van de beste vellen.
5. PARCHMENT (PERKAMENT) (DIA 89–96)
Ontstaan in Pergamon (Turkije), 2e eeuw v.Chr.
4