Deel 1. Algemene inleiding tot het recht
recht
● objectief recht
○ ‘volgens het recht moet ik stoppen voor een rood licht’
● subjectief recht
○ ‘ik heb het recht op vrije meningsuiting’
1.1 Objectief recht: begripsomschrijving
regels:
- indicatieve regels: het is en kan niet anders
gedragsregels:
- wat wel anders kan maar niet anders mag
rechtsregel:
- moet niet noodzakelijk gemaakt zijn door de wet
objectief recht:
=geheel van gedragsregels die afdwingbaar (sanctioneerbaar) gesteld zijn door de overheid
⇒overheid moet kunnen sanctioneren
sanctie: vb. schadevergoeding
straf: vb. gevangenisstraf, geldboete, werkstraf
→niet alle sancties zijn straffen, maar alle straffen zijn sancties
→straffen worden toegepast wnr er een overtreding is van het strafrecht
vb. diefstal
1) gedragsregels
● voorschriften die worden opgelegd om ons gedrag in bepaalde richting te sturen
● →gedragsregels beperken persoonlijke vrijheid: ‘wat anders kan, maar niet anders mag’
2) afdwingbaar gesteld door de overheid
● ‘alle rechtsregels zijn gedragsregels, maar niet alle gedragsregels zijn rechtsregels’
● →gedragsregels missen juridische afdwingbaarheid om rechtsregels genoemd te worden
● “afdwingbaarheid”
○ aanwezigheid v technieken, sancties, waarmee naleving v gedragsregels wordt
gewaarborgd
○ zorgt ervoor dat men regels niet ongestoord kan neerleggen
opgelet: ‘alle rechtsregels zijn afdwingbare rechtsregels maar niet alle afdwingbare regels zijn
rechtsregels’
vb. spelregels bij voetbal is afdwingbaar (overtreding kan men uitgesloten/geschorst worden) maar ze
zijn geen recht
beleefdheidsregels: hebben sanctie (afkeuring) (geen sprake v recht)
morele regels (geweten): hebben sanctie (geen sprake v recht)
Recht= als naleving vd gedragsregels afgedwongen wordt door de overheid (staatsapparaat)
opmerking:
● betekent niet dat ze tot stand moeten worden gebracht door de overheid
rechtsregels kunnen van andere instanties of burgers uitgaan, maar afdwingen ervan gebeurt
via overheid
1
, ● ‘sanctie’ valt niet volledig samen met begrip straf
○ sanctionering: opleggen v straf (vb gevangenisstraf/boete/werkstraf) maar niet altijd
○ strafsancties worden enkel opgelegd bij misdrijven
■ misdrijf: schending v strafrechtsregels
■ wie andere strafrechtelijke regels overtreedt zal geen straf krijgen maar
afdwingingsmiddelen vb schadevergoeding
● sommige gedragsregels zijn zowel morele regels als rechtsregels (dus dubbelafdwingbaar:
via geweten en overheid)
● hulpregels:
○ sommige rechtsregels lijken niet afdwingbaar tot je ze samenleest met andere regels
○ vb regels waarin bepaald begrip wordt gedefinieerd
doel objectief recht
orde en rechtszekerheid brengen in maatschappij
❖ orde
➢ Zonder rechtsregels is er chaos. Mensen zouden hun eigen ding doen.
❖ rechtszekerheid
➢ door rechtsregels weten mensen waar ze aan toe zijn, wat hen te wachten staat als
ze zich op bepaalde manier gedragen, hebben minder gevoel dat ze aan willekeur
onderworpen zijn
1.2 Subjectief recht: begripsomschrijving
= een (door het objectief recht) erkende aanspraak, bevoegdheid of macht die een persoon heeft om
iets te doen, te laten, te krijgen of te eisen.
sommige subjectieve rechten komen enkel toe aan personen of groepen v personen die aan
bepaalde voorwaarden voldoen
vb
- personen v bepaalde leeftijd mogen alcoholische dranken kopen
- enkel recht op fiscale aftrekbaarheid v giften als gift bepaald gedrag overschrijdt
○ vb. minder belastingen betalen wnr je €40 gift aan goede doelen
mensenrechten/grondrechten/fundamentele rechten
⇒ rechten die toekomen aan ieder mens zonder voorwaarden
○ burgerlijke rechten
■ overheid mag zich niet bemoeien met privacy
vb. je hebt recht op leven, vrijheid en veiligheid
○ politieke rechten
■ overheid mag zich wel bemoeien
vb. iedereen mag meedoen aan verkiezingen en zich verkiesbaar stellen
○ economische, sociale, culturele rechten
■ bieden waarborg om te kunnen deelnemen aan staatsgezag
vb. je hebt recht op sociale zekerheid
2
,2 De bronnen van het (objectief) recht
= verschillende vormen waarin rechtsregels kunnen worden uitgedrukt
in België rechtsbronnen
● wetgeving (in ruime zin)
● gewoonte
● algemene rechtsbeginselen
● rechtspraak
● rechtsleer
● sommige private regelgeving
2.1 De wetgeving in ruime zin
omschrijving
belangrijkste rechtsbron→wetgeving
● federale wetten:
○ wetgeving gestemd door federale parlement
=wetten in enge zin
■ herkennen aan woord ‘wet’ in de titel
■ vb ‘wet 22 augustus 2002 betreffende…’
● decreten en ordonnanties:
○ wetgeving gestemd door deelstaat in ons land
○ vb ‘Decreet 7 mei betreffende…’
● beslissingen van de uitvoerende macht:
○ Koninklijke Besluiten, Ministeriële Besluiten, Besluiten van een gemeenschaps-of
gewestregering, gemeentelijke en provinciale verordeningen
→Hierbij bestaat er hiërarchische verhouding.
→ Lagere mogen niet in strijd zijn met hogere. Als dat wel geval is dan moet hoogste norm worden
toegepast en lagere norm buiten beschouwing gelaten worden
hiërarchie:
1. De grondwet en de internationale normen (vb E.V.R.M)
2. Federale wetten, decreten, ordonnanties
3. Koninklijke Besluiten, Ministeriële Besluiten, besluiten van gemeenschaps-en
gewestregeringen
4. Provinciale verordeningen
5. Gemeenschappelijke verordeningen
wetgeving vinden→Belgisch Staatsblad
2.2 De gewoonte
rechtsgewoonten zijn de gevestigde, ongeschreven gebruiken die door gemeenschap als bindende
rechtsregels worden beschouwd
vb. wnr ambtenaar vd burgerlijke stand overlijden v persoon moet vaststellen is het ‘de gewoonte’ dat
hij zich tevredenstelt met een attest v overlijden dat is opgesteld door een geneesheer
2.3 De algemene rechtsbeginselen
= ongeschreven regels die op bepaald ogenblik essentieel worden geacht voor de samenleving
3
, vb.
● verbod van eigenrichting (wie zegt op iets recht te hebben, maar het niet op vreedzame
manier verkrijgt, moet omweg via rechter maken)
● bescherming vd zwakken
● eerbiediging vd menselijke persoon
2.4 De rechtspraak
geheel van rechterlijke uitspraken:
● vonnissen vd rechtbanken
● arresten vd hoven
● uitspraken vd andere rechtscolleges
over de geschillen die hen worden voorgelegd
uitspraak vd rechter is alleen bindend voor de partijen die bij rechtszaak betrokken zijn.
→hierin belangrijk verschil met: wet in materiële zin, de gewoonte, de algemene rechtsbeginselen, die
algemeen bindende voorschriften zijn
rechterlijke uitspraken, zeker als ze uitgaan v hoven (hogere rechtbank) vaak nagevolgd door lagere
rechtbanken, wnr ze worden geconfronteerd met gelijkaardig rechtsconflict
→rechtspraak is gezaghebbende bron
rechterlijke uitspraken zijn een belangrijke aanvulling op de wet, telkens wnr de wet onvolledig of
onduidelijk is.
Wetgeving regelt niet alles, vertoont tekortkomingen
→opdracht vd rechter om die tekortkomingen op te vullen en op die manier nieuw recht te scheppen.
⇒taak vd rechter dus meer dan mechanisch toepassen v abstracte regel op concreet geval
2.5 De rechtsleer
= geheel vd publicaties waarin rechtsgeleerden hun opvattingen over recht meedelen (handboek,
artikels in tijdschriften, noten bij rechterlijke uitspraken).
is gezaghebbende bron: niet algemeen bindend maar kan wel grote invloed uitoefenen op wetgeving
en rechters
2.6 Private regelgeving
private personen (wij) kunnen rechtsregels tot stand brengen
→overeenkomsten (die aan geldigheidsvoorwaarden voldoen) die tussen 2 personen zijn aangegaan
bindend voor die 2 partijen
wordt overeenkomst niet nageleefd→naleving kan afgedwongen worden via overheid (vb rechtbank).
geldige overeenkomsten→bron van recht(regels), althans voor contracterende partijen
= “alle overeenkomsten die wettig zijn aangegaan, strekken degene die ze hebben aangegaan, tot de
wet”
4
recht
● objectief recht
○ ‘volgens het recht moet ik stoppen voor een rood licht’
● subjectief recht
○ ‘ik heb het recht op vrije meningsuiting’
1.1 Objectief recht: begripsomschrijving
regels:
- indicatieve regels: het is en kan niet anders
gedragsregels:
- wat wel anders kan maar niet anders mag
rechtsregel:
- moet niet noodzakelijk gemaakt zijn door de wet
objectief recht:
=geheel van gedragsregels die afdwingbaar (sanctioneerbaar) gesteld zijn door de overheid
⇒overheid moet kunnen sanctioneren
sanctie: vb. schadevergoeding
straf: vb. gevangenisstraf, geldboete, werkstraf
→niet alle sancties zijn straffen, maar alle straffen zijn sancties
→straffen worden toegepast wnr er een overtreding is van het strafrecht
vb. diefstal
1) gedragsregels
● voorschriften die worden opgelegd om ons gedrag in bepaalde richting te sturen
● →gedragsregels beperken persoonlijke vrijheid: ‘wat anders kan, maar niet anders mag’
2) afdwingbaar gesteld door de overheid
● ‘alle rechtsregels zijn gedragsregels, maar niet alle gedragsregels zijn rechtsregels’
● →gedragsregels missen juridische afdwingbaarheid om rechtsregels genoemd te worden
● “afdwingbaarheid”
○ aanwezigheid v technieken, sancties, waarmee naleving v gedragsregels wordt
gewaarborgd
○ zorgt ervoor dat men regels niet ongestoord kan neerleggen
opgelet: ‘alle rechtsregels zijn afdwingbare rechtsregels maar niet alle afdwingbare regels zijn
rechtsregels’
vb. spelregels bij voetbal is afdwingbaar (overtreding kan men uitgesloten/geschorst worden) maar ze
zijn geen recht
beleefdheidsregels: hebben sanctie (afkeuring) (geen sprake v recht)
morele regels (geweten): hebben sanctie (geen sprake v recht)
Recht= als naleving vd gedragsregels afgedwongen wordt door de overheid (staatsapparaat)
opmerking:
● betekent niet dat ze tot stand moeten worden gebracht door de overheid
rechtsregels kunnen van andere instanties of burgers uitgaan, maar afdwingen ervan gebeurt
via overheid
1
, ● ‘sanctie’ valt niet volledig samen met begrip straf
○ sanctionering: opleggen v straf (vb gevangenisstraf/boete/werkstraf) maar niet altijd
○ strafsancties worden enkel opgelegd bij misdrijven
■ misdrijf: schending v strafrechtsregels
■ wie andere strafrechtelijke regels overtreedt zal geen straf krijgen maar
afdwingingsmiddelen vb schadevergoeding
● sommige gedragsregels zijn zowel morele regels als rechtsregels (dus dubbelafdwingbaar:
via geweten en overheid)
● hulpregels:
○ sommige rechtsregels lijken niet afdwingbaar tot je ze samenleest met andere regels
○ vb regels waarin bepaald begrip wordt gedefinieerd
doel objectief recht
orde en rechtszekerheid brengen in maatschappij
❖ orde
➢ Zonder rechtsregels is er chaos. Mensen zouden hun eigen ding doen.
❖ rechtszekerheid
➢ door rechtsregels weten mensen waar ze aan toe zijn, wat hen te wachten staat als
ze zich op bepaalde manier gedragen, hebben minder gevoel dat ze aan willekeur
onderworpen zijn
1.2 Subjectief recht: begripsomschrijving
= een (door het objectief recht) erkende aanspraak, bevoegdheid of macht die een persoon heeft om
iets te doen, te laten, te krijgen of te eisen.
sommige subjectieve rechten komen enkel toe aan personen of groepen v personen die aan
bepaalde voorwaarden voldoen
vb
- personen v bepaalde leeftijd mogen alcoholische dranken kopen
- enkel recht op fiscale aftrekbaarheid v giften als gift bepaald gedrag overschrijdt
○ vb. minder belastingen betalen wnr je €40 gift aan goede doelen
mensenrechten/grondrechten/fundamentele rechten
⇒ rechten die toekomen aan ieder mens zonder voorwaarden
○ burgerlijke rechten
■ overheid mag zich niet bemoeien met privacy
vb. je hebt recht op leven, vrijheid en veiligheid
○ politieke rechten
■ overheid mag zich wel bemoeien
vb. iedereen mag meedoen aan verkiezingen en zich verkiesbaar stellen
○ economische, sociale, culturele rechten
■ bieden waarborg om te kunnen deelnemen aan staatsgezag
vb. je hebt recht op sociale zekerheid
2
,2 De bronnen van het (objectief) recht
= verschillende vormen waarin rechtsregels kunnen worden uitgedrukt
in België rechtsbronnen
● wetgeving (in ruime zin)
● gewoonte
● algemene rechtsbeginselen
● rechtspraak
● rechtsleer
● sommige private regelgeving
2.1 De wetgeving in ruime zin
omschrijving
belangrijkste rechtsbron→wetgeving
● federale wetten:
○ wetgeving gestemd door federale parlement
=wetten in enge zin
■ herkennen aan woord ‘wet’ in de titel
■ vb ‘wet 22 augustus 2002 betreffende…’
● decreten en ordonnanties:
○ wetgeving gestemd door deelstaat in ons land
○ vb ‘Decreet 7 mei betreffende…’
● beslissingen van de uitvoerende macht:
○ Koninklijke Besluiten, Ministeriële Besluiten, Besluiten van een gemeenschaps-of
gewestregering, gemeentelijke en provinciale verordeningen
→Hierbij bestaat er hiërarchische verhouding.
→ Lagere mogen niet in strijd zijn met hogere. Als dat wel geval is dan moet hoogste norm worden
toegepast en lagere norm buiten beschouwing gelaten worden
hiërarchie:
1. De grondwet en de internationale normen (vb E.V.R.M)
2. Federale wetten, decreten, ordonnanties
3. Koninklijke Besluiten, Ministeriële Besluiten, besluiten van gemeenschaps-en
gewestregeringen
4. Provinciale verordeningen
5. Gemeenschappelijke verordeningen
wetgeving vinden→Belgisch Staatsblad
2.2 De gewoonte
rechtsgewoonten zijn de gevestigde, ongeschreven gebruiken die door gemeenschap als bindende
rechtsregels worden beschouwd
vb. wnr ambtenaar vd burgerlijke stand overlijden v persoon moet vaststellen is het ‘de gewoonte’ dat
hij zich tevredenstelt met een attest v overlijden dat is opgesteld door een geneesheer
2.3 De algemene rechtsbeginselen
= ongeschreven regels die op bepaald ogenblik essentieel worden geacht voor de samenleving
3
, vb.
● verbod van eigenrichting (wie zegt op iets recht te hebben, maar het niet op vreedzame
manier verkrijgt, moet omweg via rechter maken)
● bescherming vd zwakken
● eerbiediging vd menselijke persoon
2.4 De rechtspraak
geheel van rechterlijke uitspraken:
● vonnissen vd rechtbanken
● arresten vd hoven
● uitspraken vd andere rechtscolleges
over de geschillen die hen worden voorgelegd
uitspraak vd rechter is alleen bindend voor de partijen die bij rechtszaak betrokken zijn.
→hierin belangrijk verschil met: wet in materiële zin, de gewoonte, de algemene rechtsbeginselen, die
algemeen bindende voorschriften zijn
rechterlijke uitspraken, zeker als ze uitgaan v hoven (hogere rechtbank) vaak nagevolgd door lagere
rechtbanken, wnr ze worden geconfronteerd met gelijkaardig rechtsconflict
→rechtspraak is gezaghebbende bron
rechterlijke uitspraken zijn een belangrijke aanvulling op de wet, telkens wnr de wet onvolledig of
onduidelijk is.
Wetgeving regelt niet alles, vertoont tekortkomingen
→opdracht vd rechter om die tekortkomingen op te vullen en op die manier nieuw recht te scheppen.
⇒taak vd rechter dus meer dan mechanisch toepassen v abstracte regel op concreet geval
2.5 De rechtsleer
= geheel vd publicaties waarin rechtsgeleerden hun opvattingen over recht meedelen (handboek,
artikels in tijdschriften, noten bij rechterlijke uitspraken).
is gezaghebbende bron: niet algemeen bindend maar kan wel grote invloed uitoefenen op wetgeving
en rechters
2.6 Private regelgeving
private personen (wij) kunnen rechtsregels tot stand brengen
→overeenkomsten (die aan geldigheidsvoorwaarden voldoen) die tussen 2 personen zijn aangegaan
bindend voor die 2 partijen
wordt overeenkomst niet nageleefd→naleving kan afgedwongen worden via overheid (vb rechtbank).
geldige overeenkomsten→bron van recht(regels), althans voor contracterende partijen
= “alle overeenkomsten die wettig zijn aangegaan, strekken degene die ze hebben aangegaan, tot de
wet”
4